Britten lopen krom onder de last van hun loodzware kleingeld DE HAREM - SYMBOOL DER ARABISCHE MANNEN- HEERSCHAPPIJ - WANKELT OP ZIJN GRONDVESTEN Proces in Dusseldorp om de Rijksdagbrand Regeringenpriesters en feministen willen tezamen de eeuwenoude veelwijverij in hun landen uitbannen Plastic penny maakt (nog) geen kans Pennies van leer Gevoelskwestie f v*. Onbekend, onbemind Twaalfdelig stelsel DINSDAG 17 JANUARI 1961 6 Staking dreigt bij vervoer in New York WËÊsmm Duitse jongeman wilde op het veld van eer sterven Koningen geven voorbeeld (Van onze correspondent) LONDEN. U weet het wel Engeland is een land, waar talloze stokoude gewoonten en tradities hardnekkig voort bestaan. De Britse levenstrant wordt nu eenmaal geken merkt door de schrilste tegenstellingen, waarbij oud en nieuw dikwijls op bizarre wijze eikaars aanwezigheid ver dragen in een soort van vreedzame coëxistentie. De Britten zijn bijvoorbeeld de uitvinders van de televisie, de atoom splitsing, de straalmotor en de penicilline en ook van de stoommachine, de locomotief en de luchtband. Maar rechters en advocaten tooien zich nog altijd met middeleeuwse ge poederde pruiken, effectenmakelaars met glanzende hoge zijden, schoolkinderen, met inbegrip die van de middelbare scholen, dragen hun uit lang-vervlogen dagen afkomstige verplichte uniformen met allerlei rare petjes en hoedjes en in de winter huiveren we allemaal bij onze walmende open haarden, soms met een kamerscherm er omheenl Langs de elektrische spoorlijnen (diesels beginnen thans pas hun intrede te doenl) suizen op de stations nog gezellig als in overgrootmoeders tijd de gasgloeikousjes. En dan het zware geld, waarmee de Engelsen ook al jarenlang tobben en dat voor de buitenlandse bezoekers een extra-puzzel vormt. NEW YORK (UPI) De staking van de New Yorkse sleepbootbemanningen heeft ook invloed op het spoorwegverkeer. De spoorwegautoriteiten hebben aange kondigd. dat het Newyorkse Grand Cen tral Terminal station zal worden gesloten, doordat de personeelsleden de postende stakers van drie verschillende bonden bij het station niet in de weg wilden komen. Ook de vervoersfaciliteiten in de rest van het land zouden door de staking wor den bedreigd. De drie vakbonden van vervoersperso- neel hebben aangekondigd de beweging ook in andere delen van het land te pro pageren. '"-y'y De bronzen penny-stukken bijvoorbeeld zijn zo groot als de Nederlandse vooroorlogse zilveren rijksdaalders en je moet er dagelijks heel wat meetorsen als kleingeld voor de bussen, voor de kaartjes automaten van de ondergrond se en voor de openbare tele foonapparaten (vier in de gleuf voor een lokaal ge sprek!). Gezien het feit, dat het Engelse geld de mensen tot lastdieren maakt, heeft het dezer dagen verschenen jaar verslag van de Britse Konink lijke Munt nogal hoop gegeven door de daarin geopperde sug gestie, om misschien in de verre toekomst voor de klei nere muntwaarden plastic ma teriaal te gaan gebruiken. Het zal echter voorlopig wel niet zo'n vaart lopen, want afge scheiden van het conservatis me van het Engelse publiek, zullen aan de plasticrevolutie in het Engelse muntstelsel eerst enkele minstens zo in grijpende andere omwente lingen vooraf dienen te gaan. De door de muntdirecteur gemaakte op merking over plasticmunten is op het ogenblik dan ook niet meer dan een proef ballon. Elk jaar bevat zijn rapport een puur theoretiserend opstel, dat ten doel heeft de verbeeldingskracht van de lezers te prikkelen en het Engelse volk langzaam maar zeker psychologisch op de noodzake lijke veranderingen in het muntstelsel voor te bereiden. Al eerder heeft dezelfde directeur enige voorzichtige opmerkingen gemaakt over hetgeen hier nog altijd als een ongehoorde nieuwigheid wordt beschouwd, namelijk de invoering van het tiendelige en metrieke stelsel", voor ons vastelanders dank zij Na poleon de gewoonste en meest logische zaak ter wereld, evenals het rechtshouden in het verkeer," waarvoor de Britten ook nog steeds terugdeinzen, zoals zij zich ook vastklemmen aan de handhaving van de wintertijd. Op dit laatste gebied zou Enge land zich zonder kleerscheuren met het continent kunnen gelijkschakelen als be wijs van goede wil op het gebied van de Europese samenwerking. Pas wanneer Engeland ten lange leste zou overgaan tot het decimale systeem, zoals het thans ook begint échte auto wegen aan te leggen, zou de mogelijheid van plastic-munten aan de orde komen In beginsel is men misschien wel bereid, deze te aanvaarden, omdat de tijd allang voorbij is dat de intrinsieke (metaal) waarde van de muntstukken gelijk was aan hun nominale waarde. Er was een tijd, dat zelfs de kleinste munten van zilver waren, maar toen de prijs van dit edele metaal geleidelijk steeg, moest de hoeveelheid zilver eerst worden beperkt om later geheel uit de munt te verdwijnen. Kort na 1600 maakte bijvoorbeeld de zilve ren penny, welke in 755 werd ingevoerd, plaats voor de koperen, die tenslotte in de vorige eeuw door de bronzen werd vervangen. Plastic-munten, waarmee en kele jaren geleden in Ceylon werd geëx perimenteerd, zonder dat zij echter in om loop werden gebracht, zouden voor elke waarde een verschillende kleur mogelijk maken, maar weinigen zullen ervoor voe len, geld op deze wijze het karakter van speelfiches te geven. Doch toen een paar eeuwen geleden voor de lagere munt waarden van zilver werd afgestapt om over te gaan op lood en tin, is er voor de kleinste munten, namelijk de farthing en de halve penny, al eens leer gebruikt. Al gauw viel de keus op koper en in 1860 deed tenslotte de bronzen penny haar intrede. Koper werd afgeschaft omdat de Engelse muntstukken, geslagen uit dit me taal en sinds het einde van de achttiende eeuw in omloop, in deplorabele staat ver keerden. Zij waren bijna alle beschadigd, versleten of vervalst. Er waren vier typen pennies van verschillende grootte en ge wicht. Het was echter gemakkelijker nieu we te slaan, dan de oude in te trekken! Koningin Victoria was met de honderd jaar geleden uitgekomen nieuwe penny zeer in haar nopjes, want zij was reeds de veertigjarige leeftijd gepasseerd, maar op het muntstuk was zij als een jong meis je afgebeeld met keurig opgestoken haar, toen in hoge mate modieus. Het Engelse woord voor zo'n knotje is „bun", vandaar dat dit muntstuk nog altijd de „bun" pen ny wordt genoemd. Het was een van de mooiste ontwerpen, die ooit de Britse munt heeft verlaten en nog steeds heeft men er een grote affectie voor. Er zijn nog heel wat zwart aangeslagen en flin ter dun afgesleten pennies met Victoria's schimachtige beeltenis erop in omloop. Wanneer men een willekeurige greep doet in de berg pennies, die iedereen dagelijks meevoert, treft men daartussen altijd pen ny-stukken uit de tijdvakken van vier mo narchieën aan, de huidige niet meegere kend. De pennies gaan namelijk zo lang mee en aanmunting is zo kostbaar, dat er behalve enkele souvernirexemplaren, ge slagen bij de kroning in 1953, nog geen pennies met de beeltenis van koningin Elizabeth II in omloop zijn gebracht. Er be staat ook geen enkel muntstuk met het conterfeitsel van de afgetreden Eduard VIII, de tegenwoordige hertog van Wind sor. Toen de bronzen penny haar intrede Weliswaar aanvaardt het publiek uit praktische noodzaak bankbiljetten, maar voor zijn „zak" geld prefereert het iets zwaars, omdat dit soliditeit suggereert. Toch gelooft de Muntdirectie, dat het Britse publiek op den duur wel zal zwich ten. Het ideaal waarnaar het Britse munt wezen streeft, is lage waarden van plas tic en hogere van het zilverkleurige ko pernikkel, dat zilver reeds voor vele doeleinden heeft vervangen. In elk geval heeft de directeur van de Munt het En gelse volk aan het denken gezet. Een „panorama" van de Engelse munten. Het kleinste geldstuk, de farthing, is op 1 januari 1961 ongeldig verklaard. De kroon, het Vijf. shillingsstuk, is alleen in een beperkt aantal exemplaren als souve nir bij de kroning van 1953 geslagen. Bovenste rij (van links naar rechts): half crown (halve kroon), keerzijde, waarde 2llt shillings, ongeveer 1,30; idem, voor zijde; florin, keerzijde, waarde 2 shillings, ongeveer 1, Middelste rij: shilling, keerzijde, ruim f 0,50; crown (kroon), vijf shillings, ruim f 2,50; idem, keerzijde- Onderste rij: sixpence, ongeveer 0,25. Alle bovenstaande munten van zilverach tig cupro-nikkel. Threepence, twaalfzijdig, koper, ongeveer f 0,15 (er bestaan ook nog antieke kleine ronde zilveren drie-pence stukken, zoals die uit traditie met Kerst mis in de plumpudding worden ver stopt penny (keerzijde), brons, onge veer f 0,05; halfpenny (keerzijde), brons, ongeveer 0,025; farthing (kwart van een penny), opgeheven. W, ii,: V Op de schietbanen van het Britse Rijn- leger bij Bergen-Hohne in West-Duits- land zijn proeven genomen met de „Honest John"-raket, welke een kern- lading in de neus kan dragen. Deze proeven waren voor het eerst toegan kelijk voor de pers. De foto toont een „Honest John", die gierend en vlammen brakend de lanceerinrichting verlaat. deed, toonden de banken er niet de min ste belangstelling voor! De munt moest er gewoonweg mee leuren om ze aan de man te brengen. Men moest aanvanke lijk zelf de lange reis naar de munt (vlak bij de Tower in Londen) maken om de nieuwe muntstukken te bemachtigen. De nieuwe penny was kleiner dan de ko peren en sommige arme mensen waren huiverig de „bun" penny te accepteren, omdat ze dachten dat deze ook minder waard was. En vrijwel iedereen bleef trou wens hardnekkig aan het oude geld vast houden. Toen bedacht de munt eèft trucje Zij gaf twee percent commissie aan al len, die dé oude pennies inzatnelden. Dat hielp! Vrijwilligers in het gehele land to gen aan het werk. Vooral de bierbrouwerij en deden hun duit in het zakje, omdat er tientallen herbergen waren, die voor hun bier met de massamunten, welke zij aan de toonbank ontvingen betaalden. In 1864 waren eindelijk alle koperen pen nies verdwenen, maar ze bleven nog tot 1869 geldig. De bronzen pennies rechtvaar digden zichzelf, want na honderd jaar waren er nog vele in goede conditie. De oudste penny welke men tot voor kort ken- kende was een zilveren exemplaar uit 1065 maar dezer dagen werd er een uit 796 ont dekt met de beeltenis van Offa, koning van Mercia, toen een afzonderlijke staat, zoals ook het graafschap Kent een konink rijk is geweest. Offa is de enige Saksi sche koning, die met een soort portret, in plaats van een geformaliseerde beelte nis, op zijn munten stond afgebeeld. Elke dag gebruiken de Britten gedachte loos het woord „pond sterling", zonder te beseffen wat deze uitdrukking precies be tekent. Het was oorspronkelijk een ponds gewicht (een Engels „pound" van 450 gram) aan zilveren pennies, welke ook sterling werden genoemd. We kijken de Britten er wel raar op aan, dat zij nog het twaalfdelige op de penny gebaseerde muntstelsel bezitten, maar vergeten, dat dit eeuwenlang overal in Europa en ook soms daarbuiten gehuldigd werd. Y°or de afkorting pond wordt nog het latijnse libra (hoofdletter L) gebruikt en voor de penny de afkorting d (Denarius). Geduren de de controle van diverse munten in de feodale periode waren er in Europa ver schillende soorten zilveren pennies naast elkaar in omloop. Tot de Franse revolutie was de penny, die in Tours werd geslagen, de „denier Tournois", de basis van het Franse muntstelsel. In de tijd van grote handelsbloei gedurende de elf de en twaalfde eeuw nam de behoefte aan zilveren muntstukken, zwaarder dan vele gedeprecieerde continentale pennies, toe. Hierin werd voorzien door de nog altijd waardevaste Engelse penny (sterling). In Vlaanderen en elders was deze viermaal zoveel waard als de penny uit Tours. In de lage landen kreeg het Engelse pond-, shillingen- en pence-systeem vaste voet. Een zogenaamd pond groot bestond uit 240 groots (pennies, penningen). Een van de eerste gouden muntstukken in Europa was de uit Florence afkomstige en daar naar genoemde florin (nog altijd het Ne derlandse guldenteken) of het „pond pic- cioli" (kleine pond) welks waarde gelijk stond aan 240 kleine zilveren pennies. In Engeland, evenals elders, kende men la ter de gouden sovereign. Het tegenwoor dige prijzensysteem, speciaal het hono rarium van dokters, advocaten en arti kelenschrijvers, kent nog altijd de guinea 121 shillings is een pond en één shilling). Oorspronkelijk was dit een muntstuk, ge slagen van metaal van de Goudkust (Gui nea). Munten slaan is, zoals gezegd, kostbaar, en niemand is zuiniger dan de Rijksmunt. Omdat het aanmaken van pennies zo duur is, zoekt men al jaren naar een duurzaam doch goedkoper materiaal, vooral voor de laagste muntwaarden. Maar het zal moei lijk zijn de mensen te laten afstappen van metaal, ook al zou plastic geld de Engel sen voor scheeflopen behoeden. Is men destijds uit gevoelsoverwegingen niet ook teruggedeinsd voor aluminium geld? BONN (Reuter) De achttienjarige Dietmar Kirchstein is zondagavond ge kleed in een nazi-uniform met een haken kruisarmband, in een wachtlokaal van het Britse leger bij Mönchen-Gladbach bin nengedrongen, waar hij een Britse mili tair in de schouder schoot. De toestand van de militair, die geopereerd is, is be vredigend. De dader heeft zich later bij de politie in Dusseldorp gemeld. De officier van justitie te Dusseldorp heeft meegedeeld dat de jongen „op het veld van eer wilde sterven". Hij is ver standelijk niet bijzonder ontwikkeld en heeft veel goedkope romannetjes over de oorlog gelezen. Dietmar behoort niet tot een politieke partij of een jeugdorganisa tie. Men onderzoekt thans of hij zal worden vervolgd of dat hij in een psychiatrische inrichting zal worden opgenomen. DUSSELDORP (DPA) De nog altijd omstreden schuldvraag van de Rijksdag brand van 27 februari 1933 in Berlijn is dinsdag in Dusseldorp weer het onderwerp van een proces. In het proces te Leipzig in 1933 werd de Nederlander Marinus van der Lubbe als de brandstichter aangemerkt en ter dood veroordeeld. Hij werd in januari 1934 terechtgesteld. De voormalige Gestapoman en schrij ver Hans-Bernd Gisevius echter beweert dat de voormalige S.A.-Sturmführer Hans Georg (Heini) Gewehr, thans bouwkundig ingenieur, een van de hoofdbrandstichters is geweest. Gewehr heeft tegen deze be wering, voorkomend in het door Gisevius geschreven boek „Bis zum bitteren Ende" een klacht ingediend. Bij vorige behande ling van deze kwestie, in oktober en de cember vorig jaar, is men niet tot een conclusie gekomen. Thans begint in Dusseldorp de mondelinge behandeling. Gisevius wil documenten en getuigenver klaringen ter staving van zijn bewering aanvoeren. Een van de getuigen is Robert A. Kampner, de hoofdaanklager van de Neurenbergse processen tegen oorlogsmis dadigers. door Stephen Wkiting) HET LAATSTE BOLWERK van de mannelijke suprematie is bezig af te brokkelen. In de gehele Mohammedaanse wereld raakt de harem in onbruik. Moslimvrouwen, die vroeger vrijwel geen onderwijs genoten, komen steeds meer op gelijke voet met de man te staan en de intellec tuele élite onder haar heeft de strijd tegen de „mannen- heerschappij" aangebonden om voor vrouwen gelijke rechten te krijgen. Deze feministen in het Nabije, Midden- en Verre Oosten strijden onder de leuze „een man - een vrouw". Zij willen allereerst een eind maken aan de 1300 jaar oude instelling van de veelwijverij. Tevens willen zij de genadestoot toebrengen aan het sprookje, dat de lsla mietische religie een „mannengodsdienst" zou zijn. De wapens, die de feministen gebruiken, zijn van econo mische, sociale, morele en psychologische aard en hun strijd heeft al zodanige successen geboekt, dat in vele Arabische gebieden de polygamie officieel is uitgebannen. Zo is dus de harem in de Islamieti- sche wereld bij uitstek een teken van wel vaart en sociaal aanzien bezig uit te sterven. Uiteraard bestaat deze feodale in stelling nog in volle glorie in Saoedi-Arabië en aan de Perzische Golf, waar sjeiks wonen, die elk jaar uit de olierijkdom van hun land miljoenen trekken. Polygamie bestaat ook nog onder de plattelandsbevol king, waar de boeren het vaak goedkoper vinden een tweede vrouw te nemen, die dan op het land meewerkt, dan een arbei der te betalen. In de Libanon bestaan geen statistieken over het aantal mannen met meer dan een vrouw, maar men kan veilig aannemen dat het er niet veel zijn, omdat de Libane se republiek het meest Westers georiën teerd is van alle Arabische landen. Boven dien hangt ongeveer de helft van de be volking van anderhalf miljoen de Christe lijke godsdienst aan. Doch zelfs in het aangrenzende Jorda nië, waar de bevolking vrijwel in haar ge heel Mohammedaans is, schat men dat slechts een op de tien getrouwde mannen twee vrouwen heeft. Zij, die er drie of vier hebben vormen een zeer kleine minder heid. Het is in de Libanon bovendien niet on gewoon, dat een Mohammedaan met een christin trouwt, waarmee hij zich dus ver plicht tot een monogaan huwelijk. Het blijft echter voorkomen, dat mannen proberen meer dan een vrouw te trouwen. Een buitenlander, die in Beiroet woonach tig is, keerde onlangs terug van een Euro pese reis en vernam bij aankomst, dat zijn huisbediende in de gevangenis zat om dat hij niet in staat was gebleken, zijn vierde vrouw naar behoren te onderhou den. De andere drie hadden blijkbaar geen klachten. De lslamietische godsdienst eist niet van de man, dat hij meer dan een vrouw trouwt en vele vooraanstaande mohamme danen families hebben de laatste jaren het voorbeeld gegeven, door zich tot een echtgenote te beperken. De jonge koning Hoessein van Jordanië bijvoorbeeld, heeft zich van zijn eerste en enige gemalin laten scheiden, hoewel hij er volkomen toe ge rechtigd was, een tweede vrouw te trou wen zonder zijn eerste huwelijk te laten ontbinden. Dat geldt ook voor de sjah van Perzië, die thans voor de derde maal ge trouwd is, maar zijn eerste twee huwelij ken heeft laten ontbinden. In Perzië is de polygamie overigens nog vrij algemeen. In India, Turkije en Tunesië zijn dé regeringen reeds ge zwicht voor de aandrang door huwelijken met meer dan één vrouw onwettig te verklaren. De Verenigde Arabische Republiek, de Libanon en Iran zijn nog bezig naar de juiste vorm te zoeken voor wetten tegen de veelwijverij, terwijl er in Pakistan en Indonesië steeds meer stemmen tegen opgaan. Voorstanders van de polygamie, die beweren dat het recht om er vier vrouwen op na te houden een van de fundamenten van de Islam is, krijgen te horen, dat de Koran tezelfdertijd voorschrijft, dat de echtgenoot al zijn vrouwen geheel gelijk moet behandelen en er dus geen favoriete op na mag houden. Feministen wijzen er op, dat deze gelijke behandeling vrij wel onmogelijk is, omdat in de moderne maatschappij de man er op uit moet om zijn brood te verdienen. Vele mannen, die meer dan een vrouw hebben gehuwd, zijn Overigens tot de slotsom gekomen, dat dit economisch eigen lijk niet meer gaat. De geëmancipeerde vrouwen in Perzië hebben het gevecht tegen de polygamie listiglijk met psychologische wapens ge voerd en thans hebben zij het zover ge kregen, dat het hebben van meer dan een vrouw als „ouderwets" geldt. lslamietische kerkelijke autoriteiten wij zen er op, dat Mohammeds voorschrift, dat een man meer dan een vrouw mocht hebben dateert uit een tijd toen er veel meer vrouwen dan mannen waren, zodat er velen van gebrek zouden zijn omge komen als zij alleen waren gebleven. Die situatie is thans geheel gewijzigd, want in vrijwel de gehele Arabische wereld zijn de mannen thans talrijker dan de vrouwen. Ook ijveren de Arabische vrouwen voor hervorming van de echtscheidingswetten. Naar verouderde zede kan de man zich van zijn vrouw ontdoen door eenvoudig drie maal te zeggen: „Ik verstoot u." Dat is thans nog de gewoonte in vele Arabische landen. De vrouw echter kan zich niet van haar echtgenoot laten scheiden ook al kan zij voor een rechtbank bewijzen, dat hij een moordenaar is of totaal onbekwaam om zijn huwelijksplichten na te komen. In de Verenigde Arabische Republiek zal een nieuwe huwelijkswet spoedig bij het parle ment in behandeling komen. Daarbij kan echtscheiding slechts door de rechtbank worden uitgesproken, terwijl voorts geen man volgens deze wet een tweede vrouw kan huwen, tenzij bewezen kan worden dat zijn eerste vrouw onvruchtbaar of in valide is. Het nieuwe wetsontwerp, dat wel heel veel discussie zal uitlokken, schrijft ook voor, dat de vrouw tevoren van de voornemens van haar echtgenoot op de hoogte moet worden gesteld. Inmiddels heeft de Egyptische regering reeds praktische stappen tegen de veel wijverij genomen. Zij heeft Mohamme daanse priesters verzocht, er in hun vrij dagse preken de nadruk op te leggen, dat de Koran de man voorschrijft al zijn vrou wen geheel gelijk te behandelen. De pries ters wijzen er daarbij op, dat het voor de man vrijwel onmogelijk is, dat gebod na te komen. Omdat Egypte nog voornamelijk een landbouwend land is, hangt het gezinsin komen af van het aantal werkende leden. Een extra vrouw betekent een hoger in komen en veel kinderen hebben betekent: veel arbeidskrachten. Sociale werkers van de regering reizen thans de dorpen af om tegen polygamie te pleiten, maar zij zeggen, dat de levens standaard van de Egyptische fellah om hoog moet voordat de regering succes zal kunnen boeken. In het algemeen is de veelwijverij in Egypte de laatste tien jaar belangrijk af genomen. Na de tweede wereldoorlog ging de curve van het aantal mannen met meer dan een echtgenote snel omhoog vanwege de hoge lonen, die Egyptische arbeiders in de Britse legerkampen konden verdie nen. Maar al spoedig stegen ook de kosten van hèt levensonderhoud, hetgëen een' tegenwicht vormde. Sedert 1950 is het aan tal mannen met meer dan een vrouw met' 40 percent gedaald. Zij, die altijd polu- gaam zijn geweest, zijn de grote Egyp tische landheren. Zij hadden vrijwel allen vier vrouwen en hun gewoonte was, een van de vier op gezette tijden af te stoten en haar te vervangen door een nieuwe gade. Een markant voorbeeld was de rijke mohammed Bassioeni Ali, die enige jaren geleden op 79-jarige leeftijd stierf. Sedert zijn negentiende jaar had hij 62 vrouwen gehad en weer verstoten, op enkele favo rieten na. Ook in Egypte neemt de emancipatie hand over hand toe. Vrouwen kunnen er arts worden, jurist, ingenieur en parle mentslid. Dat brengt ook met zich mee, dat Egyptische vrouwen haar eigen echt genoot willen kiezen en dat niet langer aan haar ouders willen overlaten. Zij zullen on getwijfeld de overwinning behalen. Een vrouwelijk parlementslid, tevens advokate, Moeffida Abdel-Rahman geheten, een ver woed kampioene voor de rechten van de vrouw zegt: „De vrouwen van Egypte heb ben thans politieke rechten verworven. Het is absurd om haar nog langer sociale rechten te onthouden." In India is polygamie reeds in 1955 bij de wet verboden, behalve voor de 35 mil joen mohammedanen, maar ook die heb ben zelden meer dan een vrouw en wel om zowel economische als om morele redenen. Dat geldt evenwel niet voor de meer afgelegen streken. In de buurt van de noordelijke grens is veelwijverij nog algemeen, hoewel de noodzaak om een grote bruidsschat te betalen wel enigszins remmend werkt. In Assam mag een man alleen een tweede vrouw nemen, als zijn eerste vrouw daar toestemming voor geeft en er zeker van kan zijn, dat zij de eerste plaats zal blijven innemen. Ook in Indonesië neemt het aantal poly game huwelijken af, vooral in de steden. In vroeger dagen was het hebben van ver scheidene vrouwen een teken van aanzien, maar ook hier zijn de feministen in het geweer gekomen en wel met zoveel succes, dat mannen, die meer dan een echtgenote hebben, dit feit soms liever verborgen houden. Bovendien is er een scherpe toe neming geconstateerd in het aantal offi ciële echtscheidingen, hetgeen erop wijst, dat de Indonesische man zich liever los maakt van zijn eerste vrouw alvorens een tweede te nemen. In Singapore zijn naar schatting nog on geveer 100.000 polygame huwelijken, tegen 300.000 in Malakka. In Singapore is veel wijverij trouwens bij de wet verboden, be halve voor moslems. Een autoriteit op dit gebied is mevrouw Shirin Fozdar, secreta resse van de vrouwenraad in Singapore. Zij noemde onlangs Siam, Indonesië, Sin gapore ën Malakka „de achterlijke ge bieden van Azië", wat polygamie betreft en stelde de nieuwe huwelijkswetten in communistisch China ten voorbeeld. Daar, zegt zij, is echtelijke ontrouw een straf baar feit, dat met een gevangenisstraf van zes maanden kan worden gestraft. „Ons voornaamste wapen tegen de veelwijve rij," aldus mevrouw Fozdar, „is angst bij de man. Wetenschappelijk gezien, behoort de man tot het zwakke geslacht. In Azië leeft de man gemiddeld zes jaar korter dan de vrouw. Maar de man met meer dan een vrouw leeft gemiddeld nog korter, belast als hij is met de zorg voor een groot gezin." Van mevrouw Fozdar is daarom ook de volgende uitspraak afkom stig: „Een man, die meer dan een echt genote heeft, vormt geen gezin, maar een slagveld."

Krantenviewer Noord-Hollands Archief

IJmuider Courant | 1961 | | pagina 6