PANDA EN DE GROTBOKSER
Horen en zien
KONING BARBONIX I
Terschellingers houden weer
buul en borrebier
Zuivel» ftermasepf
OSRAM
Boekenhoekje
Kruidenier uit Nice
gast van Kennedy
/^"Hoe is het ontstaan)^
ZATERDAG 14 JANUARI 1961
12
De radio geeft zondag
De radio geeft maandag
T elevisieprogramma
A nti-verkoudheidmiddel
kan niet beproefd worden
radio televisie
AANKONDIGINGEN EN
NABESCHOUWINGEN
Jeugd van twintig jaar
Museumpenning uitgereikt
Dieren voor Artis
HUID ZEEP en CREME F
EEUWENOUDE TRADITIES
Rothenburg wenst geen
stoplichten
door Radu Tudoran
Vertaling Margot Bakker
Dit woord:
OORKONDE
9. Panda had dus weer een moeilijk
heid. Enerzijds wilde hij liever niets met
de holbewoner Blabla te maken hebben,
maar anderzijds maakte hij zich ernstige
zorgen over wat er gebeuren zou als dit
kwetsbare Steentijdperk-wezen achter hem
aan bleef lopen en zo in de grote stad
kwam. Hij liep hier zó diep over na te
denken, dat hij de nadering van een
vrachtauto niet opmerkte en alleen nog
door een snelle sprong kon vermijden dat
hij overreden werd. We mogen wèl op
merken, dat de chauffeur roekeloos en ge
vaarlijk reed, maar hij dacht zoals dat
altijd gaat in dergelijke gevallen dat
hij straffeloos verder kon razen. Hier had
hij echter buiten de oplettende holbewo
ner gerekend. Na het waarnemen van het
voorval sprak deze namelijk tandenknar
send: „Gurrrr! Dinosaurus maak roets-
roets tegen vriend van Ikkie Blabla! Ikkie
Blabla maak plofklap tegen dinosaurus!"
Na zichzelf aldus in niet mis te verstane
bewoordingen zijn voornemens duidelijk
gemaakt te hebben, boog hij zich voor
over en ondernam kopsgewijs een aan
val tegen het nader stormende monster.
De gevolgen bleven niet uit.
HILVERSUM I. 402 m. 8.00 VARA. 10.00 VPRO.
10.30 IKOR, 11.45 VPRO. 12.00 AVRO. 17.00
VPRO. 17.30 VARA. 20.00—24.00 VARA
VARA! 8.00 Nieuws. 8.18 Gevarieerd progr. 9.45
Geestelijk leven, toespr. VPRO: 10.00 Voor de
jeugd. IKOR: 10.30 Kerkdienst. 11.30 Vragen-
beantw. VPRO: 11.45 Berichten uit de kerken,
lezing AVRO: 12.00 Lichte muz. 12.30 Sportspie-
gel. 12.35 Lichte muz. 13.00 Nieuws. 13.07 De toe
stand in de wereld, lezing. 13.17 Meded. of gram
13.20 Voor de militairen. 14.00 Boekbespr. 14.15
Stereofonisch conc. (In de pauze: 15.1515.40:
Toneelbeschbuwing). 16.30 Sportrevue. VPRO:
17.00 Gesprekken met luisteraars, lezing. 17.15
Anglicaans-Hervormd gesprek. VARA: 17.30 Voor
de jeugd. 17.50 Nieuws, sportuitslagen sport-
journ. 18.30 Lichte muz. 18.55 Joumalistenforum.
13.30 Cabaretprogr. AVRO: 20.00 Nieuws. 20.05
Lichte muz. 20.35 'n Odyssee met z'n twee, hoor
spel (1). 21.15 Promenade-ork. en soliste. 22.00
Gram 22-30 Nieuws en meded. 22.45 Journ. 23.00
Volksliederen. 23.15 Sportuitsl. 23.20 New York
calling. 23.25 Nieuwe gram. 23.55—24.00 Nieuws.
HILVERSUM II. 298 m. 8.00 NCRV. 8.30 IKOR.
9.30 KRO. 17.00 Convent van Kerken.
18.30 NCRV. 19.45—24.00 KRO.
NCRV: 8.00 Nieuws en weerbericht. 8.15 Gram.
IKOR: 8.30 Voor de jeugd. 9.00 Vroegdienst.
KRO: 9.30 Nieuws. 9.45 Gram. 9.55 Inleiding
Hoogmis. 10.00 Plechtige Hoogmis. 11.30 Gram.
1150 Blokfluit en piano. 12.15 Buitenl. comment
12.25 Kamermuz. 12.50 Gram. 13.00 Nieuws. 13.05
De hand aan de ploeg, lezing. 13.10 De Wadders,
hoorspel. 13.30 Gitaarspel. 13.45 Voor de Jeugd.
14.15 Stereofonisch conc. (In de pauze: Wat ons
bezig houdt, lezing en gram.). 16.25 Sport. 16.30
Vespers. Convent van Kerken: 17.00 Geref. kerk
dienst. NCRV: 18.30 Vocaal ens. en orgel. 19.00
Nieuws uit de kerken. 19.05 Samenzang. 19.30
Weg en werk der kerkhervormers, lezing. KRO:
19.45 Nieuws. 20.00 Cabaretprogr. 20.30 Act. 20.35
Lichte muz. 21.10 Gram. 21.35 Het glazen dorp.
hoorsp. (2). 22.25 Boekbespr. 22.30 Nieuws. 22.40
Avondcollege. 23.00 Avondgebed. 23.15 Brabants
ork. 23.5524.00 Nieuws.
BLOEMENDAAL. 245.3 m. - 1223 kC/«
9.30 ds. G. Toornvliet van Bloemendaal. 11.00
ds. G. Toornvliet (uitz. van de dienst voor be
langstellenden op 8 rn. om 19.30 uur). 12.15 Uit
zending van jeugdsamenkomst, gehouden in Am
sterdam. 14.45 Kinderdienst. 15.30 ds. Toornvliet.
BRUSSEL 324 m.
12.00 Nieuws. 12.03 Gram. 12.15 Amus.muz. 12.30
Weerber. 12.35 Amus.muz. (verv.). 13 00 Nieuws.
13.15 Voor de soldaten. 14.00 Gram. 15.30 Sport-
progr. 17.00 Sport en nieuws. 17.10 Gram. 17.45
Sportuitsl. 1750 Gram 18.00 Vioolrecital. 18.30
Godsd. halfuur. 19.00 Nieuws. 19.30 Gram 21.15
Ork.conc. 22.00 Nieuws. 22.15 Gram. 23.00 Nieuws.
23.05 Gram. 23.55 - 24.00 Nieuws.
HILVERSUM I: 402 m. 7.00—24.00 AVRO.
AVRO. 7.00 Nieuws 7.10 Gymn. 7.20 Gram. 8.00
Nieuws. 8.15 Gram. 9.00 Gymn. voor oudere luis
teraars. 910 De groenteman. 9.15 Gram. 9.35 Wa
terstanden. 9.40 Morgenwijding. 10.00 Gram. 11.00
Kamerork. en solist. 11.45 Voordr. 12.00 Zang en
piano. 12.30 Land- en tuinb.meded. 12.33 Voor ons
platteland, praatje. 12.43 Orgelspel. 13.00 Nieuws.
13.15 Meded. en gram. 13.25 Beursber. 13.30 Lich
te muziek. 14.00 Clavecimbelrecital. 14.30 Gram.
1-1.50 Chaplin in de Nederlandse litteratuur, le
zing. 15.15 Gram. 16.30 Gram. 16.40 Lichte muz.
17.00 Voor de padvinders. 17.15 Gram. 17.50 Milit.
comment. 18.00 Nieuws. 18.15 Polit. lezing. 18.25
Lichte muz. 19.00 Gitaarmuz. 19.30 Muzik. lezing.
1945 Voor de jeugd. 20.00 Nieuws. 20.05 Gevar.
prcgr. 22.30 Nieuws, beursber. van New York en
meded. 22.45 Joum. 23.00 Gram. 23.55 24.0 Nws.
HILVERSUM II. 298 m. 7.00 - 24.00 NCRV
NCRV: 7.00 Nieuws en S.O.S.-ber. 7.10 Gram.
7.30 Een woord voor de dag. 7.40 Gram. 8.00
Nieuws. 8.15 Radiokrant. 8.35 Gram. 9.00 Voor de
zieken. 9.35 Gram. 9.40 Voor de vrouw 10.10
Gram. 10,15 Theolog. etherleergang. 11.00 Fluit
en piano. 11,30 Quizprogr. 12.10 Gram. 12.25 Voor
boer en tuinder. 12.30 Land- en tuinbouwmeded
12.33 Gram. 12.53 Gram. en act. 13.00 Nieuws. 13.15
Lichte muz. 13.45 Gram. 14.05 Schoolradio. 14.35
Gevar. progr. 15.35 Gram. 16.00 Bijbeloverden
king. 16.30 Zangrecital 17.00 Voor de kleuters.
17.15 Voor de jeugd. 17.30 Gram. 17.40 Beursber.
17.45 Regeringsuitzend.: Het bos in Nederlands
Nieuw-Guinea, door ir. J. J. Mooy. 18.00 Orgel
spel. 18.30 Gram. 18.50 Openbaar kunstbezit. 19.00
Nieuws en weerber. 19.10 Op de man af, praatje.
13.15 Gram. 19.30 Radiokrant. 19.50 Lichte muz.
20.20 De koperen helm, hoorsp. 21.05 Zangrecital.
2! .35 Radio-filharm.ork. 22.00 Pari. comm. 22-15
Gram. 22.30 Nieuws. 22.40 Avondoverdenking.
22.25 Boekbespr. 23.05 Jazzmuz. 23.55 Gram. 23.55
-24.00 Nieuws.
BRUSSEL. 324 m.
12.00 Nieuws. 12.02 Gram. 12.30 Weerber. 12.35
Voor de landbouw. 12.42 Gram. 12.50 Koersen
13.00 Nieuws. 13.15 Gram. 14.00 Schoolradio. 15.45
Noorse liederen. 16.00 Koersen. 16.06 Voor de zie
ken. 17.00 Nieuws. 17.15 Gram. 17.45 Franse les
13.00 Protest, uitz. 18.20 Voor de soldaten. 18.50
Sportkron. 19.00 Nieuws. 19.40 Gram. 20.00 Ka
mermuz. 20.35 Kunstkaleidoscoop. 20.50 Kamer
muz (verv.). 21.30 Amus.muz. 22.00 Nieuws. 22.15
Meesterwerken van de Italiaanse vocale "polyfo
nie. 22.55 Nieuws. 23.00 Voor de zeelieden.
VOOR ZATERDAG
KRO: 17.00 Veilig verkeer. 17.10—17.30 Voor de
Kinderen. NTS: 20.00 Journaal en weeroverzicht
KRO: 20.20 Brandpunt. 21.00 Gevar. programma
22.00 Filmprogramma.
VOOR ZONDAG
NTS: 12.0013.30 Eurovisie Wengen: Internat.
Lauberhorn skiwedstr. 16.0017.30 Rep. Rotter
dam Nederl. kamploensch. ereklasse bandstoten
AVRO: 20.00 Kunstprogr. 20.15 Het gezin, peda
gogische lezing. 20.45 Amusementsprogr NTS'
22.00—22.30 Sport
VOOR MAANDAG
NTS: 20.00 Joum. en weeroverz. VARA; 20.20
Actueel progr. 20.30 Filmvenster. 21.00 On the
Bowery, documentaire film.
Medische onderzoekers in Engeland,
die al gedurende enkele jaren met vrij
willige proefpersonen naar een afweer
middel tegen de doodgewone verkoud
heid speuren, menen nu gevonden te
hebben wat zij zoeken. Zij hebben hun
zelf ontwikkelde anti-verkoudheidsmid-
del Interferon genoemd en willen het
nu op grotere schaal beproeven. Helaas
echter ontbreekt het hun nu ondanks
herhaalde oproepen en advertenties aan
voldoende vrijwilligers, die eerst in
de basis van de studiegroep te Salisbury
kunstmatig verkouden gemaakt wor
den om dan met Interferon behandeld
te worden. Interferon zou een proteine-
soort zijn die door het menselijk lichaam
wordt geproduceerd als een eerste ver
dediging tegen de aanvallen van het
binnendringende verkoudheidsvirus.
4
De VAR A-tel evisie heeft aan een aantal
Nederlandse auteurs opdracht gegeven een
één-akter te schrijven over het probleem
van de jeugd van omstreeks twintig jaar.
Ed Hoornik was de schrijver van het eer
ste spel en dat was vrijdagavond te zien.
Hij heeft reeds enige ervaring als schrij
ver van televisiespelen en dat kwam goed
tot uiting. Het probleem is bijzonder inge
wikkeld en Hoornik heeft een aspect geko
zen dat niet nieuw was. Het is in ieder ge
val interessant aandacht aan het vraag
stuk der jeugd te besteden en ook is het
van belang de Nederlandse auteurs in de
gelegenheid te stellen werk voor de tele
visie te maken. Met vertrouwen zien wij
volgende uitzendingen tegemoet.
Deze avond gaf dr. E. van Raalte een
nabeschouwing van de kabinetscrisis en
mr. Benno Stokvis vertelde het laatste
nieuws over de Duitser Kaufmann, die hij
uit Duitsland heeft gehaald en wiens be
langen hij zal behartigen.
De rubriek „Spiegel der Kunsten" be
vatte weer interessante onderwerpen; on
der meer verscheen de bijna zeventigjari
ge Jelle Troelstra op het scherm, die in
teressante dingen vertelde over de schil
derkunst.
Beeldschermer
De Koningin heeft de museumpenning
in zilver, welke onderscheiding bij Konink
lijk Besluit van 1952 werd ingesteld, toe
gekend aan de heer dr. R. Wartena, voor
zitter van het Kunsthistorisch College van
Advies te Weesp.
Deze onderscheiding wordt zeer zelden
toegekend. De loco-burgemeester van
Weesp, mr. F. J. M. Nass, heeft de onder
scheiding in de bijeenkomst van het Kunst
historisch College van Advies aan de heer
Wartena uitgereikt. Dr. Wartena heeft
zich onderscheiden bij het aanwerven van
het zeldzame Weesper porselein voor het
Weesper kunstbezit.
Door het daartoe bestemde, langzamer
hand beroemd geworden loketje van Artis
is het afgelopen jaar weer een bonte ver
zameling dieren de hoofdstedelijke dieren
tuin binnengebracht. Behalve vele duizen
den muizen en ratten, vlinderpoppen, rup
sen, mieren en eieren van insekten, pas
seerden er een kleine 2500 dieren. Het
talrijkst waren de vogels, waarvan er 1023
naar Artis kwamen. Aan reptielen en am
fibieën werden er 628 binnengebracht, ter
wijl 582 zoogdieren de Amsterdamse die
rentuin kwamen verrijkèn.
Bij al deze schenkingen waren diverse
kostbare dieren. Van een relatie in Nieuw-
Guinea ontving Artis een aantal kroondui-
ven, twee zwarte kakatoes, twee casuaris-
sen, een koeskoes (boombuideldier), een
boomkangoeroe en verschillende soorten
schildpadden, hagedissen en krabben.
Voorts kreeg men vijftien apen, waaronder
een brulaap en enkele oeistiti's, een jonge
eland, die wel iets te groot voor het loketje
was. een stel „krokodilwachters", een
neusbeertje, een groepje enkele dagen
oude zeeschildpadden en eieren van deze
diersoort.
Merkwaardige geschenken waren er ook
dit jaar weer volop, zoals een meloen van
16 kilo, een hondemand, een haan tezamen
met 37 kilo brood, een gekko een hage
dissoort uit tropische en sub-tropische ge
bieden die bij een Amsterdammer uit
eenradiotoestel (afkomstig uit Tur
kije) kwam en een groensnavel-toekan,
die geruime tijd in de omgeving van het
PARIJS Georges Muller, een kruide
nier in Nice, is met zijn vrouw uitgeno
digd, volgende week getuige te zijn bij
de feestelijke intrede in het Witte Huis te
Washington van Amerika's nieuwe presi
dent John F. Kennedy. De Mullers heb
ben hun kaartjes voor het vliegtuig
heen en weer naar Washington al ontvan
gen en zondag zullen ze uit Nice vertrek
ken. In Washington zal het echtpaar lo
geren in het aanzienlijke Woodner-hotel,
maar bij alle officiële plechtigheden in het
Witte Huis is voor hen een plaats op de
eerste rijen temidden der ere-gasten ge
reserveerd. De 61-jarige kruidenier en zijn
vrouw, die tot dusver de stad hunner in
woning nog maar zelden hadden verlaten,
danken dit buitenkansje niet aan de nieu
we president zelf, maar wel aan diens va
der, Joseph Kennedy, de vroegere ambas
sadeur der VS in Londen.
Sinds 1954 plegen Joseph Kennedy en
zijn echtgenote hun zomervakanties aan
de Franse zuidkust door te brengen, waar
ze vlak bij Nice een villa hadden gehuurd.
Ze gingen dan hun boodschappen doen bij
kruidenier Muller, met wie in de loop der
jaren een band van een vriendelijke en
zelfs hartelijke verstandhouding ontstaan
is. Elk jaar stond Muller de Amerikanen
trouw op te wachten, wanneer ze aankwa
men op het vliegveld en als ze, een paar
maanden later, weer vertrokken was hij
met zijn vrouw opnieuw op zijn post om
de Kennedy's na te wuiven tot hun vlieg
tuig in de wolken verdween. De laatse
keer had de oud-ambassadeur bij zijn af
scheid verteld, dat zijn zoon een redelijke
kans maakte tot president van Amerika
te worden gekozen. Als dat gebeurt, dan
zouden jullie eigenlijk ook van de partij
moeten zijn, zo zei hij. De Mullers had
den bij die woorden maar eens vriendelijk
ofschoon een tikje ongelovig geknikt. Doch
deze week, toen de post een brief met
de vliegtuigkaartjes bracht, hebben de
kruidenier en zijn vrouw dan toch ont
dekt dat, het monsieur Kennedy ernst ge
weest is met zijn uitnodiging.
Advertentie
Vondelpark had rondgevlogen. Hoe deze
vogel, die uitsluitend in tropisch Zuid-
Amerika voorkomt, daar verzeild is ge
raakt, is nog steeds een raadsel. De politie
bracht eveneens diverse soorten dieren
naar Artis, onder andere een ringslang, die
in het bed van een kind was gevonden en
een boktor uit Midden-Afrika, die zomaar
in een Amsterdams huis werd aangetrof
fen.
4647. Een hoveling, die het bevel van de woedende koning Barbonix had gehoord,
spoedde zich naar het huis van de alchimist, waarmee hij bevriend was.
- Mafala! hijgde hij. Maak dat je uit de voeten komtde koning is verschrikkelijk
kwaad, omdat je recept weer verkeerd uitgevallenis, en je zult streng gestraft worden!
Lieve deugd! zuchtte Mafala ontdaan. Dan moet ik weer een foutje gemaakt heb
ben Misschien heb ik teveel van het kruid Sympolium Pipurax door de drank ge
mengd. Dank voor je waarschuwing, ik geloof dat ik maar het best kan maken, dat
ik weg kom!
Haastig pakte de alchimist wat spulletjes bij elkaar en toen nam hij de vlucht
Buiten het toeristensei
zoen is januari voor de
Terschellingers de meest
levendige maand. Dan ko
men de buurtschappen bij
een voor het verpachten
van de gronden, die ge
meenschappelijk bezit van
de eilanders zijn, dan kookt
„tante Mart" in Hoorn
een van de oostelijk gelegen
dorpen het „borrebier"
en dan houdt ook de „buul"
die officieel het fonds
„Grootschippersbuidel" of
„zeemansassurantiebeurs"
heet, zijn gezellige jaar
vergadering.
Terschelling houdt, bij
alle veranderingen die zich
op dit 's zomers door toe
risten overstroomde eiland
voltrekken, van tradities.
Het heeft er, in deze tijd
van sociale voorzieningen
en een uitgebreid verzeke
ringswezen, zijn „buul" in
stand gehouden. Volgend
jaar als het fonds een
van de oudste verzekerings
instellingen van ons land
375 jaar wordt, moet er
feest worden gevierd. En
dan aal men ook het merk
waardige feit kunnen her
denken, dat in al die 375
jaar de premie nooit ver
hoogd is. In 1687 begon men
met een premie van 2 gul
den per jaar, opdat zeelie
den, die bij een scheeps
ramp hun hele hebben en
houden verloren hadden,
geholpen konden worden.
Ook zeemansweduwen heb
ben profijt van het fonds
getrokken. De 106 gulden,
die de 53 leden nu jaarlijks
bijeen brengen, hebben na
tuurlijk weinig meer te be
tekenen. Maar het fonds
bestaat nog en dat vinden
de Terschellingers 't voor
naamste.
En dan is er in januari
het „borrebier", het feest
voor de vijf op oostelijk
Terschelling gelegen dor
pen: Landeren, Formerum,
Lies, Hoorn en Oosterend.
Elk van deze dorpen of
buurtschappen heeft, als
gemeenschappelijk bezit
van de bewoners, sinds jaar
en dag een aantal percelen
grond. Eenmaal per jaar
moeten die verhuurd wor
den en dat gebeurt op het
„borrebier", een bijeen
komst die genoemd is naar
het bruine, zoete en nogal
geestrijke vocht, dat er ge
schonken wordt.
In Hoorn Is het buurt
schap van Lies deze week
weer bijeen geweest. De
bijeenkomst werd met
gevierde teugel geleid
door Dirk Smit, die dit
jaar de „indersman" is, dat
wil zeggen, dat hij de ad
ministratie behartigt. Alle
dorpsbewoners komen daar
zo in de loop der jaren voor
in aanmerking. Ze kunnen
er alleen voor bedanken
als ze ouder dan 70 jaar
zijn. Het „borrebier", dat
bij glazen vol gedronken
wordt, en waarbij hartige
hapjes van een varkenskop
de ronde doen, wordt vak
kundig klaargemaakt door
tante Mart, de 71-jarige
mevrouw Martha Mier. Zij
kookt donker bier, brande
wijn en bruine suiker door
elkaar en serveert dat
gloeiend heet uit een stenen
kan aan de mannen die er
in de loop van de avond
steeds vrolijker van wor
den. Zij is de enige Ter-
schellinger vrouw, die erbij
mag zijn, want het „borre
bier" is uitsluitend voor
mannen. En verder worden
de administratieve beslom
meringen, het land ver
pachten, het met elkaar
praten en soms heftig dis
cussiëren over zaken, die
de buurtshap raken, afge
wisseld met ellenlange Ter-
schellinger zangen en voor
drachten. Tot diep in de
nacht duurt het „borrebier"
voort. Het zal nog wel lang
in ere blijven, want zo
als gezegd de Terschel
lingers laten bepaald niets
schieten, wat nog aan de
goede oude tijd herinnert.
De burgemeester van het Zuidduitse
middeleeuwse stadje Rothenburg aan de
Tauber heeft rijn burgers beloofd te zul
len strijden tegen de nieuwste vijand van
het plaatsje: de moderne techniek.
Het was in de tijd van de dertigjarige
oorlog tegen Zweden, toen het stadje voor
het laatst ernstig in zijn bestaan bedreigd
werd. Een invasie werd echter voorkomen:
de toenmalige burgemeester sloot een
weddenschap af met de Zweedse comman
dant en won deze door een enorm vat wijn
leeg te drinken, waarop de Zweden zich
volgens afspraak terugtrokken.
De vijand van 1961 echter is binnen de
muren (die nog in ongeschonden staat
verkeren) van de stad. Het is het plaatse
lijke politie-apparaat, dat wil overgaan
tot de invoering van zulke hypermoderne
duivelswerktuigen als stoplichten.
De burgers zijn er tegen. Zij zijn echter
niet zozeer bang voor stoplichten als wel
voor het verlies van de bijna 500.000 toe'
risten die jaarlijks het stadje komen be
zichtigen.
Rothenburg is volgens de legende het
b^st bewaard gebleven middeleeuwse
plaatsje ter wereld, het werd in alle oor
logen „vergeten"*.,.
Tijdens het toeristenseizoen mogen er
zelfs geen auto's staan op de officiële par
keerplaats in het stadje, omdat deze de
middeleeuwse sfeer geweld aandoen. Bus
sen met toeristen mogen wel hun passa
giers afleveren in de stad, maar moeten
dan bulten de muren blijven wachten.
En nu wil de politie zulke dingen als
stoplichten en straatnaambordjes gaan in
voeren
Advertentie
Het brandende dal
16)
Bij het zevende pakje raakte hij weer in de war.
„Het wil niet. Ik deug niet voor bankier. Mijn paard
is beter af: anderen rekenen voor hem. Motoaka, ik be
noem jou tot mijn boekhouder. Kom hier: tellen!" Moto
aka zat aan de andere kant van de tafel en keek rijn oom
bedaard aan. „Waarom begin je eigenlijk steeds weer te
tellen, oom? Daardoor krijg je toch niet meer geld?"
weerde hij af.
„Kom hier, tellen! Als ik jou dat zeg.
De jonge man trok de pakjes bankbiljetten naar zich
toe en begon te tellen. Zodra Gogoi zich van zijn inspan
ning zag ontlast stond hij op.
,En nu gaan we iets drinken. Meneer Cristea, waar
om schenkt u ons eigenlijk niet meer in?"
De blikken van de caféhouder achter de tapkast wer
den telkens weer naar het geld gezogen. Wat zich daar
voor zijn ogen afspeelde verheugde hem buitengewoon,
ook al was het geld niet van hem. Want in Runcu, waar
de olie de grond was uitgespoten, had hij ook een stuk
land gekocht. En wie weet.
,En, meneer Ggoi, hoe is het nu eigenlijk met die auto
gegaan?".
„Ja, dat was nog een hele historie. Toen ik het geld
had ben ik dadelijk naar het grote plein gegaan waar
dat standbeeld staat: je weet wel, een man met een
laken om. Nou, ik heb alle taxi's eens bekeken, maar
er was er niet een bij, die mooi genoeg voor me was.
Ze konden in Ploesjti ook niet weten dat ik zou komen,
wel? Eindelijk kwam er dan zo'n hele grote aanrijden.
Niets dan chroom en glas enzovoort. En een chauffeur
zat erin, dat was zelf een bojaar. „Hè, bent u vrij?"
vroeg ik Hij zei, „Waar wilt u heen?" helemaal
niet vriendelijk. Ik laat hem even in mijn zak kijken.
En als hij dat beetje geld ziet springt hij uit de auto
en rukt zich de pet van het hoofd. Zo, begrijp je? En
hij zegt, „Wilt u maar instappen, majesteit? Met u
rijd ik desnoods naar de hel!" Motoaka, heb je het nu
geteld?" Motoaka kreeg een kleur van schaamte.
„Nu heb je mij in de war gebracht, oom." Hij be
gon weer te tellen. Er boog zich iemand over zijn
schouder om hem in te fluisteren. „Wees nu niet gek,
druk een pakje achterover." Motoaka dacht er steeds
maar aan wat dit geld voor de een of ander kon be
tekenen: voor een heel rijk of voor een heel arm man.
Wat zou de een en wat zou de ander er mee doen?
Geld tellen was moeilijker dan noten of broodjes tel
len. Je moest er telkens iets bij denken wat met het
tellen als zodanig niets te maken had.
„Oom Gogoi!" riep hij. „Kom, laten we met het geld
naar huls gaan. Hier kan ik niet tellen."
„Motoaka wil er iets van in zijn eigen zak steken,"
zei iemand achter hem zacht. Gogoi voelde niet voor
opbreken.
„Breng jij het geld naar huis en laat mij met vree!"
De gasten wisselden voortdurend. Allen dronken zij
een glaasje op kosten van Gogoi, maar dan haastten
zij zich naar huis, want zij moesten de volgende mor
gen al vroeg weer aan het werk. Gogoi bleef maar ver
tellen wat hij in de stad beleefd had.
In het zijvertrek klonk de stem van Bilascu:
„Waarom al die luxe, vraagt u mij? Als de aarde
ons de rijkdommen in de schoot werpt mogen wij niet
gierig zijn. U vindt dat er te veel spiegels zijn? Dan
bent u zeker nog nooit in Sinaia in het Paleis.." „Ik
heb niets tegen die spiegels, meneer Bilascu," viel een
beheerste stem hem in de rede. „Maar ik vraag me
af wat de mensen ervan zullen zeggen. De dokter heeft
me bijvoorbeeld verteld dat hij vrijwel geen pak watten
meer in de kast heeft en ook geen goed verband."
Nijdig antwoordde de heer Balascu:
„Moet ik zijn kast soms bijhouden? Laat zijn organi
satie hem maar geven wat hij nodig heeft. De arbei
ders betalen zich immers blauw aan bijdragen voor het
ziekenfonds?" Daarover waren allen het eens.
Nu klonk weer het giechelen van Gogoi:
„Ja, mijn paardje! Dat heeft het goed! Ha ha!"
En in het zijvertrek vertelde Telengescu aan iemand:
„Toen ik in Boekarest studeerde was er een jaarge
noot, die van precies dezelfde opvatting was als u.
Wat hij nog meer vertelde werd door het geschreeuw
van Gogoi overstemd. Motoaka had namelijk het geld
over zijn zakken verdeeld en werkte zijn oom nu de
deur uit.
„Houd me vast, Motoaka," zei Gogoi giechelend,
„daarvoor heb ik je tot mijn boekhouder benoemd."
Motoaka leverde hem thuis af. Gogoi schreeuwde
nog in de richting van het buurhuis waar Bocanu
woonde, „Hè, neef Chivu, ben je aan het geld tellen?"
Toen trok iemand hem naar binnen en Motoaka sloeg
in de schemering de Verlaten weg in. Boven het dal
kwam de maan op, tussen twee boortorens, die tegen
de koperkleurige lucht aan dreigende omhoogstekende
galgen deden denken.
Toen hij tussen de bomen kwam voelde hij de een
zaamheid in zijn hart Hij was graag in het gezelschap
van anderen, hij keek toe en luisterde zonder zich in de
gesprekken te mengen, hoewel er hem niets ontging.
Hij was altijd nieuwsgierig wat de een en wat de an
der van hetzelfde voorval zou denken. Als hij naar an
deren luisterde voelde hij zich een stilstaande auto
waarvan de motor was blijven draaien, alsof iemand
maar op een pedaal hoefde te trappen om hem weer op
gang te krijgen. Er was iets in hem dat onder de opper
vlakte voortdurend in beweging was en steeds nieuwe
brandstof nodig had. Zodra hij evenwel alleen was
bleef de motor staan en wilde niet meer lopen. Brand
stof was er niet meer nodig, maar het was ook alsof
hij van binnen verstarde. En er kwam angst bij hem op,
die misschien ook dan wakker zou worden als een mens
begon te sterven. Al gauw werden de ruimten tusssen
de stammen breder. Hij kon de lichtjes langs de heuvel-
wand al zien: oude lage huisjes. In het donker jankte een
hond. Die jankt van honger, dacht Motoaka, terwijl hij
de houten veranda voor het eerste huisje beklom.
Links en rechts van de deur was een raam en achter
het linker flakkerde licht. De jongeman lipp voorzichtig
over de wrakke vloer van de veranda en tikte tegen de
ruit. Een schorre stem vroeg, naar het leek vriendelijk:
„Wie is daar?".
„Ik ben het, oudje".
De deur ging krakend open. Een kille lucht van roet
sloeg Motoaka tegemoet. De bosman liet zich zien. „Wat
had je, Jonica?" vroeg hij welwillend. „Je bent ons
dus nog niet vergeten? Kom binnen".
Motoaka volgde de oude man naar de kamer. De
kleine petroleumlamp met de ingebrande kous en het
gelijmde glas verlichtte maar een hoek van het vertrek,
het bed met het kleed, dat alle kleur miste. Een tweede
kleed hing aan de wand en gaf de kamer een vriende
lijker rode tint. Erboven hing een oud geweer.
„Ga zitten, Jonica," zei de boswachter.
De jongen ging precies daar zitten, waar een strookje
papier op de lamp schaduw wierp. „Nog altijd aan het
werk, oudje?"
„Nog altijd aan het werk! Wat anders?" antwoordde
de boswachter. Hij ging zitten en greep naar zijn hout
snijmes. Hij legde een knoestige tak over zijn kniën en
begon de bast eraf te schillen. Aanvankelijk bleven zij
zwijgen. Toen zei Motoaka: „Gogoi is er bovenop. Heb
je bet al gehoord?"
„Draai de lamp wat lager," zei de oude man en
schilde verder zonder antwoord te geven.
Motoaka draaide aan de schroef van de kous en
trachtte zich in te denken wat er met de duizenden
tonnen olie gebeurde, die van hier naar elders werden
getransporteerd. Steden en hele landen ontvingen er
hun licht van, terwijl deze oude man nog zuinigheid
moest betrachten met zijn ene petroleumlamp.
„In Runcu hebben zij dus wat gevonden?" vroeg de
oude man. „En hier komen zij niet eens meer?"
„Misschien vinden ze hier binnenkort ook iets",
troostte Motoaka hem.
„Ach, die komen niet meer!" Hij stond op. „Klaar!"
zei hij tevreden. Hij keek van de tak naar zijn neef
en liep om de tafel naar de hoek achter de deur,
waar Motoaka nog meer van dergelijke werdstukken
zag staan. Daarna haalde hij een nieuwe knoestige
tak uit de gang, ging weer zitten en begon er gduldig
de bast af te schillen.
„Houd daar toch mee op, oom", verzocht Motoaka.
De oude man trok het bultige voorhoofd evenwel
in rimpels: „Ja, als ik mijn zin kreeg, dan zou Ik
ermee ophouden. Maar dat kan nu eenmaal niet".
(Wordt vervolgd)
Advertentie
lÜ'RWlii
latp.J. H. van den Bosch Co. - A'dam /DUsseldor*
De tijd voor het maken van de eerste
of misschien zelfs definitieve vakantieplan
nen is thans weer aangebroken. Het zal
dan ook wel niet voor niets zijn geweest,
dat tal van auteurs zich evenals vorige ja
ren hebben uitgeleefd in boeiende beschrij
vingen van die gebieden in het oude Euro
pa, welke zich als uit traditie in een grote
toeristische belangstelling mogen verheu
gen. Nieuwe wegen werden echter even
eens ingeslagen en deze leiden ditmaal
naar de voor een Nederlandse vakantie
ganger vrijwel onbekende attracties van
de in andere opzichten zeker niet aan de
aandacht ontsnappende Sovjet-Unie.
Zeer vermeldenswaard zijn tenslotte nog
de picturaboekjes (Spectrum) „BELGIë"
van Thérèse Henrot en „OOSTENRIJK"
van Claude Vausson, alsmede twee uit
gaven in de reeks Christelijk erfgoed langs
's Heren wegen: „IN FRANKRIJK" door
Robert Franquinet en IN ASSISIë door
Felix Rutten (De Toorts in Haarlem).
„DE KORREL IN DE VOOR" en
„WASSEND GRAAN" van Marie Koe
nen. Twee streekromans van enigzins ver
ouderd type, doch nog leesbaar in het
licht van hun tijd.
„EGERIE, JE MOET VERDWIJNEN"
door Paul van Overveer (Uitg. V. A. Kra
mers, 's Gravenhage). Een pocket over
spiritisten. „Het lijk In de crypte" door
John Dickson Carr (Prisma-boeken). Ver
taling C. Verlinden-Bacx. Een spannende
detective. Dickson Carr zorgt voor een in
trigerend slot.
„DOKTER SALLY" door P. G. Wode-
house (Uitg. Prisma-boeken). Vertaling
Henriëtte van der Kop. De typische Wode-
house-humor viert ook in dit boek over
een vrouwelijke dokter hoogtij. Voor de
liefhebbers.
DE HALVE SCHAAR Ellery Queen
Een spannende criminal over de moord
op een bekende Japans-Amerikaanse
schrijfster.
Wij verstaan onder een oorkonde een
officieel, in de juiste vorm opgesteld
document dat als bewijs -moet dienen
van hetgeen er in vermeld staat. Het
woord is pas in de 19de eeuw In gebruik
gekomen ter vervanging van charter,
in navolging van het Duitse Urkunde.
In het Middelnederlands bestond ook
een woord oorkonde, maar dat beteken
de: getuige en werd dus voor personen
gebruikt.
Het woord bestaat uit twee delen:
oor en konde. Het laatste betekent'
bericht, tijding, verklaring, getuigenis
en ls verwant met kunnen en met
kondschap. Het eerste is een oud voor
voegsel dat nog slechts In een zeer klein
aantal woorden voorkomt, maar meestal
tot e r- is verzwakt Men schreef het
^vroeger: oir- en de betekenis Is: uity