AP ?T AQPUAïT. 0UD EN JONG IN Ui I Ak5l llALll DE HOOFDSTAD ZATERDAG 13 APRIL 1929 EEN SWEEPSTAKE VAN EEN MILLIOEN POND- (Van onzen Londenschen correspondent) Het is zoo goed als zeker dat de sweep sta ke van de Londensche Effectenbeurs dit jaar een bedrag van een millioen pond zal berei ken. Deze sweep stake komt overeen met een kolossale loterij, waarbij de uitslag van den Derby-paardenren de prijzen bepaalt, Hoewel het nog twee maanden zal duren voordat de paarden van de Derby aldus een aantal nieuwe kapitalisten zullen maken, heeft het comité van de „Stock Exchange", dat deze machtige gokkerij organiseert, reeds 750000 kaarten a 1 pond sterling per stuk verkocht. Men kan gerust aannemen, dat de rest in den loop der eerstvolgende weken van de hand zal gaan. Het zal do grootste pot worden die ooit in de „Stook- exchange Sweep" is verdeeld. Het, record op dit gebied heeft tot. nu toe op naam gestaan van de „Calcutta Sweep", die door de Turf Club van Calcutta wordt georganiseerd. Sweep stakes en loterijen zijn hier bij de wet verboden. En er zijn reeds weer ingezonden stukken in de dagbladen verschenen waarin ontstelde burgers, die in deze. ondernemin gen enkel kwaad zien. aan dit wettelijk ver bod herinneren. Zij wijzen er op dat een nederig winkelier, die een „raffle" (loterij met waren of goederen als prijzen) zou wil len organiseeren, de hand van het gezag In alle zwaarte zou voelen. En zij vragen waar om dan zulk een geweldige gokpartij, ala door de beursheeren wordt georganiseerd, vrij-uit kan gaan. Het antwoord op deze re delijke vraag is waarschijnlijk dat de regee ring, of het Gezag, deze door traditie bijna gesanctionneerde „sweeps" om enorme be dragen door de vingers ziet omdat ze of Het er niet veel kwaads in kan ontdekken. Daarenboven dragen deze loterijen een zoo genaamd besloten karakter. De loten of kaarten zijn alleen beschikbaar (in theorie) voor de leden van de Effectenbeurs, die zo echter bij bundels tegelijk koopen en onder het publiek van de hand doen. En de wet geving treft feitelijk alleen openbare lote rijen of sweep stakes. De „Stock Exchange Sweep" en die van Calcutta worden dan ook niet in openbare organen geadverteerd. De Stock Exchange Sweep werd '27 jaar geleden begonnen door een Schot, J. J. Hamilton. Het eerste jaar bedroeg het prijzengeld 100 pond sterling en de eerste prijs 60 pond sterling. Het tweede jaar had men twee maanden tijd noodig om 500 kaarten te verkoopen. Dit jaar verkocht men in de week voor Paschen 500000 kaarten en zal het totaal een mil lioen worden. Men schijnt nu niet voorne mens te zijn het grootste deel van dit be drag als eersten prijs beschikbaar te stellen maar of de „sweep" te splitsen In twee van een half millioen pond of het aantal hooge prijzen te vermeerderen. Do kans op een prijs is uiterst gering daar er zelden meer dan dertig paarden in de Derby loopen. In- tusschen zal de onderneming weer een half dozijn nieuwe milüonnairs (in Nederland- sche guldens) scheppen. VERVALSCHTE KUNSTWERKEN Waarschijnlijk is geen categorie van men- schen gemakkelijker te bedriegen dan de ge wone verzamelaar van schilderijen en „an tiek". En zelfs deskundigen worden er nog wel tusschen genomen. Hoe wordt de echtheid van een kunstwerk uitgemaakt? Kleurenharmonie, de manier waarop de kleuren zijn aangebracht, de dikte van de verf, op deze en nog een dozijn an dere bijzonderheden let de expert en zij zeggen hem veel. En hij is zoo doorkneed in deze zaken dat het soms schijnt dat hij zich louter door Instinct laat leiden. Tegenwoordig wordt de X-stralen-proef vaak toegepast. Hierdoor kan worden uitge maakt of een andere hand dan die van den schilder iets aan de schilderij heeft toege voegd en of het schilderstuk overgeschil derd is. Een „nagemaakt" schilderij zal altijd de spontaneïteit missen, die een origineel werk kenmerkt. Wie een copie met het echte kunstwerk vergelijkt zal zien dat de copie altijd veel „stijver" is. Vervalschingen wor-Jen dikwijls gemaakt lang nadat het origineel vervaardigd werd en zulk een vervalsching is meestal gemak kelijk te ontdekken omdat veranderingen, die door den tijd zijn ontstaan, zeer moeilijk nagebootst kunnen worden. Veel meer moeilijkheden geven copicén van werken van tijdgenootcn. Maar een waarlijk deskundige (niet de belangstellende leek) weet ook deze te overwinnen. PRENTBRIEFKAART EN GRAMOFOONPLAAT. T In Engeland zijn nu prentbriefkaarten in iden handel gebracht, die tevens dienst doen-als.... gramofoonplaat. In het mid den van de kaart is n.l. een kleine gramo foonplaat aangebracht. De kaart wordt op de gewone wijze op de gramofoonschijf be vestigd en men hoort dan een kort populair lied zingen of een korte toespraak. Veel worden de kaarten gebruikt voor het over brengen van een gelukwensch bij gelegen heid van verjaardagen. Wordt de kaart door een dame afgezonden dan wenscht een lieve vrouwenstem u „nog vele gelukkige jaren"; is het een man, die u de kaart zendt, dan (zult ge een volle, krachtige mannenstem hooren, die u feliciteert. Toen aan de Koningin van Engeland on langs op een tentoonstelling deze kaarten werden getoond, toonde zij zich er zeer mede ingenomen. Zij nam er eenige mee om ze aan den Koning te laten zien. De kaarten zijn zoo stevig dat ze gerust per post kunnen verzonden worden zonder dat het gramofoonplaat je breekt. NIEUWE ENGELSCHE VLIEGTUIGEN. Imperial Airways zal binnenkort nieuwe typen verkeersvliegtuigen in de vaart bren gen. De machines zullen veertig passagiers dragen en voorzien zijn van vier motoren. Het zijn tweedekkers met 2000 paarden krachten, gelijkelijk verdeeld over de vier motoren. De motoren zijn geplaatst op de vleugels, twee op elk dier vleugels of draag vlakken, en natuurlijk aan weerszijden van de kajuit en romp. De kajuit is gemonteerd onder de draagvlakken, hetgeen twee voor- deelen heeft, onbelemmerd uitzicht voor de passagiers en verminderden hinder van het geraas der motoren, die aldus op goeden af stand van de kajuit zijn geplaatst. Dit doel wordt voorts nog gediend door het voorge deelte van den romp aan te wenden voor vrachtgoedruimte en voor het buffet. DE ELECTRISCHE PILOOT. Een Fransche uitvinder heeft voorspeld dat het mogelijk zal worden vliegmachines door verraderlijke berggroepen te leiden door middel van ondergrondsche electrische kabels. Gevoelige instrumenten in de cabine zouden, verklaart hij, den piloot in staat stellen een kabel in den grond 8000 voet beneden hem te volgen. Een dergelijk systeem is met succes be proefd om een schip een haven binnen te brengen. De leidende electrische kabel wordt ,dan in den bodem der zee gelegd. DE HUNNEN. De Romeinsche schrijver Amminianus Hercellinus, die in de tweede helft van de vierde eeuw leefde en een geschiedenis van de Romeinsche keizers schreef, beschrijft de Hunnen, die hij uit eigen aanschouwing kende, als volgt: De Hunnen overtreffen alle volkeren aan barbaarsche wildheid. De jongens worden dadelijk na hun geboorte met een mes de wangen doorstoken, opdat op de met lit- teekens doorgroefde huid geen baard zal kunnen groeien. Klein van gestalte, doch breed geschouderd, met een sterken nek ge lijken zij ruw uitgehouwen houten figuren die aan de leuningen van de bruggen staan en men ziet ze aan voor wilde dieren. Hun levensgewoonten zijn wild en ruw, bij het bereiden van him voedsel gebruiken zij vuur, noch zout of specerijen. Ze leven van wortelen van in het wild groeiende planten en van het halfbedorven vleesch van alle mogelijke dieren, dat zij onder hun zadel zacht maken. Huizen mijden ze als het graf, zelfs geen stroodak hebben ze. Steeds zwer ven ze langs bergen en dalen. Koude, hon ger en dorst leeren zij van hun jeugd af verdragen. Hun kleeren zijn van linnen of dierenvellen. Ze dragen steeds en overal de zelfde kleeding en ze ontdoen zich er niet van voor ze als lompen van hun lichaam valt. Met taaie paarden schijnen ze samen gegroeid, dag en nacht zitten ze er op. Ze eten en drinken er op, koopen en verkoopen daarop slapen en droomen ze, doordien ze zich voorover buigen over den hals van het dier. Zelfs bij vergaderingen en bijeenkom sten stijgen ze niet af. DE SLANKE LIJN IN DEN DIERENTUIN. De meeste dieren die in gevangenschap le ven vertoonen neiging om te dik te worden. Zij krijgen natuurlijk niet die lichaamsbewe ging, die zij zouden hebben als zij in vrij heid leefden; zij krijgen regelmatig hun voedsel en als het publiek dat de dierentui nen bezoekt veel met hen op heeft, „snoe pen" zij bovendien te veel tusschen de maal tijden. Hetzelfde is het geval met vele huisdieren. De meeste honden en katten worden op den duur te dik. De beste middelen om dit tegen te gaan zijn veel lichaamsbeweging en een streng diëet. In den Londenschen dierentuin moest on langs een slang een kuur ondergaan, omdat hij te dik werd. Een groote Komodo-slang had te veel eieren gegeten, waarop het pu bliek hem getrakteerd had en begon aan vervetting te lijden. Lichaamsbeweging, in den vorm van dage lij ksche „wandelingen" door het reptielen huis, behoorde bij zijn kuur en het dier kreeg een dieet van ratten, twee keer per week. Ook kreeg hij geregeld wonderolie, die hem dan in een groote, witte rat werd toegediend. SCHILDEREN ONDER GEVAAR LIJKE OMSTANDIGHEDEN. Kunst en avonturen gaan gewoonlijk niet tezamen, toch is er onlangs in Londen een tentoonstelling van schilderijen gehouden, die in West-Afrika zijn vervaardigd door een Engelsch Afrika-schilder en waarvan verschillende het onderwerp zouden kunnen vormen voor een avonturen-verhaal. Vele van deze schilderstukken toch werden door den kunstenaar, Spenser Pryse, in de wildernis vervaardigd. Eens, terwijl hij bezig was een boschtafereel op het doek te bren gen, zag hij zich plotseling omringd door reusachtige :#.vianen. Hij was alleen en onder deze omstandig-, heden zou menigeen zijn tegenwoordigheid van geest verloren hebben. Maar Spenser Pryse ging kalm door met schilderen, terwijl de apen om hem heen stonden te snateren, zijn kwasten aflikten en zijn verf proefden. Eindelijk gingen zij weg. In den oorlog van 19141918 zijn ook heel wat schetsen door teekenaars onder zeer gevaarlijke omstandigheden, ja: onder vijandelijk vuur, gemaakt. Wild door elkaar storten zij zich op alles wat hun in den weg komt. Meestal beginnen zij den aanval en wach ten hem niet af. Doch steeds heffen, bij het op elkaar botsen, de benden een woest krijgsgeschreeuw aan. Buitengewoon lenig, behendig en vlug, verspreiden zij zich in den strijd en jagen terug, om zich tot een nieuwen aanval te verzamelen en dan onder de tegenstanders een vreeselijk bloedbad aan te richten. Een verschansing vallen ze niet aan, een vast legerkamp wagen ze niet te plunderen, om te belegeren ontbreekt hun de volharding. Uit de verte werpen ze speren en schieten ze pijlen af, welke uit beenderen zijn vervaardigd. Bij een handgemeen ge bruiken ze het zwaard. Terwijl de vijand zich verdedigt tegen de sabelhouwen, weten ze hem met de linkerhand 'n net over 't hoofd te werpen, waardoor hij weerloos wordt ge maakt. Niemand hunner bebouwt de velden, nie mand raakt de ploeg aan, zonder dak, zon der wet en recht, zwerven zij rond met hun wagens, die met dierenhuiden overtrokken zijn. De wagens zijn de woonplaatsen van hun smerige vrouwen, daar weven deze hun grove kleeren, daar voeden zij de kinderen op. Trouweloos en ongestadig zijn de Hunnen ook gedurende een wapens'ilstand. Zien ze een kans op winst, dan vergeten ze alles en volgen iedere Ingeving met hartstochte lijken ijver. Ze kennen geen onderscheid tusschen eer baar en oneerbaar. Vol leugens en bedrog zijn ze en ze kennen geen godsdienst. Aan een overeenkomst voelen zij zich niet ge bonden. Ze hebben een onverzadigde dorst naar goud. Dat is het wezen van dit wilde menschengeslacht. EEN WERELDCENTRALE VOOR AFGELEGDE KLEEREN. (f „Heeft u oude kleeren te koop?" Die vraag om oude kleeren hoort men in alle groote steden van de wereld. Wanneer iemand om geld verlegen is kan hij zijn kleeren wel kwijt, al krijgt hij er niet bepaald- veel voor. Dan worden de ge kochte kleeren hersteld, opgeknapt, opge streken en dan worden ze ln een uitdragers winkel te koop gesteld. Deze zaken worden in ons land, evenals in geheel Europa door kleine kooplui ge dreven en zij verdienen daarmede een zeer karig bestaan. In Amerika, in het land der onbegrensde onmogelijkheden, is het evenwel anders, heel anders. Amerikaansche ondernemers weten zelfs ■uit den handel in oude gedragen kleeren, honderdduizenden, ja millioenen dollars te halen. Brooklyn is de wereldcentrale van den handel in gedragen kleeren. Van daaruit worden naar alle werelddeelen afgedragen kleeren geleverd: Siberië, China, Turkije, Perzië, Montenegro, Transvaal, Marokko, Lapland, Finland, zijn goede afzetgebieden. Maar ook Europa krijgt zijn deel van deze „gedragen" zegen. Tegenover de „wolkenkrabbers" van de New Yorksche financieele wereld aan den oever Brooklyn van de East River, staan de geweldige depóts van oude kleeren. Vijf van zulke magazijnen zijn er, die alleen hebben te zorgen dat de gekochte waren worden ge desinfecteerd en hersteld. En jaar in, jaar uit worden uit deze magazijnen voor over de tien millioen dollars kleeren naaf alle vijf werelddeelen gestuurd. De almachtige directeur van deze inrich ting, M. F. Christensen, stond, niet lang geleden, aan een journalist een interview toe, waarbij hij tal van bijzonderheden van het bedrijf vertelde: „Het aantal kleeren", zelde hij, „hetwelk we jaarlijks verkoopen, kan niet precies wordenvastgesteld, want we verkoopen ze ndet per stuk, doch bij gewicht. Gemiddeld "kan worden gezegd, kost een compleet pak uit ons magazijn ongeveer 10 ets. (een kwartje). „Natuurlijk", zoo zeide de direc teur verder, „moeten wij ons streng aan de mode houden. Doch deze mode heeft iets zeer eigenaardigs. China verlangt bijv. hoofdza kelijk broeken, terwijl in Indië de vesten buitengewoon gezocht zijn. We hebben met Afrika een tamel#k levendigen handel. De negers houden evenwel niet van éénkleurige stoffen. Hoe scheller de kleur van de jas is des te beter. Een groene mantel met lila streepen is daar ook wel een halve dollar waard. Inderdaad bezitten we ook talrijke kleeren, 'clie nog in zeer goede condities z^n en weinig gedragen. Want ook de afgelegde kleeren van rijke lieden, ja zelfs van millio- nairs komen, zij het dan ook zonder dat de heeren het weten, tot ons. .Het zou zonde zijn als al die kleeren naar de negers in Afrika werden gezonden. Zulk materiaal blijft in Ameirka of het gaat naar Europa. Zoowel bij ons als in de oude wereld zijn er tal van lieden, die slechts zooveel verdienen, om zich een „tweedehands" pak te kunnen koopen. Ja, ook naar Duitschland en Frankrijk leveren wij. En het kan ge beuren, dat een Europeesche klant, die deze kleeren koopt, een jas aan heeft, die nog kort geleden in het bezit was van een mil lionaire De rolschaats is meer dan ooit in de mode. Op den Dam en op het Spui kunt u getuige zijn van massa-demonstraties, die door 't begrip snelheid gekarakteriseerd worden. Een vaardig rol schaatser heeft maar één gelijke: het schrijverke, de schaatsenrijder, die u over het water van sloofen bliksemsnel ziet kris-krassen, zon der éénmaal te botsen. De overgang van lenige bewegelijkheid naar bijna volmaakte rust gaat via rolschaats naar aapjeskoetsier. Een hardnekkig en standvast ig symbool op het Rembrandtplein, in de ge daante van een voorhistorisch en toch elegant vehikel, met wufte gele spaken in den rooden wielband en er vóór een bedaagd, meerder jarig paardDe oude heer die het geval zwijgend en zittend es corteert leest o ironie een strooibiljet van de Beurs der Dames kroniek.

Krantenviewer Noord-Hollands Archief

Haarlem's Dagblad | 1929 | | pagina 15