fK kostte ouizEMO GULOEN 3A.NET 1IM WOBBO EN DE HOED Puzzel nummer 32 VELPON PANDA EN DE PLASTIC PLASTIEK VoCg.ende week.... IN DEZE WEEK VAN DE FOTOGRAFIE ZOMER FOTOBOEK CADEAU KIES BOltWMAN'S Polle Ons vervolgverhaal HOLLYWOOD'S „WHISKY-CANTINE" DOORGANGSHUIS NAAR DE STRAAT I tv ^Hoe is het ontstaan?^ ZATERDAG 20 MEI 1961 11 De levensroman van een Chinees meisje door BOUWPLATEN plakt u met Ceta-Bever Vraag erom bij uw fotohandelaar Dit woord: DEFTIG v.J 39. Opeens zien Polle en Pelli een klein bootje aankomen. Dat vinden ze leuk! Wie weet, met wie ze nu weer kennis zullen maken? Het gekke is, dat het zeil van het bootje bol staat, hoewel er geen wind is in de grot! Hoe zou dat in zijn werk gaan? Hela daar!, roepen ze, hoe kun je zeilen zonder wind? Maar dan zien ze opeens, dat de eigenaar van het bootje met een pomp zit te blazen tegen het zeil! Wat een slimmerd! - Pingo holt zijn stuurhut uit. Dat is mijn nééf!, roept hij blij, daadg! 1 i t X 38) Hashimoto Tada, was niet veel knapper, maar hij was jonger en kon verschillende Chinese dialecten spre ken. Ze kozen twee wat oudere vrou wen uit, die inkopen voor het kamp moesten gaan doen met het geld dat zij van de Britse consul in Padang gekregen hadden. Toen zij vertrokken waren, vormden wij enkele groepjes die ieder enige werkjes voor hun re kening namen mijn groepje zou de tuin bijvegen, afwassen en water ko ken. Het was toen al bekend gewor den dat we in Alang-Lawas geïnter neerd waren en er stond een groot aantal mensen voor ons huis die alles wat we deden met belangstelling volg den. Sommigen van die toeschouwers maakten vriendelijke opmerkingen, maar anderen dreven de spot met ons. Toen de twee vrouwen terugkwa men ontstond erg rote opwinding in het kamp. Behalve het gekochte voed sel brachten ze ook drieëndertig mat ten en dekens mee, die ze gekregen hadden van een Chinees. We deden allemaal in stilte een gebed voor de goede gever. Omdat we zelf onze in kopen mochten doen en de broodver koper dagelijks langs kwam hadden we over de voedselvoorziening niet te klagen. Om beurten kookten we en daardoor ontdekte ik tot mijn stomme verbazing dat er nog vele vrouwen waren die er geen idee van hadden hoe ze eten moesten koken. Mijn help ster bij het koken deed bijvoorbeeld de rijst in de pot zonder een druppel water! Onze Chinese vriend Eddy gaf bij het passeren van ons huis een teken dat hij naar onze achterbuurman ging. Daar boorde hij een gaatje door de muur, waardoorheen we brieven kon den doorgeven en inlichtingen konden doorgeven en inlichtingen konden krij gen. Op een morgen bracht de brood verkoper mij een brief van een Chi nees meisje, waarin ze haar mede leven tot uitdrukking bracht en mij vroeg wat ik nog nodig had. Later ontving ik een kussen en geld van dit meisje en van haar kennissen iets dat ik nooit zal vergeten. De nachten verliepen nooit rustig; altijd was er wel iets dat de orde ver stoorde. Meestal waren dat dronken soldaten die naar binnen kwamen rol len. Op een nacht kwam de waar schuwing „pas op, meisjes!" te laat, want plotseling stonden vier Ja panse soldaten voor ons die ons be gonnen te tellen een, twee, drie, vier. Ze keken echter met grote ogen naar mijn verbonden been dat sinds de tocht op het vlot nog altijd ont stoken was. Ze wilden me naar een dokter brengen, maar ik weigerde door mijn hoofd te schudden. Een paar dagen later werden er schildwachten voor onze deur gepos teerd en daarmee verloren we het contact met de buitenwereld. Toen kregen we opnieuw bezoek van de Hashimotos, deze keer om geld in te wisselen tegen Japans geld. We von den het toen jammer dat een van on ze kennissen duizenden bankbiljetten even vóór de Japanners Padang be zetten, had verbrand, liever dan het geld in hun handen te laten vallen. Hashimoto Tada noemde mij altijd „Chinese Duivelin" en maakte op merkingen als „je moest mijn kokkin zijn" of „als je mijn vrouw was." Ik had een hevige hekel aan hem. Ons bestaan was erg saai en een zaam hoewel we met zovelen in huis waren. We dooden de tijd door het spelen van een spelletje dat we „Spi rit" noemden. Op een groot stuk pa pier schreven we in een cirkel de zes entwintig letters van het alfabet, en deden hetzelfde met de nummers van een tot tien. In deze cirkel schreven we de woorden „ja" en „nee". Dan werd tussen „ja" en „nee een schaaltje gezet. Twee medespelenden drukten met hun wijsvinger zachtjes op de schaal en concentreerden hun gedachten op een gestorven vriend of zeiden zonder meer: „Zo er een geest voorbij gaat, laat hij dan binnen ko men." Na enkele minuten kwam de schaal langzaam in beweging en schoof, gevolgd of geduwd door de wijsvingers.naar het woord „ja". Van dat ogenblik af konden allerlei vragen worden gesteld en terwijl de schaal langs de letters en cijfers schoof, spelden ze de antwoorden op die vra gen. Aan het eind van het spel moest iemand „Dank U" zeggen en de schaal omkeren. Het werd een erg ge liefd spelletje omdat het ons onze eenzaamheid deed vergeten. Toch kwamen er ook vaak menings verschillen en ruzies voor en die kon den zelfs voorkomen tussen een kind van vijf en een vrouw van vijftig. Wat rondwandelen in de tuin was ook een aardig tijdverdrijf, want van daaruit konden we onze vrienden voorbij zien kom,en en naar hen wui ven. Tot ergernis van de ouderen in ons gezelschap raakten we zelfs be vriend met enkele Japanse soldaten die over de weg kwamen. Op een keer bracht een soldaat een eekhoorn mee voor een van de jongsten van ons groepje een meisje van drie. Ze was er erg mee in haar schik. Dage lijks kwamen ook Britse krijgsgevan genen voorbij als ze naar hun werk gingen. Er werd dan altijd 'over en weer geroepen, terwijl de jongens het V-teken maakten. De Japanse chauf feurs van de trucks keken met be langstelling naar ons en op een dag raakten de trucks precies voor ons huis defect. De jongens lieten geen minuut verloren gaan en drongen on middellijk samen voor de heg om met ons te praten terw jl de Japanners onder de truck doken en net deden alsof ze deze gingen repareren. Toen we op een dag weer in de tuin wan delden, kwamen er vier Japanse sol daten voorbij. Ze stonden stil en gooi den een brief over de heg die ge adresseerd was aan de „dame in het blauw" (mijn vriendin Lily). Er stond in: Mijn lieve juffrouw, Ik vind het erg jammer dat U een gevangene bent omdat Uw land het mijne bombardeert. Geeft U mij als tublieft een foto van U. Ze schreef terug: Beste Pinky (hij had een blozend ge zicht), Het spijt me dat ik geen foto heb, want jouw land heeft mijn schip ge bombardeerd en daardoor heb ik alles verloren. JE GEVANGENE Kort daarna kwamen ze terug met een pakje ijs dat we stiekem in de badkamer opaten. Toen verschenen de Hashimotos op nieuw in het kamp. Deze keer wilden ze praten met de Siamese weduwe, de twee Chinese vrouwen die Engelse mannen hadden en met mij. We moesten in een wachtende auto stap pen, die ons naar het Oranje Hotel bracht, dat vlak naast de klooster school lag. Hier kregen we ijs met koek voorgezet en terwijl we dit naar binnen werkten, vertelden de Hashi motos ons dat de Japanse overheid ons graag wilden vrijlaten, maar dan moesten de twee Chinese vrouwen eerst scheiden van hun echtgenoten. Dat zou heel gemakkelijk zijn. Ze hoefden alleen een brief te schrijven die aan hun mannen in het kamp zou worden doorgezonden. Tegen mij zei den zij: „Waarom wil je je tijd ver spillen in dat kamp? Kom eruit en ga aan het werk. Dan kun je later naar Singapore terugkeren." Het voorstel was erg verleidelijk. Er was zoveel comfort in het hotel, en er stonden stoelen, gemakkelijke stoelen, waarvan ik het bestaan hele maal was vergeten. Maar kon ik wel vertrouwen stellen in deze mannen met hun lelijke ge zichten? Het was veel beter in het kamp te blijven dan alleen te staan in een vrije wereld. Op de terugweg zeiden de Hashimotos ons dat ze ons een paar dagen de tijd wilden geven om tot een besluit te komen. We be spraken het voorstel verschillende ke ren, maar geen van ons wist wat we ermee aan moesten. De Japanners leerden ons zeer zorg vuldig hoe de traditionele buiging moest worden uitgevoerd een zeer diepe buiging drukt respect uit voor de ouderen, terwijl een wat minder diepe buiging bedoeld is voor gelijken. We stonden dan in een rij met een Japanner voor ons die riep opge let, buigen. „Dieper," brulde hij dan. Het zweet stroomde langs onze gezichten. Iemand vervloekte de Jap pen in een nauw hoorbaar gemompel. (Wordt vervolgd) 20-21. Grootvader probeerde de rent meester te vermurwen en smeekte om nog wat geduld. Hij beloofde, nog harder te werken en te proberen de pacht zou gauw mogelijk bij elkaar te krijgen. Maar de rentmeester snauwde hem af. Ik kom nog éénmaal terug, over een maand, zei hij. Als je dan niet alles be taalt, laat ik je uit het huis zetten en ga je de gevangenis is, begrepen? Knoop dat goed in je oren! Nijdig keerde de man zich om en stapte het huisje uit, terwijl hij nog eens met de vuist schudde. Horizontaal: 1. soort bijl; 3. gewicht; 10 pers. voornaamwoord; 12. reeds; 14. pad destoel; 15. huisdier; 16. ranonkelachtige plant; 19. -en: kleefstof uit eiwit v. graan; 20. vijandschap; 21. leerling; 23. bep. letter of uitgave; 26. plaat van een handpers; 28. zuster; 29. hetzelfde; 31. kamhagedis; 33. lidwoord; 35. keukenprins; 37. guit, on deugd; 38. groeven; 40. eenmaal; 43. meis jesnaam; 44. lansier; 45. Joegoslavische munt; 48. bovenste dakrand; 49. zuur, afk.; 50. zich-: overleggen; 52. pers. voornaam woord; 53. per procuratie; 55. teer; 57. lang gitten collier; 61. neerslag; 63. directeur K.L.M.; 64. met - meer mans! 66. pakken; 68. onderricht; 69. ruiken; 71. uitgebreide aansprakelijkheid; 72. te; 73. rondhuppelen; 74. boom. Verticaal: 1. grappig zoogdier; 2. rots in zee; 4. getijde; 5. koopvaardijschip; 6. geen uitgezonderd; 7. toeristenoord in Zuid-Lim burg; 8. Gilles de -: Frans edelman en voorb. voor Blauwbaard; 9. element, afk.; 10. - is de beste drank; 11. iemand die eet; 13. oor van een haas; 15. hooggeplaatste vrouw; 17. bejaard; 18. rivier in Afrika; 20. heen en terug, afk.; 22. leeg maken; 24. voegwoord; 25. sterke drank; 27. -raak: in het wilde; 30. beoogde; 32. zeegod, Noor se mythologie; 33. razend; 34. guiten; 36. kleine jongens; 39. bijnaam van Ezau; 41. ligne-: bepaalde modelijn; 42. bedrijver; 45. besluit; 46. vochtig; 47. oorzaak; 51. ge tal; 53 grenzen; 54. de dato; 56. toestel om snelheid te minderen; 57. Indonesisch eiland; 58. slede; 59. Arabische vorst; 60. iedere; 62. voorkant van een vliegtuig; 65. -der: bergruimte; 67. houten kom; 69. deel van een mast; 70. element, afk. Inzenden vóór donderdag, uitsluitend per briefkaart. OPLOSSING PUZZEL NO 31 AiNT KEF? Advertentie Prijswinnaars: 7,50: J. Kok, Velserduin- weg 135, IJmuiden-Oost; 5: J. Fortgens, Jansweg 6, Haarlem; 2,50: P. Kruijver, J. Maurikstraat 1III, Amsterdam. Uit Parijs komt deze vlotte, zonnige zomerjurk met bijpassende jakje voor killere dagen. Het jurkje heeft een garnering in contrasterende kleur, die tevens de aparte sluiting vormt. Een van de vele vreemde instellingen in Hollywood, waarover de bioscoopbezoe ker maar zelden iets ver neemt, is een café, bijge naamd, de „whiskykantine". Voor duizenden jonge meisjes, die hopen op een filmroem en rijkdom, is deze kantine het paleis van hun dromen. Voor vrij wel al deze meisjes wordt dezelfde kantine echter ook de deceptie van hun leven. De teleurgestelde kandi daten voor een filmcarrière eten hier voor hun laatste dollars bij het luidruchtige geblèr van een muziek automaat, een portie kip met frites. Als zij de „whisky-kantine" door de draaideur verlaten, leidt de weg naar de ontnuchte rende werkelijkheid van het alledaagse leven. De verstandigen slikken hun teleurstelling weg en breken geheel met het kla tergoud van Hollywood, maar zij moeten daarvoor al direct een hindernis .overwinnen. Voor de draai deur van de whisky-kanti ne slenteren namelijk altijd wel „fotografen", die een goedkoop en gewillig mo del zoeken; ook staan er dikwijls grote protserige auto's van welgestelde za kenlieden, die genegen zijn zich het lot van „zo'n zielig meisje" aan te trekken en dat is meestal het begin van het einde. Hóe het voor de teleurgestelden ook af loopt, het is altijd het einde van een droom die begon in de spreekkamer van een filmproducent of een regis seur. IN HOLLYWOOD be staat een archief waarin de namen voorkomen van 8000 meisjes die niets liever wilden dan filmster wor den. Zij hebben allen een filmtest afgelegd, daarom komen zij in het archief voor. Zij hebben allen de kans gehad „ontdekt" te worden, maar voor al deze achtduizend vrouwen is op de verwachtingsvolle roes de ontnuchtering ge/olgd. En in dit archief komen nog niet eens de velen voor die anderszins „carrière" gemaakt hebben, door bij voorbeeld een plaatsje in een dansgroep te veroveren of een contract als „actri ce in reclamefilms". Een 21-jarige Ameri kaanse, Evelyn Waller, heeft nu enige artikelen gepubliceerd over „Geluk en ongeluk in Hollywood", en zij heeft zich niet laten afschrikken door het drei gement dat zij „niet lang gezond zou- blijven' als_zi.i voortging met het schrijven over de whisky-kantine. Zij heeft reed: aangekon digd, niets te zullen ver doezelen; het is niet haar bedoeling te schrijven over de velen die hopen op een filmrol, doch wel over het lot van hen die afgewezen worden. Zij beschrijft slechts het lot van de dui zenden die een klein rolle tje krijgen, zodat zij zich reeds op het pad van de roem wanen, en die dan op een kwade dag te horen krijgen: „Wij hebben ons helaas vergist bij de be oordeling van uw talent". Deze vergissing brengt velen van zulke meisjes aan de rand van de af grond. Zij vallen ten offer aan de alcohol en niet zel den eindigen zij hun leven in een zenuwinrichting. Hoe zulke vergissingen ontstaan, daarover wil Eve lyn Waller schrijven, en haar eigen ervaringen in Hollywood zullen misschien vele jonge meisjes van een misstap weerhouden. ER ZIJN er echter die bezwaar hebben tegen haar openhartige artikelen, bij voorbeeld de mensen uit de filmindustrie zelf, die haar een goede filmrol hebben aangeboden wan neer zij belooft, haar pu blicaties te staken. Evelyn gaat echter onverdroten voort met schrijven en zij laat niet na de Amerikaan se meisjes werkelijk goede raad te geven. Zij verbeeldt zich niet dat haar artikelen afschrikwekkend zullen werken voor hen, die het nu eenmaal in hun hoofd gezet hebben dat zij film ster zullen en moeten wor den, maar zij raadt deze meisjes wèl aan, er in ieder geval voor te zorgen, eerst een beroep te leren of een kantooropleiding te volgen voor zij naar Hollywood vertrekken. Als zij dan voor het laatst door de draaideur van de whisky kantine gaan, zullen zij zonder veel moeite een be trekking kunnen krijgen, en dus minder gemakkelijk ten prooi vallen aan de heren die hun auto's voor de deur van dit „door gangshuis naar de straat" geparkeerd hebben, en die er wel voor zorgen kunnen dat die sterren-loopbaan tóch werkelijkheid wordt, als de jongedame in kwes tie tenminste een beetje lief voor meneer wil zijn.. 12. Nadat Joris had beloofd, dat hij voortaan zijn voeten zou vegen, ging Pat O'Nozel tevreden heen. Maar de klerk was niet zo gauw tevreden gesteld. „Ik heb nog eens nagedacht", zei hij, Joris de polis uit de hand trekkend, „en het lijkt me beter, de verzekering op te heffen. U bent te slordig". „Maar ik zal voor taan beter opletten!" riep Joris. „Ik zal mijn voeten ve gen en het beeldje oprapen, wanneer ik het verlies". Maar de klerk schudde het hoofd. „Met artiesten kan men geen verzekeringen afsluiten", zei hij, „ze dro men weg en letten niet op hun spullen. Als deze klei ne schrandere Panda er niet geweest was, zou dat beeldje nu verloren zijn en hadden we een miljoen aan u moeten uitkeren. Dat risico is te groot". En hij maakte aanstalten om de polis te verscheuren. „Niet doen!" riep Joris ontzet, „niet verscheuren! Ik.ik zal deze kleine schrandere Panda aanstellen, om op het beeldje te letten. Bent u dan tevreden?" „Hm", zei de klerk, „ja, in dat geval zijn we bereid de verzekering te handhaven. Tenminste, indien Panda het aanneemt." „Graag", zei Panda, „ik was juist op zoek naar een baantje". - is het zeshonderd jaar geleden dat op de „Strijdwaard" bij Tiel de be faamde veldslag geleverd werd tus sen de Heeckerens onder leiding van hertog Reirioud III van Gelre, en de Bronckhorsten onder bevel van Rei- noud's broer Eduard, welke laatste de overwinning behaalde, waarna hij zichzelf tot hertog van Gelre uitriep en zijn broer liet opsluiten in een klein hokje in de toren van het kasteel te Rosendael. Later werd Reinoud naar een rianter gevange nis kasteel Nijenbeek bij Voorst overgebracht, waar het hem wel aan vrijheid, maar niet aan voedsel ontbrak. Als gevolg van zijn over vloedig tafelen zou Reinoud vol gens de legende zichzelf hier tot „blijverMe gevangenisstraf veroor deeld hebben daar hij zo dik werd, dat hij niet meer door de deur kon." Later echter schijnt de dikzak toch zijn kerker verlaten te hebben, want na de dood van zijn broer Eduard die in de slag van Baesweiler in 1371 een fatale verwoning opliep heeft hij nog korte tijd over het her togdom Gelre geregeerd. (25 mei). - wordt M. S. Vas Diaz, pionier op het gebied van het persbureau-wezen in Nederland, tachtig jaar, ter gelegen heid waarvan hem een grootse hul diging befeid zal worden (22 mei.) - wordt in Stockholm het burgerlijk huwelijk gesloten tussen prins Johan Birgitta, stralende bruid Georg von Hohenzollern-Sigmaringen en prinses Birgitta van Zweden (25 mei), welk prinsenhuwelijk op 30 mei daaraanvolgend zal worden ingeze gend in de r.k. kerk van Sigmarin gen in Duitsland. Advertentie Er zijn bijvoeglijke naamwoorden die. meestal met betekenisverschil, voor komen mèt en zónder het achtervoegsel i g. Men vergelijke goed met goedig, vies met viezig, droef met droevig, nat met nattig, zoet met zoetig, levend met levendig en best met bestig. Zo heeft naast deftig vroeger ook een woord deft bestaan, door Vondel nog ge bruikt. Nog ouder is de ontkenning o n- d e f t voor: onbetamelijk gedrag. Het woord deftig heeft vele betekenissen gehad: verstandig, plechtig, degelijk, geacht enz. Wij gebruiken het thans voor degenen die zich door hun waardig voorkomen en hun goede manieren doen kennen als behorend tot de aanzien lijken, maar het begrip is uiterst moei lijk te omschrijven. Een zekere plecht statigheid hoort er bijvoorbeeld ook toe. TTT-r^rr

Krantenviewer Noord-Hollands Archief

IJmuider Courant | 1961 | | pagina 11