Een tweede voorbeeld in ons land is de schitterend gerestau
reerde tuin van "Beeckestijn"zeer barok. Overduidelijk aanwe
zig is de kenmerkende geometrische aanleg met als hoofdas de
lange lindenlaan die van de toegangshekken - via de brede gang
van het huis - doorloopt tot achter in de tuin, waar :n een
punt verschillende lijnen samenkomen. Ook is er de vijver met ge
schulpte rand, de geschoren hagen. Het mag in deze stijl vooral
niet natuurlijk lijken, het moet kunstmatig zijn.
De landschapsstijl was reeds omstreeks 1730 ontstaan in Engeland,
waar men de gekunstelde franse stijl trouwens nooit gekend heeft.
De engelse landeigenaren stonden daarvoor te direct in contact
met de eigen grond en de boeren. De nieuwe stijl stond veel dich
ter bij het natuurlijke landschep, maar moet daar wel duidelijk
van worden onderscheiden. Bij het landschapspark zijn de bomen
niet willekeurig geplant. Het is landschapsarchitectuur, slechts
schijnbaar natuurlijk; zie Leiduin, waar de bomen als coulissen
geplaatst in het landschep voor telkens andere doorkijkjes het
decor leveren.
Overgewaaid naar het continent maakte de ware romantiek zich
meester van de stijl. Het grote voorbeeld werd het park van
Ermenonville, ten noorden van Parijs,in het teken van Rousseau
(de terugkeer naar de natuur), waardoor mede de neiging een
en ander literair aan te kleden wordt verklaard een altaar
gewijd "A la Rêverie" een tempel die niet is afgebouwd, de
filosofie is ook niet af. Zeer romantisch zijn de kunstmatige
watervallen, liefst met een (suggestie van) grot opzij van de
stroom, als in Nederland geïmiteerd in Sonsbeek. Ook Leiduin
kende zijn cascade, de stenen liggen er nog, maar er is meest
al te weinig water. Vaak geïmiteerd werd ook de "Tombe de Rous
seau", op een eilandje, omringd door populieren; in Heemstede
op de Dennenheuvel bij het "Huis te Manpad".
Een tweede voorbeeld voor de nieuwe landschapskunst was Le
Petit Trianon (1775) met het gehuchtje, le hameau, waar men
herdertje en herderinnetje kan spelen.