FLITSEN De Internationale Loonregeling. STADSNIEUWS onzE groemtue^ FEUILLETON De Gestolen Diadee,m HAARLEM'S DAGBLAD ZATERDAG 7 DECEMBER 1929 Heeft de voorgenomen actie kans op succes? Het standpunt der arbeiders voorheen en thans. Door ARTHUR PUGH; secretaris van de Britsche Federatie van ijzer- en staalhande- laren; vroeger president van het Congres van vakvereenigingen. De loonen en arbeidsvoorwaarden in de Industrie verschillen belangrijk in de onder scheiden landen en, daar andere dingen ge lijk zijn verschillen ook de algemeene ar- beidsonkosten van een bepaalde industrie. Hoogere loonen beteekenen evenwel niet noodzakelijk verhooging van de totale onkos ten voor de loonen; de graad van de produc tie en de hoeveelheid arbeid die voor die productie noodig is geweest zijn ook belang rijke factoren. Toch blijft het feit bestaan dat, in het al gemeen gesproken, de loonen op het vaste land lager zijn dan in Groot-Brittannië, zij zijn in Frankrijk, België en Polen lager dan in Dultschland en zij zijn in Engeland lager dan in Amerika. Er zijn hiervoor verschillen de redenen. Het is gedeeltelijk een quaestie van methode en betallngsysteem; ook is de koopkracht van de loonen in de betrokken landen van veel invloed. Een onverander lijke loonstandaard bijvoorbeeld, die niet verbetert naarmate de productie toeneemt, zal de arbeidsonkosten op een laag peil hou den terwijl daar, waar de loonen ln overeen stemming worden gebracht met de produc tie, een neiging tot stijging van den loon standaard bestaat, ofschoon de eigenlijke loonstandaard, berekend per productie-een heid misschien dezelfde zal blijven. Stuk werk zal de verdiensten doen stijgen in ver houding tot de toenemende productie, zooals we dat in Amerika zien gebeuren. Deze internationale verschillen in loonen en arbeidsvoorwaarden moeten zooveel mo gelijk verdwijnen zoodat geen industrie lijdt onder lage loon- en arbeidsvoorwaarden in een concurreerend land. Mijns inziens is in ternationale actie noodzakelijk als middel om een internationaal peil van arbeidsvoor waarden te bereiken. De vraag is gesteld of zulk een actie mo gelijk en practisch uitvoerbaar is. Terwijl misschien een internationale 1 o on- regeling niet mogelijk is, is toch zulk een regeling van arbeids- en sociale toestanden die tenslotte de loonen bepalen wèl mo gelijk, met goeden wil. Dit is inderdaad het doel der Internationale Arbeidsorganisatie. Maar het bereiken van internationale over eenkomsten betreffende arbeidsvoorwaarden is weer iets anders dan de practische toepas sing er van, in 't bijzonder wanneer die taak wordt gelegd op de schouders van regeerin gen, die niet sympathiek staan tegenover de arbeiderspartijen. Neem bijvoorbeeld de overeenkomst van Washington van 1929 betreffende den acht- urigen werkdag. Deze overeenkomst is voor waardelijk bekrachtigd door Frankrijk, Ita lië en Duitschland, maar de voorwaarde was, dat de overeenkomst ook door de Britsche regeering zou geratificeerd worden en daar deze regeering belangen vertegenwoordigde, tegengesteld aan de overeenkomst, was het niet waarschijnlijk dat deze officieel zou worden aanvaard. Dezelfde beschouwing is van toepassing op algemeen economisch terrein. Het Is niet ge noeg dat vertegenwoordigers van de indus trieën in de verschillende landen te zamen komen en tot een onderlinge overeenkomst geraken op een economische wereldconferen tie: de onderscheidene regeeringen moeten ook bereid zijn de overeenkomst te bekrach tigen en de wetgeving daarnaar in te rich ten. Op 't oogenblik hebben wij te Genève de instellingen, bij internationale overeenkomst totstand gebracht met den vrede van Ver sailles en waarvan het doel is te bevorderen dat de landen het onderling over deze quaes- ties eens worden en de arbeidskrachten in de geheele wereld leggen een steeds groeien de belangstelling voor den Volkenbond aan den dag. In deze richting moeten wij een ge concentreerde actie zoeken. Er bestaan onderscheidene internationale arbeidersorganisaties, maar een internatio nale vakvereeniging kan niet alleen het ge- wenschte resultaat bereiken. In 't algemeen genomen hebben die organisaties opvoeden de kracht; zij brengen de vertegenwoordi gers van de arbeiders In de verschillende lan den bij en tot elkaar en stellen hen in staat hun gemeenschappelijke vraagstukken te bestudeeren in verband met de verschillende omstandigheden in de verschillende landen en zij geven aanleiding tot een zekere één heid op het gebied der politieke en tot een goed begrip van elkanders moeilijkheden, maar als organisaties om een internationaal peil van arbeidsvoorwaarden in de industrie in 't leven te roepen zijn zij niet voldoende en haar arbeidsveld is te begrensd in aan merking genomen de wijze waarop de dingen zich in onzen tijd ontwikkelen. Ik geloof dat er reden is om aan te nemen dat de arbeiders beginenn in te zien dat het een te beperkt standpunt is, zich alleen te be palen bij vraagstukken betreffende loonen en arbeidsduur. Er valt in onzen tijd een neiging bij de ar beiders te bespeuren zich bezig te houden met vragen van een breedere economische strekking. En terecht. De arbeiders hebben dat in het verleden niet kunnen doen, om dat zij de erkenning van hun positie in het nationale en internationale leven niet als een recht hebben opgeëischt. Langs dezen weg zal hun beleid zich ont wikkelen en zoo zal het mogelijk zijn een ge zaghebbende internationale regeling te ver krijgen voor de arbeidstoestanden in de in dustrie. Wat den arbeidsduur betreft bestaat er geen groot verschil tusschen den arbeidstijd in Engeland en dien in de landen van het vasteland. Het verschil is over 't algemeen niet grooter dan vóór den oorlog en in den tegenwoordlgen tijd bestaat de neiging de verschillen die er nog zijn, zoo klein moge lijk te maken. In Dultschland bijvoorbeeld voeren de arbeiders, gedeeltelijk ook door de toenemende populariteit van alle takken van sport, een actie voor den vrijen Zaterdag middag en deze is nu opgenomen in het pro gram der Duitsche vakvereenigingen. Bo vendien is er dit verschil, dat behalve bij de mijnen en de spoorwegen de arbeids duur in Engeland wordt bepaald door een overeenkomst tusschen de werkgevers en de werkliedenorganisaties terwijl de arbeids duur op het vasteland in de wet wordt vast gelegd en het voeren van een politieke actie noodig is voordat herziening of verbetering kan plaats hebben. Aan den anderen kant kunnen herzieningen getroffen worden waar tegen een van beide partijen bezwaar heeft en waardoor wrijving ontstaat. (Nadruk verboden). INGEZONDEN MEDEDEELINGEN a 60 Ct» per regeL Eindelijk het middel gevonden tecren overtollig vet. Eindelijk na vier jaar zoeken, het middel gevonden, dat afdoende helpt tegen over matig vet. Het is de kleine, dagelijksche dosis Kruschen Salts! „Na vier jaar voortdurend zoeken en na veel geld verspild te hebben aan allerlei medicijnen, heb ik tenslotte het middel ontdekt om mijn gewicht te verminde ren zonder gevaarlijke nawerking Kruschen Salts". W. B. L. Origineele brief ter Inzage. Dit schreef ons een man, die van alles ge- nrobeerd had zonder resultaat. Kruschen Salts doet geen wonderen, maar door zijn bijzondere eigenschappen wekt het lever, nieren en ingewanden op tot betere werking, waardoor schadelijke stoffen uit het lichaam verdreven worden en het bloed krachtiger gaat stroomen. Spoedig zult ge U gezonder, flinker en energieker voelen, stralend van levenslust en opgewektheid. KRUSCHEN SALTS is verkrijgbaar bij alle apothekers en drogisten a 0.90 per flacon. De groote flesch a 1.60 bevat 3 maal den inhoud van de kleine flacon. Imp.: N.V. Rowntree Handels Mij., Keizers gracht 124. Amsterdam C. IJSCLUB VOOR HAARLEM EN OMSTREKEN. VERBETERINGEN EN PLANNEN. Er wordt een strenge winter voorspeld. Wij kunnen mededeelen dat het bestuur der IJsclub voor Haarlem en omstreken zich niet bij verrassing zal laten nemen. Alles is aan de Kleverlaan in gereedheid gebracht om den wintervorst te ontvangen. Herhaaldelijk kwamen er klachten bij het het bestuur in dat de klnderbaan te klein was. Daarin is thans voorzien. De „jeugd- baan" heeft nu een mooie oppervlakte en er zal ook zorg worden gedragen dat alleen de jeugd van deze baan gebruik maakt. Verder bestaan er plannen voor een' afzonderlijke tint voor de kinderen; zeer waarschijnlijk zullen deze plannen wel uitgevoerd worden. Dan komt er een groote klok op de ijs- baan, hetgeen zeker het gevoel van gezellig heid en huiselijkheid, dat ledereen al op onze ijsbaan heeft, nog zal verhoogen. Deze klok is een geschenk van den eere-voorzitter der IJsclub, jhr. A. Bas Backer, burgemeester van Bloemendaal. Gp het eerste gedeelte van het midden terrein komt nu de kunstrijbaan en ongeveer op 1/3 van de baan, van de tent af gere kend, een afgezette IJshockey-baan. De mogelijkheid bestaat dat de Belgen uit Antwerpen, die verleden jaar zulk een attractie vormden, ook dit jaar weer zullen komen. Zij zouden dan op een Zaterdag naar de Haagsche en op den daarop volgen den Zondag naar de Haarlemsche IJsclub komen. Men ziet dus dat het bestuur der IJsclub doet wat het kan om de IJsclub steeds beter en aantrekkelijker te maken. De plannen voor het IJshockey te spelen door de leerlingen der middelbare scholen en het gymnasium nemen al vasteren vorm aan. De heer II. L. Warnier, Inspecteur der Licha melijke Opvoeding alhier, heeft zich bereid verklaard, de leiding van het geheel op zich te nemen. Op het oogenblik zijn al vijf scholen: de Midd. Technische School, de Rijkskweekschool voor Onderwijzers, het Kennemer Lyceum, het Gem. Lyceum en het Gymnasium zeer enthousiast voor deelne ming. De voorzitter van de IJsclub, Jhr. Boo- gaert, heeft een Belgisch IJshockey regle ment kunnen machtig worden en dat uit het Fransch in het Nederlandsch vertaald. Dit reglement zal in druk verschijnen en tegen kostprijs verkrijgbaar zijn. Het kan misschien geen kwaad, mede te deelen, dat dit jaar geen IJshockeystokken meer beschikbaar gesteld zullen worden, daar deze te veel worden vernield. De liefheb bers moeten zelf voor hun stokken die trouwens zeer goedkoop verkrijgbaar zijn zorgen. Nu is dus alleen het wachten op vorst! DE VERBREEDING VAN DEN ZIJLWEG. BOUWVERBOD EN ONTEIGENING Bij raadsbesluit van 25 Juli 1928 zijn ver schillende strooken grond aan den Zijlweg aangewezen, als in de naaste toekomst te zijn bestemd voor straataanleg. Intusschen zijn verschillende van die strooken grond door de gemeente aange kocht. Aankoop van drie strooken grond kon niet plaats hebben omdat voor de betreffen de perceelen een te hooge koopprijs werd gevraagd. Naar de meening van B. en W. is het ge- wenscht, dat zoo spoedig mogelijk wordt overgegaan tot onteigening van de betrokken perceelen of perceelsgedeelten overeenkom stig titel IV van de Onteigeningswet. In middels dient echter het bouwen of herbou wen op de voor straat bestemde strooken grond te worden voorkomen. Met het oog daarop stellen B. en W. den raad voor te besluiten tot vaststelling van een verordening tot het leggen van een bouwverbod op vorenbedoelde strooken grond. Dit zijn Kad. Sectie A 1681 groot 358 M2. waarvan 40 M2 noodig is voor straataanleg. Eigenaresse is C. Gaykemavan Duivenbode. A. 1551 en 4432 groot respectievelijk 318 en 129 M2, waarvan 105 en 6 M2 noodig zijn voor straataanleg. Eigenaar is J. Viets. N AZ ORG VERLOTING. Ten behoeve van de Haarlemsche Nazorg fondsen werd dit jaar een groote verloting gehouden. De trekking heeft 20 De cember door notaris J. Wildschut plaats in het gebouw van den Haarl. Kegelbond. Totaal werden 20.000 loten van 25 ct. uit gegeven, terwijl het batig saldo ongeveer f 4000 zal bedragen. VAN HAARLEM-S DAGBLAD No. 1520 ST. NICOLA A SWEE. Je komt na vol brachte dagtaak in de hulskamer om rustig de krant te lezen en vindt Mientje's ca deautjes op Je stoel je neemt een anderen moeder merkt op dat -ze dien stoel noodig heeft omdat het vouwbeen dat tante Martha gestuurd heeft verdwenen is en zij de naden wil na- de schommelstoel blijkt in beslag geno men te zijn door doozen papier en touw de stoel in den heek is bestemd voor Jan's cadeaux je gaat terug naar den stoel-met-het- vouwbeen tot moeder je eraan herinnert dat ze dien nog moet nazoeken en je beëindigt je lec tuur tenslotte onge stoord op de eerste tree van de trap (Nadruk verboden). VERGADERING VAN DEN IJSBOND HOLLAND'S NOORDERKWARTIER. De afdeeling Haarlem van den IJsbond Holland's Noorderkwartier hield in hotel De Leeuwerik Vrijdagavond een ledenvergade ring, onder voorzitterschap van mr. J. D. v. d. Plaats. De opkomst was zeer gezing. De secretaris mr. Vaillant, herinnerde na tuurlijk in zijn jaarverslag aan den zeer strengen winter. De Amsterdamsche vaart was in Februari in exploitatie, doch met het oog op de financiën alleen Zaterdags en Zondags. De rekening en verantwoording van den penningmeester den heer Baart de la Faille werden goedgekeurd. De kas staat er niet slecht voor. Het totaal bedraagt f 490.85. Ook met het ledental staat de afdeeling er goed voor, het bedraagt 73. De heeren mr. Vaillant en dr. A. AE. S. Sluyterman werden bij acclamatie herkozen tot bestuursleden. Tot afgevaardigde naar de algemeene ver gadering te Alkmaar werd aangewezen de heer Baart de la Faille. Hem werd opgedra gen als plaats voor de volgende vergadering niet Haarlem voor te dragen doch Amster dam. De voorzitter klaagde er over dat er in de afdeelingen een streven Is om zelfstandig wedstrijden, en nog wel zeer onbeduidende, te gaan organiseeren terwijl het doel van den Bond, het uitzetten van goede banen voor tochten, voorbij gezien wordt. Dezen winter heeft de heer v. d. Plaats overal weg wijzers gemist, hij heeft den indruk gekre gen dat de Bond niets doet. Na nog eenige discussies over dit punt werd de vergadering gesloten. GEVONDEN VOORWERPEN EN DIEREN. Terug te bekomen bij: Ruyzenaar, Hyr. v. Alphenstraat 38, bril. Vernout, Papaver straat 8. borstel v. stofzuiger. Heule, Zijlweg 192. bril. Bur. v. Politie. Smedestraat. cein tuur. Scheepers, Soutmanstraat 29, das- Ver nout. Papaverstraat 8, dasspeld. Prinsen, v. Berensteijnstraat 32, halsband. Verhagen. Heerensingel 99. handsohoen. Postkantoor. Ged- Oudegraoht, handschoenen, v. Kessel. Anthoniestraat 67. handschoen. Kennel Fauna, herdershondje, gebracht door: Wit- hamer. K. v. Manderstraat 32: grijze kat, ge bracht door Milatz, Spaarndammerweg 56. Vos. Oostindischestraat 106. kerkboek RK. Spook, Leidschestraat 112, muts. Greeuw, Spaanschevaartstraat 112, idem. Coers, Kloosterstraat 65, portemonnaie met inhoud. Bur. v. Politie, Smedestraat, portemonnaie. Beljon, Tugelastraat 41, Idem met inhoud. Aanholt, Meidoornplein 8, idem. De Bruin, Zuidpolderstraat 15, idem. Postkantoor, Ged. Audegraoht, parapluies. Vogelenzang, Groote Houtstraat 28, boeken. Bode Stadhuis, plaat je met letters, v. d. Einde, Bilderdijkstraat 17rd-, rijwielbelastingmerk. Koelemeijer, Houtvaartpad 194, idem. Strijker, Karolin- genstraat 18, idem. Bode Stadhuis, ring. Oukers, Bosch en Hovenstraat 130, rozen krans. Bur. v. Politie, Smedestraat, sleutels. Sanders, Javastraat 23, tasch met inhoud. Werding, Twijnderslaan 25, tasch. GEMEENTEVERSLAG. Gisteren verscheen het verslag der gemeenté over 1928. Het jaar 1929 is bijna verstreken, zoodat het gemeentebestuur geen hulde gebracht kan worden voor een vlugge verschijning! Veel nieuws is uit het verslag trouwens niet op te diepen nu in den loop der laatste maanden reeds verslagen van ver schillende bedrijven en takken van onder wijs verschenen zijn. Bovendien worden de belangrijkst feiten geregeld verwerkt in de statistische gegevens die de gemeente uit geeft. Wij willen nog even herinneren aan de volgende zaken. De bevolking vermeerderde in 1928 met 1130 mannelijke en 1063 vrouwelijke ingeze tenen, totaal 2193. Op 31 December 1928 bedroeg de bevolking 54,989 M., 60.508 vr., totaal 115.497. In 1928 werden 834 huwelijken gesloten, tegen 761 in 1927. Op 15 Mei 1928 telde de kiezerslijst 61,834 kiezers voor de Tweede Kamer, 60,286 voor de Prov. Staten en 57,799 voor den Gemeen teraad. De oppervlakte van het blijvend grasland (wei- en hooiland) was in 1928: 1,097,56 HA., van den tuingrond 195.54 HA., waarvan 140.04 HA. bloembollengrond. De bouw van een school voor Voorberei dend Lager Onderwijs aan de Marnixstraat werd in 1928 niet uitgevoerd en is, zooals bekend, nog niet uitgevoerd. DIM5DA6 DONDERDAG ZATERDAG 1 Uit het Engelsch van ARCHIBALD EYRE. „Voelt u zich dan soms als mijn gouver nante?" vroeg George. „Gouvernante of goede engel of een meng sel daarvan, net zooals u wilt." „Zeker door u zelf aangesteld?" „O neen, heelemaal niet. Vrijwillig zou ik nooit zoo'n ondankbare taak op mij geno men hebben". „Mag ik dan vragen wie uw belangstelling in mijn bescheiden persoontje opgewekt heeft?" Lilian schudde het hoofd. „Op het oogen blik mag ik dat nog niet zeggen, misschien vertel ik het u later wel, tenminste als u vorderingen maakt". „Welke fouten van mij stelt u zich voor te verbeteren?" „Voornamelijk één". „En die is?" „Zoetsappigheid 1" Hij zette groote oogen op. „Ik begrijp niet wat u bedoelt". Zwijgend speelde zij een poos ver>rr en Lilian bleef aan de winnende hand. Pas toen de vijfde en zesde „hole" gespeeld waren, begon George weer te spreken. „Ja", zei hij plotseling, „ik geloof dat ik weet wat u bedoelt. U vindt mij een melk muil, die achter zijn moeders boezelaar aan loopt, een zoete jongen zonder fut". „Werkelijk, meneer Hemmings, ik moet u ge'lukwenschen met uw zelfkennis" Hij liep norsch verder; toen bleef hij stil staan. „Maar u hebt ongelijk en ik zal u be wijzen dat u zich vergist. Wat is de inzet?" „Ik meen dat u straks gezegd hebt dat u niet. om een inzet speelt?" „Ik ben van gedachten veranderd". „En wat is die inzet dan?" Zijn eerlijk jongensgezicht werd vuurrood. „Een kus". „O!" Lilian was echt geschrokken, zij keek om zich heen om zich te overtuigen of de jochies buiten gehoor waren. „Nu, is het afgesproken?" Hij kwam vlak bij haar en raakte haar arm aan; zijn ge zicht glom als een spiegel. „U hoeft niet te doen alsof u geschrokken bent, want dat kan mij niets schelen". Lilian ging een stap achteruit en keek hem ontsteld aan. „U bent geloof ik, plotseling krankzinnig geworden. Die arme moeder van u!" „Wat kan mij mijn moeder schelen! Ik zal u bewijzen dat ik een man ben". „Door te toonen dat u géén heer bent?" Zijn gezicht betrok, haar opmerking was een raak schot geweest. „Ik heb geen recht om tegen een onbeschermde dame te spre ken zooals ik tegen u heb gesproken", mom pelde hij oeschaamd. „Ik ben niet heelemaal onbeschermd", zei Lilian, terwijl zij naar haar golfstokken wees, maar het is een feit dat u zich niet behoorlijk hebt gedragen". „Wilt u naar het clubhuis teruggaan?" vroeg hij onderworpen. „Zooals u wenscht", antwoordde Lilian met eenige aarzeling. Inwendig amuseerde zij zich kostelijk en ze voelde er niets voor om nu al een eind aan het spel en het gesprek te maken. „Ik geef er de voorkeur aan om den wed strijd uit te spelen, want het zal een goede les voor u zijn, als u verslagen wordt door de vrouw die u beleedigd hebt". „Vooruit dan", riep hij uitdagend, „en ver sla me als u kunt". „Op één voorwaarde", zei Lillian, „als lk dezen wedstrijd win, moet u mij de belofte geven dat u nooit meer tegen me zult spre ken". Hij werd vuurrood. „Ik stel dezelfde voor waarde van mijn kant. De hemel weet dat dit spel geen pretje voor me is!" Hij sloeg een bal een flink eind weg. „Het eenige schot dat u vandaag gehad hebt", zei Lilian spijtig. „Kijk waar u mijn bal naar toe hebt geslagen, tusschen een hoop brandnetels. Mijn handen zijn overal bezeerd", vervolgde ze bitter, „en het kan u natuurlijk niets schelen". Hij gaf geen antwoord en weer speelden ze zwijgend verder. Beiden deden ze hun best, doch alles wees er op dat Lilian de partij zou winnen. Zij keerde zich om cn glimlachte medelijdend. „De looden mantel der zwijg zaamheid zal weldra om u zijn heengeslagen, zeg nu uw laatste woord; het is uw eenige kans". „Mijn laatste woord is een dat ik niet kan zepsen in gezelschap van een dame!" Hij keek naar zijn bal die in het lange gras lag. „Maar ik geef toch niet toe dat u beter speelt dan ik". De wedstrijd was op de laatste „hole" na beslist. George nam zijn stok op en sloeg, de bal kwam in beweging, rolde een helling af en kwam juist in het gat terecht. Hij staarde Lilian aan en zij hem. „Wat een buitengewoon gelukje voor u", riep ze, „nu zullen we toch nog gelijk spe len". Nu ging zij naar den bal toe. sloeg en miste. Zij keek hem verbijsterd aan. „Ik heb gewonnen", jubelde hij „en dat na al uw bluffen en hoonen!" Haar vernedering was onbeschrijfelijk. Zij keerde zich om en liep met groote passen naar het clubhuis; hij volgde langzaam. „O," zei ze tegen zichzelf, „nu kan ik hem niet eens vertellen hoe ik over hem denk! Verslagen te zijn en dan nog te moeten zwijgen. Waarom ben ik ook zoo dwaas ge weest!" In het clubgebouw ontmoetten zij mevrouw Amherst, wier taak als assistente van haar man blijkbaar al weer afgeloopen was. De doktersvrouw informeerde belangstellend hoe het spel verloopen was. Lilian wees met haar hoofd in de richting van het veld. „Daar komt meneer Hemmings hij zal u er alles van vertellen; hij is er vol van". „O, dan is hij zeker de overwinnaar! Zij glimlachte tegen den jongeman. „Hoe was het?" „Ik heb gewonnen maar het had een haartje gescheeld of we hadden gelijk gespeeld", antwoordde hij kort. Mevrouw Amherst was oprecht verbaasd. „Dat is een heele prestatie, juffrouw Turner. Meneer Hemmings is een van onze beste spelers". „Ik moet nu naar huis", zei Lilian gejaagd. „Ik ga uw kant uit, juffrouw Turner", ant woordde de doktersvrouw, „wacht u even". „Hebt u al een partner voor den wedstrijd van de volgende week?" wendde ze zich tot George. „Neen? Waarom vraagt u juffrouw Turner dan niet, u zult samen een goed fi guur maken". „Het zou mij veel genoegen doen als zij wilde". „Ik speel niet op een openbaren wedstrijd, mevrouw Amherst", zei Liüan haastig. Mevrouw Amherst keek Lilian goedkeurend aan, zij vond haar een bescheiden meisje, die haar plaats kende. „Ik zal er niet verder op aandringen als u liever niet wilt, maar wilt u morgen meespelen? Mijnheer Hem mings en ik zouden tegen Lord Harlsmore en zijn moeder spelen maar Lady Harlsmore heeft juist door haar zoon laten weten dat zij zoo van streek is door den diefstal op het kasteel, dat zij zich niet in staat voelt om te komen. De jonge Harlsmore heeft mij gevraagd een partner voor hem te zoeken". „Ik doe het liever niet", zei Lilian. „Ik sta er eenvoudig op", drong mevrouw Amherst vriendelijk aan. „U mag ons spel niet bederven". „Is lord Harlsmore hier?" vroeg George. „Ja, hij is in de rookkamer". Mevrouw Amherst liep naar een deur en opende die. „Lord Harlsmore, ik heb een partner voor u gevonden", riep ze, kom hier, dan zal ik u voorstellen". Ze liep de rookkamer binnen. George wendde zich naar Lilian. „Lord Harlsmore", zei hij fluisterend, „is de zoon van gravin Harlsmore, wier diadeem gesto len is. Hebt u redenen om liever niet met hem te spelen?" Lilian keek hem met een hooghartigen blik aan en draaide zich om. „Ik vraag het alleen", ging hij haastig voort, „omdat ik niet wil dat u in moeilijk heden komt, Geloof mij Mevrouw Amherst verscheen met den jon gen lord. „Lord Harlsmore, mag lk u juffrouw Tur ner voorstellen, juffrouw Turner, Lord Harlsmore". Lilian wist het eerste oogenblik niet hoe ze het had, want de jongeman, die haar werd voorgesteld, was niemand anders dan de jongeling met het engelengezicht en het ge ruite pak, die den vorigen middag in de lunchroom geweest was. (Wordt vervolgd.)

Krantenviewer Noord-Hollands Archief

Haarlem's Dagblad | 1929 | | pagina 6