Britten lopen krom onder de last
van hun loodzware kleingeld
DE HAREM - SYMBOOL DER ARABISCHE MANNEN-
HEERSCHAPPIJ - WANKELT OP ZIJN GRONDVESTEN
Proces in Dusseldorp om
de Rijksdagbrand
Regeringenpriesters en feministen willen tezamen
de eeuwenoude veelwijverij in hun landen uitbannen
Plastic penny maakt
(nog) geen kans
Pennies van leer
Gevoelskwestie
f v*.
Onbekend, onbemind
Twaalfdelig stelsel
DINSDAG 17 JANUARI 1961
6
Staking dreigt bij vervoer
in New York
WËÊsmm
Duitse jongeman wilde op
het veld van eer sterven
Koningen geven
voorbeeld
(Van onze correspondent)
LONDEN. U weet het wel Engeland is een land, waar
talloze stokoude gewoonten en tradities hardnekkig voort
bestaan. De Britse levenstrant wordt nu eenmaal geken
merkt door de schrilste tegenstellingen, waarbij oud en
nieuw dikwijls op bizarre wijze eikaars aanwezigheid ver
dragen in een soort van vreedzame coëxistentie. De Britten
zijn bijvoorbeeld de uitvinders van de televisie, de atoom
splitsing, de straalmotor en de penicilline en ook van de
stoommachine, de locomotief en de luchtband. Maar rechters
en advocaten tooien zich nog altijd met middeleeuwse ge
poederde pruiken, effectenmakelaars met glanzende hoge
zijden, schoolkinderen, met inbegrip die van de middelbare
scholen, dragen hun uit lang-vervlogen dagen afkomstige
verplichte uniformen met allerlei rare petjes en hoedjes en
in de winter huiveren we allemaal bij onze walmende open
haarden, soms met een kamerscherm er omheenl Langs de
elektrische spoorlijnen (diesels beginnen thans pas hun
intrede te doenl) suizen op de stations nog gezellig als in
overgrootmoeders tijd de gasgloeikousjes. En dan het zware
geld, waarmee de Engelsen ook al jarenlang tobben en dat
voor de buitenlandse bezoekers een extra-puzzel vormt.
NEW YORK (UPI) De staking van
de New Yorkse sleepbootbemanningen
heeft ook invloed op het spoorwegverkeer.
De spoorwegautoriteiten hebben aange
kondigd. dat het Newyorkse Grand Cen
tral Terminal station zal worden gesloten,
doordat de personeelsleden de postende
stakers van drie verschillende bonden bij
het station niet in de weg wilden komen.
Ook de vervoersfaciliteiten in de rest
van het land zouden door de staking wor
den bedreigd.
De drie vakbonden van vervoersperso-
neel hebben aangekondigd de beweging
ook in andere delen van het land te pro
pageren.
'"-y'y
De bronzen penny-stukken
bijvoorbeeld zijn zo groot als
de Nederlandse vooroorlogse
zilveren rijksdaalders en je
moet er dagelijks heel wat
meetorsen als kleingeld voor
de bussen, voor de kaartjes
automaten van de ondergrond
se en voor de openbare tele
foonapparaten (vier in de
gleuf voor een lokaal ge
sprek!). Gezien het feit, dat
het Engelse geld de mensen tot
lastdieren maakt, heeft het
dezer dagen verschenen jaar
verslag van de Britse Konink
lijke Munt nogal hoop gegeven
door de daarin geopperde sug
gestie, om misschien in de
verre toekomst voor de klei
nere muntwaarden plastic ma
teriaal te gaan gebruiken. Het
zal echter voorlopig wel niet
zo'n vaart lopen, want afge
scheiden van het conservatis
me van het Engelse publiek,
zullen aan de plasticrevolutie
in het Engelse muntstelsel
eerst enkele minstens zo in
grijpende andere omwente
lingen vooraf dienen te gaan.
De door de muntdirecteur gemaakte op
merking over plasticmunten is op het
ogenblik dan ook niet meer dan een proef
ballon. Elk jaar bevat zijn rapport een
puur theoretiserend opstel, dat ten doel
heeft de verbeeldingskracht van de lezers
te prikkelen en het Engelse volk langzaam
maar zeker psychologisch op de noodzake
lijke veranderingen in het muntstelsel voor
te bereiden.
Al eerder heeft dezelfde directeur enige
voorzichtige opmerkingen gemaakt over
hetgeen hier nog altijd als een ongehoorde
nieuwigheid wordt beschouwd, namelijk de
invoering van het tiendelige en metrieke
stelsel", voor ons vastelanders dank zij Na
poleon de gewoonste en meest logische
zaak ter wereld, evenals het rechtshouden
in het verkeer," waarvoor de Britten ook
nog steeds terugdeinzen, zoals zij zich ook
vastklemmen aan de handhaving van de
wintertijd. Op dit laatste gebied zou Enge
land zich zonder kleerscheuren met het
continent kunnen gelijkschakelen als be
wijs van goede wil op het gebied van de
Europese samenwerking.
Pas wanneer Engeland ten lange leste
zou overgaan tot het decimale systeem,
zoals het thans ook begint échte auto
wegen aan te leggen, zou de mogelijheid
van plastic-munten aan de orde komen
In beginsel is men misschien wel bereid,
deze te aanvaarden, omdat de tijd allang
voorbij is dat de intrinsieke (metaal)
waarde van de muntstukken gelijk was
aan hun nominale waarde. Er was een
tijd, dat zelfs de kleinste munten van
zilver waren, maar toen de prijs van dit
edele metaal geleidelijk steeg, moest de
hoeveelheid zilver eerst worden beperkt
om later geheel uit de munt te verdwijnen.
Kort na 1600 maakte bijvoorbeeld de zilve
ren penny, welke in 755 werd ingevoerd,
plaats voor de koperen, die tenslotte in
de vorige eeuw door de bronzen werd
vervangen. Plastic-munten, waarmee en
kele jaren geleden in Ceylon werd geëx
perimenteerd, zonder dat zij echter in om
loop werden gebracht, zouden voor elke
waarde een verschillende kleur mogelijk
maken, maar weinigen zullen ervoor voe
len, geld op deze wijze het karakter
van speelfiches te geven. Doch toen een
paar eeuwen geleden voor de lagere munt
waarden van zilver werd afgestapt om
over te gaan op lood en tin, is er voor
de kleinste munten, namelijk de farthing
en de halve penny, al eens leer gebruikt.
Al gauw viel de keus op koper en in
1860 deed tenslotte de bronzen penny haar
intrede. Koper werd afgeschaft omdat de
Engelse muntstukken, geslagen uit dit me
taal en sinds het einde van de achttiende
eeuw in omloop, in deplorabele staat ver
keerden. Zij waren bijna alle beschadigd,
versleten of vervalst. Er waren vier typen
pennies van verschillende grootte en ge
wicht. Het was echter gemakkelijker nieu
we te slaan, dan de oude in te trekken!
Koningin Victoria was met de honderd
jaar geleden uitgekomen nieuwe penny
zeer in haar nopjes, want zij was reeds
de veertigjarige leeftijd gepasseerd, maar
op het muntstuk was zij als een jong meis
je afgebeeld met keurig opgestoken haar,
toen in hoge mate modieus. Het Engelse
woord voor zo'n knotje is „bun", vandaar
dat dit muntstuk nog altijd de „bun" pen
ny wordt genoemd. Het was een van de
mooiste ontwerpen, die ooit de Britse
munt heeft verlaten en nog steeds heeft
men er een grote affectie voor. Er zijn
nog heel wat zwart aangeslagen en flin
ter dun afgesleten pennies met Victoria's
schimachtige beeltenis erop in omloop.
Wanneer men een willekeurige greep doet
in de berg pennies, die iedereen dagelijks
meevoert, treft men daartussen altijd pen
ny-stukken uit de tijdvakken van vier mo
narchieën aan, de huidige niet meegere
kend. De pennies gaan namelijk zo lang
mee en aanmunting is zo kostbaar, dat er
behalve enkele souvernirexemplaren, ge
slagen bij de kroning in 1953, nog geen
pennies met de beeltenis van koningin
Elizabeth II in omloop zijn gebracht. Er be
staat ook geen enkel muntstuk met het
conterfeitsel van de afgetreden Eduard
VIII, de tegenwoordige hertog van Wind
sor.
Toen de bronzen penny haar intrede
Weliswaar aanvaardt het publiek uit
praktische noodzaak bankbiljetten, maar
voor zijn „zak" geld prefereert het iets
zwaars, omdat dit soliditeit suggereert.
Toch gelooft de Muntdirectie, dat het
Britse publiek op den duur wel zal zwich
ten. Het ideaal waarnaar het Britse munt
wezen streeft, is lage waarden van plas
tic en hogere van het zilverkleurige ko
pernikkel, dat zilver reeds voor vele
doeleinden heeft vervangen. In elk geval
heeft de directeur van de Munt het En
gelse volk aan het denken gezet.
Een „panorama" van de Engelse munten.
Het kleinste geldstuk, de farthing, is op
1 januari 1961 ongeldig verklaard. De
kroon, het Vijf. shillingsstuk, is alleen in
een beperkt aantal exemplaren als souve
nir bij de kroning van 1953 geslagen.
Bovenste rij (van links naar rechts): half
crown (halve kroon), keerzijde, waarde
2llt shillings, ongeveer 1,30; idem, voor
zijde; florin, keerzijde, waarde 2 shillings,
ongeveer 1,
Middelste rij: shilling, keerzijde, ruim
f 0,50; crown (kroon), vijf shillings, ruim
f 2,50; idem, keerzijde-
Onderste rij: sixpence, ongeveer 0,25.
Alle bovenstaande munten van zilverach
tig cupro-nikkel. Threepence, twaalfzijdig,
koper, ongeveer f 0,15 (er bestaan ook nog
antieke kleine ronde zilveren drie-pence
stukken, zoals die uit traditie met Kerst
mis in de plumpudding worden ver
stopt penny (keerzijde), brons, onge
veer f 0,05; halfpenny (keerzijde), brons,
ongeveer 0,025; farthing (kwart van een
penny), opgeheven.
W, ii,: V
Op de schietbanen van het Britse Rijn-
leger bij Bergen-Hohne in West-Duits-
land zijn proeven genomen met de
„Honest John"-raket, welke een kern-
lading in de neus kan dragen. Deze
proeven waren voor het eerst toegan
kelijk voor de pers. De foto toont een
„Honest John", die gierend en vlammen
brakend de lanceerinrichting verlaat.
deed, toonden de banken er niet de min
ste belangstelling voor! De munt moest
er gewoonweg mee leuren om ze aan de
man te brengen. Men moest aanvanke
lijk zelf de lange reis naar de munt (vlak
bij de Tower in Londen) maken om de
nieuwe muntstukken te bemachtigen.
De nieuwe penny was kleiner dan de ko
peren en sommige arme mensen waren
huiverig de „bun" penny te accepteren,
omdat ze dachten dat deze ook minder
waard was. En vrijwel iedereen bleef trou
wens hardnekkig aan het oude geld vast
houden. Toen bedacht de munt eèft trucje
Zij gaf twee percent commissie aan al
len, die dé oude pennies inzatnelden. Dat
hielp! Vrijwilligers in het gehele land to
gen aan het werk. Vooral de bierbrouwerij
en deden hun duit in het zakje, omdat
er tientallen herbergen waren, die voor
hun bier met de massamunten, welke zij
aan de toonbank ontvingen betaalden.
In 1864 waren eindelijk alle koperen pen
nies verdwenen, maar ze bleven nog tot
1869 geldig. De bronzen pennies rechtvaar
digden zichzelf, want na honderd jaar
waren er nog vele in goede conditie. De
oudste penny welke men tot voor kort ken-
kende was een zilveren exemplaar uit 1065
maar dezer dagen werd er een uit 796 ont
dekt met de beeltenis van Offa, koning
van Mercia, toen een afzonderlijke staat,
zoals ook het graafschap Kent een konink
rijk is geweest. Offa is de enige Saksi
sche koning, die met een soort portret,
in plaats van een geformaliseerde beelte
nis, op zijn munten stond afgebeeld.
Elke dag gebruiken de Britten gedachte
loos het woord „pond sterling", zonder te
beseffen wat deze uitdrukking precies be
tekent. Het was oorspronkelijk een ponds
gewicht (een Engels „pound" van 450
gram) aan zilveren pennies, welke ook
sterling werden genoemd. We kijken de
Britten er wel raar op aan, dat zij nog
het twaalfdelige op de penny gebaseerde
muntstelsel bezitten, maar vergeten, dat
dit eeuwenlang overal in Europa en ook
soms daarbuiten gehuldigd werd. Y°or
de afkorting pond wordt nog het latijnse
libra (hoofdletter L) gebruikt en voor de
penny de afkorting d (Denarius). Geduren
de de controle van diverse munten in de
feodale periode waren er in Europa ver
schillende soorten zilveren pennies
naast elkaar in omloop. Tot de Franse
revolutie was de penny, die in Tours
werd geslagen, de „denier Tournois", de
basis van het Franse muntstelsel. In de tijd
van grote handelsbloei gedurende de elf
de en twaalfde eeuw nam de behoefte aan
zilveren muntstukken, zwaarder dan vele
gedeprecieerde continentale pennies, toe.
Hierin werd voorzien door de nog altijd
waardevaste Engelse penny (sterling). In
Vlaanderen en elders was deze viermaal
zoveel waard als de penny uit Tours. In
de lage landen kreeg het Engelse pond-,
shillingen- en pence-systeem vaste voet.
Een zogenaamd pond groot bestond uit
240 groots (pennies, penningen). Een van
de eerste gouden muntstukken in Europa
was de uit Florence afkomstige en daar
naar genoemde florin (nog altijd het Ne
derlandse guldenteken) of het „pond pic-
cioli" (kleine pond) welks waarde gelijk
stond aan 240 kleine zilveren pennies. In
Engeland, evenals elders, kende men la
ter de gouden sovereign. Het tegenwoor
dige prijzensysteem, speciaal het hono
rarium van dokters, advocaten en arti
kelenschrijvers, kent nog altijd de guinea
121 shillings is een pond en één shilling).
Oorspronkelijk was dit een muntstuk, ge
slagen van metaal van de Goudkust (Gui
nea).
Munten slaan is, zoals gezegd, kostbaar,
en niemand is zuiniger dan de Rijksmunt.
Omdat het aanmaken van pennies zo duur
is, zoekt men al jaren naar een duurzaam
doch goedkoper materiaal, vooral voor de
laagste muntwaarden. Maar het zal moei
lijk zijn de mensen te laten afstappen van
metaal, ook al zou plastic geld de Engel
sen voor scheeflopen behoeden. Is men
destijds uit gevoelsoverwegingen niet ook
teruggedeinsd voor aluminium geld?
BONN (Reuter) De achttienjarige
Dietmar Kirchstein is zondagavond ge
kleed in een nazi-uniform met een haken
kruisarmband, in een wachtlokaal van het
Britse leger bij Mönchen-Gladbach bin
nengedrongen, waar hij een Britse mili
tair in de schouder schoot. De toestand
van de militair, die geopereerd is, is be
vredigend.
De dader heeft zich later bij de politie
in Dusseldorp gemeld.
De officier van justitie te Dusseldorp
heeft meegedeeld dat de jongen „op het
veld van eer wilde sterven". Hij is ver
standelijk niet bijzonder ontwikkeld en
heeft veel goedkope romannetjes over de
oorlog gelezen. Dietmar behoort niet tot
een politieke partij of een jeugdorganisa
tie.
Men onderzoekt thans of hij zal worden
vervolgd of dat hij in een psychiatrische
inrichting zal worden opgenomen.
DUSSELDORP (DPA) De nog altijd
omstreden schuldvraag van de Rijksdag
brand van 27 februari 1933 in Berlijn is
dinsdag in Dusseldorp weer het onderwerp
van een proces.
In het proces te Leipzig in 1933 werd
de Nederlander Marinus van der Lubbe
als de brandstichter aangemerkt en ter
dood veroordeeld. Hij werd in januari 1934
terechtgesteld.
De voormalige Gestapoman en schrij
ver Hans-Bernd Gisevius echter beweert
dat de voormalige S.A.-Sturmführer Hans
Georg (Heini) Gewehr, thans bouwkundig
ingenieur, een van de hoofdbrandstichters
is geweest. Gewehr heeft tegen deze be
wering, voorkomend in het door Gisevius
geschreven boek „Bis zum bitteren Ende"
een klacht ingediend. Bij vorige behande
ling van deze kwestie, in oktober en de
cember vorig jaar, is men niet tot een
conclusie gekomen. Thans begint in
Dusseldorp de mondelinge behandeling.
Gisevius wil documenten en getuigenver
klaringen ter staving van zijn bewering
aanvoeren. Een van de getuigen is Robert
A. Kampner, de hoofdaanklager van de
Neurenbergse processen tegen oorlogsmis
dadigers.
door Stephen Wkiting)
HET LAATSTE BOLWERK van de mannelijke suprematie
is bezig af te brokkelen. In de gehele Mohammedaanse
wereld raakt de harem in onbruik. Moslimvrouwen, die
vroeger vrijwel geen onderwijs genoten, komen steeds
meer op gelijke voet met de man te staan en de intellec
tuele élite onder haar heeft de strijd tegen de „mannen-
heerschappij" aangebonden om voor vrouwen gelijke rechten
te krijgen. Deze feministen in het Nabije, Midden- en
Verre Oosten strijden onder de leuze „een man - een
vrouw". Zij willen allereerst een eind maken aan de 1300
jaar oude instelling van de veelwijverij. Tevens willen zij
de genadestoot toebrengen aan het sprookje, dat de lsla
mietische religie een „mannengodsdienst" zou zijn.
De wapens, die de feministen gebruiken, zijn van econo
mische, sociale, morele en psychologische aard en hun
strijd heeft al zodanige successen geboekt, dat in vele
Arabische gebieden de polygamie officieel is uitgebannen.
Zo is dus de harem in de Islamieti-
sche wereld bij uitstek een teken van wel
vaart en sociaal aanzien bezig uit te
sterven. Uiteraard bestaat deze feodale in
stelling nog in volle glorie in Saoedi-Arabië
en aan de Perzische Golf, waar sjeiks
wonen, die elk jaar uit de olierijkdom van
hun land miljoenen trekken. Polygamie
bestaat ook nog onder de plattelandsbevol
king, waar de boeren het vaak goedkoper
vinden een tweede vrouw te nemen, die
dan op het land meewerkt, dan een arbei
der te betalen.
In de Libanon bestaan geen statistieken
over het aantal mannen met meer dan een
vrouw, maar men kan veilig aannemen
dat het er niet veel zijn, omdat de Libane
se republiek het meest Westers georiën
teerd is van alle Arabische landen. Boven
dien hangt ongeveer de helft van de be
volking van anderhalf miljoen de Christe
lijke godsdienst aan.
Doch zelfs in het aangrenzende Jorda
nië, waar de bevolking vrijwel in haar ge
heel Mohammedaans is, schat men dat
slechts een op de tien getrouwde mannen
twee vrouwen heeft. Zij, die er drie of vier
hebben vormen een zeer kleine minder
heid.
Het is in de Libanon bovendien niet on
gewoon, dat een Mohammedaan met een
christin trouwt, waarmee hij zich dus ver
plicht tot een monogaan huwelijk.
Het blijft echter voorkomen, dat mannen
proberen meer dan een vrouw te trouwen.
Een buitenlander, die in Beiroet woonach
tig is, keerde onlangs terug van een Euro
pese reis en vernam bij aankomst, dat
zijn huisbediende in de gevangenis zat om
dat hij niet in staat was gebleken, zijn
vierde vrouw naar behoren te onderhou
den. De andere drie hadden blijkbaar
geen klachten.
De lslamietische godsdienst eist niet van
de man, dat hij meer dan een vrouw
trouwt en vele vooraanstaande mohamme
danen families hebben de laatste jaren
het voorbeeld gegeven, door zich tot een
echtgenote te beperken. De jonge koning
Hoessein van Jordanië bijvoorbeeld, heeft
zich van zijn eerste en enige gemalin laten
scheiden, hoewel hij er volkomen toe ge
rechtigd was, een tweede vrouw te trou
wen zonder zijn eerste huwelijk te laten
ontbinden. Dat geldt ook voor de sjah van
Perzië, die thans voor de derde maal ge
trouwd is, maar zijn eerste twee huwelij
ken heeft laten ontbinden. In Perzië is de
polygamie overigens nog vrij algemeen.
In India, Turkije en Tunesië zijn dé regeringen reeds ge
zwicht voor de aandrang door huwelijken met meer dan één
vrouw onwettig te verklaren. De Verenigde Arabische
Republiek, de Libanon en Iran zijn nog bezig naar de
juiste vorm te zoeken voor wetten tegen de veelwijverij,
terwijl er in Pakistan en Indonesië steeds meer stemmen
tegen opgaan. Voorstanders van de polygamie, die beweren
dat het recht om er vier vrouwen op na te houden een
van de fundamenten van de Islam is, krijgen te horen, dat
de Koran tezelfdertijd voorschrijft, dat de echtgenoot al
zijn vrouwen geheel gelijk moet behandelen en er dus geen
favoriete op na mag houden.
Feministen wijzen er op, dat deze gelijke behandeling vrij
wel onmogelijk is, omdat in de moderne maatschappij de
man er op uit moet om zijn brood te verdienen.
Vele mannen, die meer dan een vrouw hebben gehuwd, zijn
Overigens tot de slotsom gekomen, dat dit economisch eigen
lijk niet meer gaat.
De geëmancipeerde vrouwen in Perzië
hebben het gevecht tegen de polygamie
listiglijk met psychologische wapens ge
voerd en thans hebben zij het zover ge
kregen, dat het hebben van meer dan een
vrouw als „ouderwets" geldt.
lslamietische kerkelijke autoriteiten wij
zen er op, dat Mohammeds voorschrift,
dat een man meer dan een vrouw mocht
hebben dateert uit een tijd toen er veel
meer vrouwen dan mannen waren, zodat
er velen van gebrek zouden zijn omge
komen als zij alleen waren gebleven. Die
situatie is thans geheel gewijzigd, want in
vrijwel de gehele Arabische wereld zijn de
mannen thans talrijker dan de vrouwen.
Ook ijveren de Arabische vrouwen voor
hervorming van de echtscheidingswetten.
Naar verouderde zede kan de man zich van
zijn vrouw ontdoen door eenvoudig drie
maal te zeggen: „Ik verstoot u." Dat is
thans nog de gewoonte in vele Arabische
landen. De vrouw echter kan zich niet van
haar echtgenoot laten scheiden ook al kan
zij voor een rechtbank bewijzen, dat hij
een moordenaar is of totaal onbekwaam
om zijn huwelijksplichten na te komen. In
de Verenigde Arabische Republiek zal een
nieuwe huwelijkswet spoedig bij het parle
ment in behandeling komen. Daarbij kan
echtscheiding slechts door de rechtbank
worden uitgesproken, terwijl voorts geen
man volgens deze wet een tweede vrouw
kan huwen, tenzij bewezen kan worden
dat zijn eerste vrouw onvruchtbaar of in
valide is. Het nieuwe wetsontwerp, dat wel
heel veel discussie zal uitlokken, schrijft
ook voor, dat de vrouw tevoren van de
voornemens van haar echtgenoot op de
hoogte moet worden gesteld.
Inmiddels heeft de Egyptische regering
reeds praktische stappen tegen de veel
wijverij genomen. Zij heeft Mohamme
daanse priesters verzocht, er in hun vrij
dagse preken de nadruk op te leggen, dat
de Koran de man voorschrijft al zijn vrou
wen geheel gelijk te behandelen. De pries
ters wijzen er daarbij op, dat het voor de
man vrijwel onmogelijk is, dat gebod na
te komen.
Omdat Egypte nog voornamelijk een
landbouwend land is, hangt het gezinsin
komen af van het aantal werkende leden.
Een extra vrouw betekent een hoger in
komen en veel kinderen hebben betekent:
veel arbeidskrachten.
Sociale werkers van de regering reizen
thans de dorpen af om tegen polygamie te
pleiten, maar zij zeggen, dat de levens
standaard van de Egyptische fellah om
hoog moet voordat de regering succes zal
kunnen boeken.
In het algemeen is de veelwijverij in
Egypte de laatste tien jaar belangrijk af
genomen. Na de tweede wereldoorlog ging
de curve van het aantal mannen met meer
dan een echtgenote snel omhoog vanwege
de hoge lonen, die Egyptische arbeiders
in de Britse legerkampen konden verdie
nen. Maar al spoedig stegen ook de kosten
van hèt levensonderhoud, hetgëen een'
tegenwicht vormde. Sedert 1950 is het aan
tal mannen met meer dan een vrouw met'
40 percent gedaald. Zij, die altijd polu-
gaam zijn geweest, zijn de grote Egyp
tische landheren. Zij hadden vrijwel allen
vier vrouwen en hun gewoonte was, een
van de vier op gezette tijden af te stoten
en haar te vervangen door een nieuwe
gade.
Een markant voorbeeld was de rijke
mohammed Bassioeni Ali, die enige jaren
geleden op 79-jarige leeftijd stierf. Sedert
zijn negentiende jaar had hij 62 vrouwen
gehad en weer verstoten, op enkele favo
rieten na.
Ook in Egypte neemt de emancipatie
hand over hand toe. Vrouwen kunnen er
arts worden, jurist, ingenieur en parle
mentslid. Dat brengt ook met zich mee,
dat Egyptische vrouwen haar eigen echt
genoot willen kiezen en dat niet langer aan
haar ouders willen overlaten. Zij zullen on
getwijfeld de overwinning behalen. Een
vrouwelijk parlementslid, tevens advokate,
Moeffida Abdel-Rahman geheten, een ver
woed kampioene voor de rechten van de
vrouw zegt: „De vrouwen van Egypte heb
ben thans politieke rechten verworven.
Het is absurd om haar nog langer sociale
rechten te onthouden."
In India is polygamie reeds in 1955 bij
de wet verboden, behalve voor de 35 mil
joen mohammedanen, maar ook die heb
ben zelden meer dan een vrouw en wel
om zowel economische als om morele
redenen. Dat geldt evenwel niet voor de
meer afgelegen streken. In de buurt van
de noordelijke grens is veelwijverij nog
algemeen, hoewel de noodzaak om een
grote bruidsschat te betalen wel enigszins
remmend werkt. In Assam mag een man
alleen een tweede vrouw nemen, als zijn
eerste vrouw daar toestemming voor geeft
en er zeker van kan zijn, dat zij de eerste
plaats zal blijven innemen.
Ook in Indonesië neemt het aantal poly
game huwelijken af, vooral in de steden.
In vroeger dagen was het hebben van ver
scheidene vrouwen een teken van aanzien,
maar ook hier zijn de feministen in het
geweer gekomen en wel met zoveel succes,
dat mannen, die meer dan een echtgenote
hebben, dit feit soms liever verborgen
houden. Bovendien is er een scherpe toe
neming geconstateerd in het aantal offi
ciële echtscheidingen, hetgeen erop wijst,
dat de Indonesische man zich liever los
maakt van zijn eerste vrouw alvorens een
tweede te nemen.
In Singapore zijn naar schatting nog on
geveer 100.000 polygame huwelijken, tegen
300.000 in Malakka. In Singapore is veel
wijverij trouwens bij de wet verboden, be
halve voor moslems. Een autoriteit op dit
gebied is mevrouw Shirin Fozdar, secreta
resse van de vrouwenraad in Singapore.
Zij noemde onlangs Siam, Indonesië, Sin
gapore ën Malakka „de achterlijke ge
bieden van Azië", wat polygamie betreft
en stelde de nieuwe huwelijkswetten in
communistisch China ten voorbeeld. Daar,
zegt zij, is echtelijke ontrouw een straf
baar feit, dat met een gevangenisstraf van
zes maanden kan worden gestraft. „Ons
voornaamste wapen tegen de veelwijve
rij," aldus mevrouw Fozdar, „is angst bij
de man. Wetenschappelijk gezien, behoort
de man tot het zwakke geslacht. In Azië
leeft de man gemiddeld zes jaar korter
dan de vrouw. Maar de man met meer
dan een vrouw leeft gemiddeld nog korter,
belast als hij is met de zorg voor een
groot gezin." Van mevrouw Fozdar is
daarom ook de volgende uitspraak afkom
stig: „Een man, die meer dan een echt
genote heeft, vormt geen gezin, maar een
slagveld."