'fCuytmoïf
De Mantel der Duisternis
H. D.-VERTELLINGEN
FEUILLETON
STADSNIEUWS
INGEZONDEN MEDEDEEL1NGEN a 60 Ct. par ragal.
Groote Markt 1-7
:H 111.ii :i 1111111111111 n 11 i 11i 'i 1111111111II1111111H U11111111111MJÜ1!
illlllllllllllllllllllllllllllliii
132
HAARLEM'S DAGBLAD
Vlugge voeten, duwende ellebogen, 'n
claxongil, vloc'ken, gelach, 'n gierende sirene,
„armoured car", 'n stomp, snelle stappen,
helsch geschreeuw, politie, hitte: Wallstreet.
Suizende liften, 'n roffel van schrijfma
chines, seinlichten: Washington, Tokio,
Londen; „be short", telefoons, radiogram
men bank.
Vier dagen en vier nachten is er gecon
fereerd, weinig rust, steeds maar praten en
praten en weer praten.
En nu is het morgen. In de kloof van
Wallstreet bruist het rumoer. En de bankier
die machtig is als weinigen, die regeeringen
naar zijn wil kan laten beslissen, die een
Midden-Amerikaansche revolutie op zijn ge
weten hoeft, probeert te rusten. Zijn secreta
rissen houden de journalisten bezig, ver
tellen van 't geen zij weten wat zij los wil
len laten. Een financieele redacteur van
een zijner bladen zal hij zelf ontvangen.
Maar 't is een ander die binnen weet te
komen.
„Ik bewonder uw handigheid en brutali
teit, maar u kunt gaan, ik zeg u niets!"
„Ik zal schrijven, wat u dicteert".
„Ik zeg u niets, u kunt gaan".
„Dicteert u maar, 'k heb weinig tijd".
„Gaat u dan?!"
„Is hot juist, dat
„Ik zeg u, dat u kunt gaan. Uw blad heeft
steeds tegen ons geschreven, uw blad heeft
gefantaseerd van niet^solide, oplichterij,
bankkraak te wachten
„Ik zal schrijven wat u wilt, anders niet".
„Weer eens omgedraaid?"
„Wij geven de publieke opinie weer, die
wisselt ook".
„Gaat u, alstublieft".
„Meneer.
„Gaat u?"
En de man vertrekt en een uur later ver
schijnt een extra-editie van zijn blad met
een „persoonlijk onderhoud" van anderhalve
kolom.
De bankier probeert weer wat te rusten.
Het is morgen en hij heeft vier dagen en vier
nachten bijna onafgebroken geconfereerd.
Er komen belangrijke telegrammen uit
Londen en Buenos Aires, uit San Francisco
en Parijs. De bankier laat terug telegrafeeren.
Hij wacht. Er komen telefoontjes van de
beurs. De aandeelen stijgen.
Rotatiepersen draaien daverend, politie-
versterking rukt aan, Wallstreet dondert van
het lawaai.
860.
865.
875.
De koers stijgt.
Rond de aardbol gaan de radiogrammen.
In Londen en Oslo, Amsterdam en Sidney
trilt de spannine,
880.
886.
902.
De koers vliegt omhoog.
Do bankier dicteert drie secretarissen te
gelijk. Op de beurs wordt gevochten. Extra
edities verschijnen en verdwijnen.
Er komt pauze. Men wacht af. De bankier
wacht af.
Een zenuwachtige secretaris stapt binnen.
„Meneer, daar zijn ze van de Movietone,
of ze een opname van u in uw werkkamer
mogen maken, of u een paar woorden wilt
spreken. Het loopt dan vanavond nog op
Broadway".
„Zeker, tien minuten hoogstens".
En direct schuiven de breede vleugeldeuren
open, toestellcti worden binnengerold. De
regisseur stelt zich voor. De lenzen worden
gericht, de microfoons opgesteld. Klaar.
„Spreekt u wat, iets algemeens, geeft u een
paar kernwoorden".
De toestellen snorren.
„Ik dank do mensohheid voor het ver
trouwen dat zij in ons gesteld heeft. Ik
groet u allen, gij burgers van de States. Ik
ben trotsch Amerikaan te zijn. Slechts door
uw hulp, uw vertrouwen, uw inzicht, zijn
wij geslaagd. Drie hoera's voor 't Amtfikaan-
sche volk.
„Ik voel mij vandaag de' gelukkigste mensch
ter wereld. Als ge maar steeds durft, steeds
INGEZONDEN MEDE DEELINGEN
n 60 Ct*. per regel.
Uit het Engelsch van
SIR WILLIAM MAGNAY.
4.)
Sparkes. een kalm uitziend man van een
jaar of dertig vertelde zijn wedervaren. Hij
had een man opgedragen, om op het paard
te letten en had vervolgens op het perron
op den trein gewacht. De gravin en haar
kamenier waren uitgestapt, v arna hij
laatstgenoemde behulpzaam was geweest,
met het in ontvangst nemen van de bagage.
Daarop had hij de gravin naar de auto be
geleid, terwijl hij haar juweelenkistje droeg,
dat hij op de zitplaats vóór haar had ge
plaatst.. De gravin had hem verzocht zich
te overtuigen dat de kamenier de koffer met
kleeren niet zou vergeten. Dat had hij be
loofd. De gravin had nog „Dank je" ge
zegd. waarna hij het portier had gesloten en
„In orde Judd" had geroepen. Daarna had
hij de auto zien wegrijden. Er kon dan ook
niet de minste twijfel aan bestaan, dat de
gravin in den wagen had gezeten, toen deze
van het station wegreed.
Toen hij zoover met zijn verhaal was ge
vorderd, vroeg sir Henry Delghton:
„Heb je misschien een of ander verdacht
individu op het station of op het stations
plein opgemerkt.??'
„Absoluut niet. Sir Henry."
„Niemand, die speciaal notitie scheen te
r.emen van de gravin, of van het juweelen-
klstie, dat jij droeg?"
„Neen, sir Henry. Ik heb niets verdachts
opgemerkt."
VRIJDAG 27 SEPTEMBER 1929
vertrouwen hebt in u-zelf, zult ge ook slagen
in alles wat ge onderneemt. Weest zuinig,
speculeert met verstand, een cent is het be
gin van een miliioen.
„Goedendag".
„Gaat u even aan de telefoon zitten"
„Dank u". Mag ik even uit het raam op
nemen?" „Dank u".
En de toestellen worden weer weggerold, de
deuren schuiven dicht.
De bankier probeert te rusten. Maar de
telegrammen komen weer binnen, hij moet
spreken met Londen, krijgt berichten uit
Europa en Azië.
De bankier kan niet rusten. Hij is een
machine die denkt en handelt tegelijk, dis
bouwt en vernietigt, die onfeilbaar werkt,
rekent, denkt, maakt, breekt.
De beurs sluit.
De bankier suist in zijn blauwe limousine
door het ravijn dat Broadway heet. Zijn
naam vlamt in rood:? lichtletters voor de
Movietone-theaters, zijn naam staat in de
headlines der kranten. En hij denkt en
rekent nog.
De motorboot snelt de Hudson op, langs
Riverside-drive, langs Yonkers, meert aan
den steiger voor zijn huis
En hij gaat gangen door, den tuin in, en
tilt een schaterenden jongen van drie lentes
met een blonden krullenkop en vuile handen
boven zijn hoofd, boven de bloeiende rozen,
tegen de diep-blauwe lucht, zoodat de zon
goud sprankelt rond het lachende snoetje.
De bankier is óók: Mensch.
GEN. CRONJéSTRAAT COMITé.
ONTBINDINGS VERGADERING.
Het Gen. Cronjéstraat Comité hield na af
loop van de feestweek in die straat Donder
dagavond in Café van den Bos in het Julia-
napark (Haarlem-Noord) een algemeene le
den-, tevens ontbindingsvergadering, onder
leiding van den voorzitter, den heer H. van
Rigteren.
In zijn openingswoord zeide de voorzitter
dat de feestweek uitmuntend geslaagd mag
genoemd worden. Het doel de aandacht op
de straat te vestigen, is volkomen bereikt.
Uit het verslag van den penningmeester,
den heer Douwma bleek, dat er een batig
saldo van 1.30 is.
De voorzitter bracht den penningmeester
een woord van hulde voor zijn beleid.
De secretaris, de heer Timmerman, gaf in
zijn verslag een overzicht van het verloop
der feestweek en van de voorbereidingen.
Dank werd gebracht aan het Gem. Electrici-
teitsbedrijf voor de betoonde medewerking
bij de illuminatie. Veel goede resultaten
worden van de feestweek verwacht. Betreurd
werd het in het verslag, dat van de 147 win
keliers in de straat slechts 77 voor de feest
week hebben bijgedragen.
Ook de secretaris oogstte van den voor
zitter een woord van dank voor zijn vele
bemoeiingen.
Bij de nabetrachting van de feestweek
merkte de voorzitter op dat de muziek in de
straat teleurstellende resultaten heeft opge
leverd, niet door de-muziek zelf, maar door
de houding van een zeker deel van het pu
bliek. Voorts uitte de voorzitter er zijn
vreugde over dat de band tusschen de win
keliers uit de straat door de feestweek hech
ter is geworden. Ook spr. betreurde het dat
niet alle winkeliers uit de straat aan de
feestweek hebben deelgenomen.
Bij de rondvraag brachten de heeren
Korstjens en Fluitsma de oprichting van een
vaste Cronjéstraatvereeniging ter sprake.
De voorzitter zeide dat op dezen avond
alleen de ontbinding van het Cronjéstraat
Comité aan de orde kan komen. Een veree-
niging kan altijd nog worden opgericht.
Overigens stond de voorzitter niet afwijzend
tegenover het denkbeeld. Besloten werd, dat
deze zaak nog eens 'nader zal overwogen wor
den.
Met een kort woord ontbond de voorzitter
daarna het Comité en sloot de vergadering.
DON KOZAKKEN.
Het vermaarde Don Kozakken Koor „Pla-
toff" zal op het concert te Haarlem, Zondag
middag 29 dezer in den Stadsschouwburg
het volgende programma ten gehoore bren
gen:
Wij marscheeren tegen de vijanden (Ar-
changelsky), Het Wolga Lied, Sluimer mijn
meisje (Choumsky), voorts werken van S.
Trailine, M. Sakovitch, Russische populaire
en volksliederen en een Kozakkendans.
„Nadat de auto was vertrokken ben je naar
je eigen rijtuig gegaan?"
„Zeker. Ik heb de kamenier van de gra
vin in mijn rijtuig geholpen en haar den
koffer met kleeren aangereikt. De andere
bagage heb ik op den imperiaal gezet en
daarna ben ik ook weggereden."
„En op het stationsplein en ook op den
terugweg heb je niéts verdachts gezien?"
„Niets. Tenminste niet, voordat we tot op
een halven kilometer van hier waren geko
men."
„En wat was dat?" Allen luisterden ze nu
met kennelijke belangstelling.
,,'t Was juist op het oogenblik dat we het
hek passeerden, dat naar de weide van
Plummer leidt, meneer," ging Spark es voort,
terwijl hij zich meer rechtstreeks tot Con
way wendde, die precies de plek wenschte
te weten.
„Goed, en wat zag je daar?"
„Ik merkte een vreemdsoortig uitziend
man op, die bij het hek stond, een paar pas
sen van den weg af. Hij keek om zich heen,
toen wij voorbij kwamen en in het schijnsel
van de zijlamp kon ik juist een glimp van
zijn gezicht opvangen".
„Een vreemdsoortig uitziend man?"
„Ja, meneer. Hij had zwart haar, nogal
lang, en ook een zwarte snor en baard. Ik
kon hem niet zoo duidelijk opnemen, het
licht bescheen hem maar een oogenblik,
maar ik denk toch wel dat ik hem zou her
kennen."
„Was hij alleen?"
„Dat kan ik niet met stelligheid zeggen. Ik
kon niet duidelijk zien, maar het leek mij
toe, dat hij een dame bij zich had. die
rechts van hem in de schaduw van de heg
stond, die daar zoowat twee en een halven
meter hoog is."
„Wat deed je veronderstellen, dat daar een
dame was?"
JEUGDIGE WERKLIEDEN IN
GEMEENTEDIENST.
HUN TOEKOMST.
De gemeente Haarlem heeft de laatste ja
ren verschillende jeugdige werklieden in
haar dienst.
Men vindt ze aan enkele bedrijven, o.a.
aan de gemeentereiniging, waar er blijkens
de begrooting voor 1930 niet minder dan 17
in dienst zijn als straatveger of hulp-vuilnis
ophaler. Die jeugdige werkkrachten verdie
nen 24.84 of 25.56. Een jeugdig smid ver
dient 25.20 en een jeugdig baggerman
29.97. De loonen voor volslagen werklieden
zijn voor die categorieën respectievelijk ƒ31.05
31.95, en f 33.30.
In het Tijdschrift van den Nederlandschen
Werkloosheidsraad schrijft de heer E. J. van
Det over „De gemeente Haarlem en haar
jeugdige werklieden", dit naar aanleiding
van een rapport over de toekomst van jeug
dige werklieden in dienst der gemeente Haar
lem voor niet vakkundige werklieden, uitge
bracht aan de Commissie van Overleg in
Werkliedenzaken. Schrijvers conclusie is, dat
hier niet voldoende waarborg wordt gevon
den, dat de bedoelde jongens later een plaats
zullen kunnen krijgen als genoeg geschoolde
arbeiders.
HET VOLKSUNIVERSITEITSPROGRAMMA
VÓÓR KERSTMIS.
De Volksuniversiteit biedt wederom aan
haar leden en cursisten „elk wat wils". Als
we de inhoudsopgave van het programma
boekje opslaan, dat ook ditmaal weer bij de
boekhandelaars gratis verkrijgbaar gesteld
is, ontwaren we luistercursussen, werkcur-
sussen taalcursussen er is een Engelsche
cursus bijgekomen, te geven door den heer
F. P. v. d. Voorde leeraar aan de H. B. S.
aan hei Santpoorterplein een leescurSus
over Vondel door Mevrouw van den
Bergh van EysingaElias, declamatie
avonden, film vertooningen, enz.
Wij zullen het over al die cursussen niet
hebben. Docenten als D. van Staveren met
zijn altijd aantrekkelijke filmdemonstraties,
Prof. dr. G. A. v. d. Bergh van Eysinga
ditmaal met het belangwekkende onderwerp
Invloed van Indische wijsbegeerte op de
moderne Theosofie behoeven geenerlei
aanbeveling. Daarvoor hebben hun namen
in Haarlem te goeden klank gekregen.
Evenmin behoeft veel gezegd te worden
over leergangen als van Prof. G. J. Thierry
over Het Oude Testament, Huib Luns over
de schoonheden van Venetië, Florence en
Rome, of van mej. dr. Frida van Hasselt over
Hygiëne der vrouw. De laatste cursus, na
tuurlijk alleen voor vrouwen toegankelijk,
is een bij uitstek practische leergang, waar
van het sociale nut niet meer in den breede
betoogd behoeft te worden. Prof. Thierry is
behalve een uitnemend kenner van de Oud-
Oostersche wereld benevens den invloed, die
daarvan uitgegaan is op de cultuur en den
godsdienst der Joden, een populair en
boeiend spreker, die zonder twijfel de kleine
schare belangstellenden in een onderwerp
als het zijne tot het einde toe zal weten te
enthousiasmeeren.
Iets aparts- moet alleen gezegd worden
over den cursus van dr. P. H. Ritter en
Mr. P. Oosting, beide uit Utrecht. Zij heb
ben een origineel onderwerp gekozen. De de
tective-roman en zijn daarbij van het idee
uitgegaan, dat het misschien wel eens nuttig
is voor een volksuniversiteit om cursussen te
organiseeren niet alleen over de waardevol
le literatuur maar ook over de waardelooze,
de amusementsliteratuur. Zullen de slacht
offers van dit soort van boeken op den cur
sus komen? Het is te hopen. Het is niet al
leen de bedoeling der beide heeren ons in
een achttal avonden het publiek eens te la
ten zien, hoe zij literair en dus ook pecuniair
'bij den neus worden genomen, wanneer zij
dit soort van boeken lezen, maar ook om de
sociale beteekenis van dit soort van boe
ken aan te duiden. „Hoe komt men door de
lectuur van de detective-verhalen tot de
misdaad?" Deze vraag zal Mr. Oosting, sub
stituut-officier van justitie, trachten te be
antwoorden. Met lichtbeelden. De beide laat
ste avonden zullen bestaan uit een dialoog
tusschen beide sprekers: opsporings-ambte-
naar en detective-literator. Het is te ho
pen, dat veel stacigenooten zich op zullen
maken cm dezen interessanten en origineelen
cursus, die nu eens niet door de radio te ge
nieten valt, bij te wonen. Stellig om het aan-
aantrekkelijke ervan nog te verhoog en,
heeft liet bestuur van de V. U. voor deelne
mer- aan dezen cursus het bijwonen van den
leergang van de dames mevrouw H. Roland
Holstv. d Schalk en Liesbeth Sanders
Herzberg over „Hoogtepunten van Neder-
lano'sche poëzie" hier dus meer de
schoone literatuur; met declamatie
gemakkelijk gemaakt door reductie toe te
staan op den prijs.
„Ik meende iets van een damesmantel te
zien bij het hek, meneer".
„Het gezicht van de dame of haar hoofd
heb je dan niet gezien, wel?"
„Neen, meneer, Het bovenlichaam van
iemand, die op die plaats staat, blijft ver
borgen in de schaduw, die de heg in de rich
ting van het hek werpt".
Hier viel hem de kamenier, die reeds onge
duldige teekenen van te willen spreken had
gegeven, in de rede:
„Ik zag den man en den mantel, monsieur"
riep zij uit, en ik ben er zeker van
Sir Henry legde zijn vinger op zijn lippen.
Een oogenblik!" Zoodra Sparkes met zijn
verhaal klaar is, komt u aan het woord."
„Best meneer", antwoordde het meisje, dat
zich geweld scheen te moeten aandoen, om
Sparkes niet opnieuw in de rede te vallen.
„Is dat alles, wat je te vertellen hebt,
Sparkes, vroeg sir Henry. „Dus je hebt al
leen maar gezien, dat dat vreemdsoortige
heerschap om zich heen keek en dat een
dame met een mantel aan in zijn gezelschap
scheen te zijn. Heb je niet meer omgeke
ken?"
„Neen, meneer. Ik zou in het donker toch
niets hebben kunnen zien, zelfs al had de
hooge heg de beide personen niet aan het
gezicht onttrokken. Natuurlijk dacht ik er
geen oogenblik aan, dat de gravin verdwe
nen kon zijn; anders was ik natuurlijk naar
den man toegegaan."
Maar, bracht George Conway hier haastig
in het midden, „heb je dan Judd niet ont
moet, terwijl hij met de auto naar het sta
tion terugreed?"
„Neen, meneer, mijn laatste boodschap was
immers bij de redactie van de „Herald" in
Weststreet, zoodat ik een anderen weg heb
moeten nemen. Judd moet het kruispunt bij
de ..Five Bells" zijn gepasseerd, voordat ik
zoover was"»
DE HAARLEMSCHE MODERNE
VAKBEWEGING.
TOENEMING LEDENTAL.
Uit onze verslagen van het voor enkele
weken terug gehouden congres van het N.
V. V. is onzen lezers gebleken dat de moderne
vakbeweging een periode van snellen groei
doormaakt. In het le halfjaar van 1929 tra
den niet minder dan 22.000 nieuwe leden
toe.
Uit een publicatie van den Haarlemschen
Bestuurdersbond blijkt nu, dat ook Haarlem
tot dezen groei heeft bijgedragen. Was het
ledental op 1 Jan. 1929 5649, op 1 September
was dit gestegen tot 6026.
17 organisaties gingen vooruit met totaal
465 leden, 5 organisaties liepen terug in to
taal met 88 leden.
De groei was het grootst bij de afdeeling
van de Bouwvakarbeiders (110 leden), het
verlies bij de afdeeling van de stucadoors
(62 leden).
SYNAGOGEDIENSTEN.
Ned. Isr. Gemeente.
Van 27 September af:
Sabbath: Vrijdagavonddienst bij den In
gang te 6.30 uur.
Ochtenddienst te 8 uur.
Middagdienst te 1.30 uur.
Avonddienst te 7.24 uur.
Ochtenddiensten gedurende de Selichoth-
dagen: Zondag te 7 uur.
Van Maandag tot en met Donderdag te
6.30 uur.
Vrijdag te 6 uur.
Middagdienst op Zondag te 1.30 uur.
Avonddiensten op werkdagen te 7.45 uur.
Talmoed Torah: Sabbath te 12.30 uur.
Werkdagen te 7.15 uur.
De Avonddiensten op werkdagen; alsmede
Talmoed Torah: zullen plaats hebben in het
Gemeentegebouw L. Wijngaardstraat 14. De
overige diensten ter Synagoge L. Begijne
straat 11.
Conway knikte bevestigend en keek ver
volgens Deighton aan, dat deze het verhoor
zou voortzetten.
„En op den verderen weg naar huis, heb je
niet-s opgemerkt, wat je nu als verdacht te
binnen schiet?"
„Niets, meneer".
„En voor de verdwijning van gravin Mor-
nay weet je absoluut geen verklaring?"
„Neen, meneer, ik begrijp er niets van."
Sir Henry gaf hem een teeken. „Dat is
voor het oogenblik voldoende. Nu komt ma
demoiselle aan de beurt."
HOOFDSTUK III.
DE LINKER HANDSCHOEN.
Het Fransche jonge meisje kwam een
paar stappen naderbij, terwijl zij haar op
winding nauwelijks kon onderdrukken.
„U hebt mevrouw in de auto zien stap
pen en van het station zien wegrijden?"
aldus begon sir Henry de ondervraging.
„Ja zeker, monsieur."
„U bent er volstrekt zeker van, dat ze
niet weer uit de auto is gestapt, vóór die
wegreed?"
„O, absoluut zeker. Dat zou ik beslist heb
ben moeter. zien. Ik stond bij het rijtuig te
wachten voor het geval mevrouw nog orders
voor mij mocht hebben. Ze was nogal onge
rust over haar koffer met kleeren."
„Hebt, u iets tijdens den rit opgemerkt, op
weg hierheen, totdat u den man en de dame
zag. waarvan Sparkes heeft gerept?"
„Neen, niets, 't Was donker. Ik keek niet
uit," vervolgde het meisje met radde stem,"
want er was trouwens niets te zien. Opeens,
toen we al een heel eind hadden afgelegd,
was er iets, dat me het hoofd deed omwen
den, om te trachten op den weg te zien.
Op dat oogenblik viel het schijnsel van de
ALLIANCE FRANsAISE.
OPVOERING VAN „PêCHEUR
D'OMBRES".
Op Maandag 30 September a.s., zal in den
Stadsschouwburg alhier een opvoering plaats
hebben van Jean Sarment's ,,Pêcheur d'Om-
bres".
Het stuk zal worden opgevoerd door den
schrijver zelf en zijn echtgenoote, Mme Mar-
guérite Valmond en een uitstekenden troep
onder leiding van den heer Jack Daroy.
De leden der Alliance Francaise genieten!
20 pet. reductie op de toegangsprijzen.
Op Vrijdag 18 October zal, in de bovenza
len van De Kroon, de heer Georges Goyau;
lid van de Académie Frangaise, een voor
dracht houden over het onderwerp: „Jeanne
d'Arc et les étapes de sa gloire posthume;"
.GEVONDEN VOORWERPEN EN DIEREN.
Terug te bekomen bij: Broertjes, Ternate-
straat 40, bril, Witkamp, Amsingstraat 2,
broche, v. Huis, Oranjestraat 135, duimstok,
Kennel fauna, geel hondje, gebracht door
Brinkman, L. Begijnestraat 3; Beumer, Ti-
morstraat 98 bracht een wit-bruin hondje,
zwart-bruin hondje, gebracht door Loogman
Parkstraat 3, Kennel Haerlem, geel hondje,
gebracht door v. d. Heijde, Phoenixweg 1,
geel hondje, terug te bekomen bij Tiesing,
Grebbestraat 30, zwart hondje, terug te be
komen bij Dooying, Schermerstraat 18, Lee-
wenburg, M. v. Heemskerkstr. 44, honden
halsband, Kruger, Plein 4rood, horloge,
Dooying, Schermerstraat 18, handschoen, v.
Lènnep, Heerenweg 142, grijze kat. Droog,
Luitesteeg 13, grijs-witte kat, Siebelig, Am-
sterdamschevaart 7, nummerbord, Botma,
Ripperdapark 18, oorbel, Renout, Leidsche-
plein 35 rood, portemannaie met inhoud,
Sombroek, v. Oosten de Bruijnstraat 3, ro
zenkrans, v. Dokkum. Leidschestraat 7, rij—
wielpomp, Wijts Godf. v. Bouillonstraat 41,
rijwielbelastingmerk. Muijs, Haariemmerlie-
destraat 2, rijwielbelastingmerk. Metz, Du-
venvoordestraat 33 rd. rijwielbelastingmerk,
v. Baar, Westergracht 51 tasch. Keizer, Em-
makade 59 rood, tasch, Dekker, Hodson-
straat 90, geld.
lamp op den man, die zich bij het hek be
vond en op hetzelfde oogenblik zag ik
den mantel van een dame, die naast hem
stond. Hij was donkerblauw fluweel, met
bont afgezet. „Dat is toch eigenaardig", zei
ik nog bij mezelf, *t is pz-ecies dezelfde man
tel als die van madame."
„Had ze dien mantel vandaag aan?"
„Zeker, meneer.'Ik dacht nog dat is toch
zonderling om op zoo'n regenachtigen
avond in een streek die ik niet ken, iemand
te ontmoeten, die net zoo'n mantel draagt."
„En kwam u niet op de gedachte, dat het
wel eens de gravin zelf zou kunnen zijn, die
daar stond?"
„Weineen, meneer. Ik dacht juist, dat dat
onmogelijk was ondanks den mantel. Waar
om zou madame in regen en wind uit de
auto stappen, om met iemand te praten,
die bij een hek stond? Ze is toch niet de
eenige op de wereld, die een blauwfluweelen
mantel heeft, met bont afgezet. Maar toen
ik hier aankwam en hoorde, dat mevrouw
verdwenen was, ja, toen dacht ik onmid
dellijk, dat het mevrouw wel kon zijn ge
weest, die ik bij het hek had gezien. Maar
dan moet zij uit de auto zijn gestapt, om
daar in den regen te gaan staan praten! Dat
zou anders niets voor mevrouw zijn. En toch
geloof ik nu stellig, dat ze het toch gedaan
heeft
„Hebt u den bewusten man wel eens vroe
ger gezien?"
„Neen, meneer. En het hoofd of het gezicht
van de dame kon ik niet onderscheiden.
Maar ik ben er nu van overtuigd, dat het
madame is geweest."
„Maar hoe kon ze daar gekomen zijn?"
riep George Conway op bezorgden en ver
baasden toon. „Judd, je zegt, dat je op den
terugweg niet hebt stilgestaan"
(Wordt vervolgdji
(Nadruk verboden; antenrirecht voorbehouden.!
De Bankier.
door C. G. B.