DE BUITENPLAATSEN EN DE LANDSCHAPSKUNST
Na afloop van de jaarvergadering heeft ons zeer gewaardeerd
medelid, de heer Pannekoek, ons op buitengewoon boeiende wij
ze laten kennis maken met een bijzonder aspect aan de geschie
denis van de buitenplaatsen.
Hij toonde ons de buitenplaatsen als cultuurverschijnsel, als.
voortbrengers van landschapskunst. Treffend gekozen lichtbeel
den lieten ons de "culturele revolutie" zien die zich aan het
einde van de achttiende eeuw in de landschapsarchitectuur
heeft voorgedaan, de overgang van het laat-classicisme met zijn
strakke lijnenspel en de gesnoeide bomen naar de weelderige,
kronkelige romantiek.
Er was inderdaad sprake van een culturele revolutie. In betrek
kelijk luttele jaren veranderden de tuinen van de buitenplaat
sen radicaal van karakter. Ook "Berkenrode", bijvoorbeeld, was
in de jaren 1730 - 1740 zeer symmetrisch aangelegd, maar werd
in deze tijd volgens een plan van 1794 omgevormd tot een park
met kronkelende lanen, een krullerig geheel, de romantiek in
de landschapskunst. De enige die in de oorspronkelijke opzet is
te bezichtigen, is de tuin van "Beeckestijn"Toch betekende
deze revolutie geen volledige kaalslag. Er was sprake van een
zekere geleidelijkheid en mooie bomenrijen haal je natuurlijk niet
zo maar weg .Men vindt ze nog wel terug in de nieuwe landschaps
parken, de kaarsrechte beukenlanen, nu vaak zonder weg er tus
sen, maar uittorenend boven het kreupelhout.
In vroeger tijden werd het natuurlijke landschep beschouwd als
vijandig aan de mens. Slechts roversbenden voelden zich er thuis
en vonden er een schuilplaats. De natuur moest onderworpen wor- -
den, getemel, de ongebreidelde groei gecontroleerd en gevangen
in geometrische lijnen. De middeleeuwse tuin was vierkantig,
muurtjes met bloemen er tussen. De renaissance-tuin vinden we
terug in de regelmatige opzet van de tuin van het Frans Hals
museum; begin 17e eeuw. Aan het eind van de 17e eeuw - barok -
was deze geometrische opzet nog verder tot systeem uitgebouwd.
Een zo schitterend voorbeeld als Versailles kennen wij hier niet,
al heeft Stadhouder Willem III - denk o.a. aan de tuin van het
Paleis Het Loo te Apeldoorn, die nu waarschijnlijk in oude luis
ter hersteld zal worden - het wel geprobeerd.