- FILATELIE mm VVVV" Dê hit -pi/dolfo Wondo mm Schaken i )ammen i wt 'wm 'wm m, Naar het strand De geschiedenis ven de familie Van Kali Nieuwe uitgaven ZATERDAG 29 JULI 1961 Erbij PAGINA VIER I B. Dukel ww. wm. wm. P. H. S. Nonnie Wiemeper L PORTUGAL. Het honderdjarig be staan van de faculteit der letteren van de universiteit van Lissabon zal wor den herdacht door de uitgifte (op 3 augustus a.svan twee postzegels. Het zijn een 1 esc. (bruin en groen) en een 6,50 esc. (blauw en grijs). Op beide waarden ziet men het portret van koning Pedro V, de stichter van de fa culteit. Ze zijn ontworpen door de Portugees Alvaro Duarte de Almeida, gegraveerd door prof. Baiardi uit Rome en gedrukt bij Joh. Enschedé en Zonen te Haarlem. TSJECHOSLOWAK1JE. Ter ere van de Tsjechisch-Afrikaanse vriendschap is een zegel van 60 h. (blauw en rood) in omloop gebracht. De zegel vertoont het hoofd, van een Afrikaanse vrouw tegen een achtergrond van de kaart van Afrika en de vlag van Tsjechoslo- wakije. Het ontwerp is van Vladislav Bauer en de gravure van Ladislav Jirka. FINLAND. Op 4 september zullen de jaarlijkse postzegels met toeslag ten bate van de tuberculosebestrijding worden uitgegeven. De 10 2 mk. brengt een bisamrat in beeld, de 20 wwrm 3 mk een visotter en de 30 5 mk. een zeehond. De zegels zijn ontworpen door mevrouw Signe Hammarsten-Jansson en gegraveerd door S. Ronnberg (10 mk.), R. Achrén (20 mk.) en B. Elk- holm (30 mk.). HONGARIJE. De Hongaarse poste rijen hebben een serie van zeven waar den het licht doen zien, die gewijd is aan de paardesport: 30 f. drie ren paarden in galop, 40 f. drie paarden bij de hordesprong, 60 f. en 1 ft. paar den tijdens een harddraverij, 1,70 ft. twee fokpaarden met veulen, 2 ft. de beroemde Hongaarse harddraver „Baka" en 3 ft. het beroemde Hongaarse ren paard uit de vorige eeuw „Kincsem". OOST-DUITSLAND. Ter gelegenheid van de wereldkampioenschappen hen gelen 1961, gehouden in Dresden, is een serie van twee waarden uitgekomen. De 10 pf. laat een deelnemer met werp hengel (doelworp) zien, de 20 pf. een hengelaar bij een rivier. De ontwerpen zijn van de hand van Axel Bengs uit Berlijn. De zegel van 10 pf. is een „sperwaarde". EUROPA. De Europazegels die dit jaar als motief negentien duiven in vlucht naar een ontwerp van onze landgenoot Theo Kurpershoek zullen dragen, verschijnen op 18 september a.s. in IJsland in de waarden 5,50 en 6 kr., uitgevoerd in veelkleurendruk en in Griekenland in de waarden 2,50 dr. (rood) en 4,50 dr. (blauw). SENEGAL. Twee luchtpostzegels, 50 en 200 fr. zijn in circulatie gebracht, waarop respectievelijk de Nubische ■■.■•WJXi-'isi: bijeneter en de violette Touraco zijn afgebeeld. De eerste zegel is ontworpen door C. Mazelin en de tweede zegel door Mazelin en Dekeyser. GRIEKENLAND. Ter gelegenheid van de ingebruikneming van het eerste Griekse atoomonderzoekcentrum „De- mocritus" zal op 31 juli a.s. een serie van twee postzegels verkrijgbaar wor den gesteld. Op de 2,50 drachmen ziet men 'iet gebouw van de reactor en op de 4,50 dr. de Griekse wijsgeer Demo- critus (460 j. v. Chr.), de grondlegger van de atomistische natuurfilosofie. FRANKRIJK. De serie met afbeel dingen van landschappen en monumen ten is uitgebreid met een zegel van 0,20 fr. (groen, blauw en geelbruin). De zegel geeft een gezicht op het stadje Bagnoles-de-l'Orwe. Het ontwerp en de gravure zijn van de hand van Combet. Nadat wij vorige week een voorbeeld gaven van Spinhoven's kracht is thans het woord aan zijn voornaamste rivaal. Van Driel. Wit: P. A. van Driel (Ver. Haarl. S.G.) Zwart: J. K. Bosscher (Rolland) Geweigerd damegambiet. 1) c2-c4 Pg8-f6. 2) d2-d4 e7-e6, 3) Pgl-f3 d7-d5, 4) e2-e3 Een passieve zet, welke de diagonaal van Rel afsluit. Maar wit heeft met de loper andere planrten. 4) c7-c6. Hiermede had zwart beter kunnen wachten totdat wit Pc3 heeft ge- speeid. Na de tekstzet ware 5) Pbd2 een logische voortzetting teneinde een even tueel dc4: met Pc4 te beantwoorden. Zou zwart inplaats van c7-c6 eerst een ont- wikkelingszet hebben gedaan, dan had hij Pbd2 krachtig met c7-c5 kunnen beant woorden. 5) Rfl-d3 Pb8-d7, 6) 0-0 Rf8-e7, 7) b2-b3 Nu blijkt wit's bedoeling; hij wil Rel fianchetteren, zijn koningspaard op e5 plaatsen en met f2-f4 ondersteunen, en zijn damepaard via d2 eventueel naar f3 spelen. 7) 0-0 8) Pbl-d2 c6-c5. Op zichzelf de logische reactie, maar ten koste van een tempo; vergelijk de opmerking bij de 4de zet. 9) Rcl-b2 b7-b6 10) Pf3-e5 Leidt de kouingsaanval in, welke op verschillende manieren kan worden ge voerd, b.v. met f4 en g4. 10) Pd7xe5? Dit middel is erger dan de kwaal. Beter was Rb7 en dan maar eens zien hoe wit voortzet. Tenslotte is de zwarte konings stelling nog onverzwakt. Na de tekstzet ontvalt zware het belangrijke veld f6 voor zijn paard. 11) d4.ve5 Pf6-d7 12) f2-f4 f7-f5. Sluit de gevaarlijke diagonaal al-h7 af, maar verzwakt veld e6. 13) c4xd5 e6xd5, 14) Ddl-f3 Rc8-b7. 15) Df3-h3 g7-g6. Alles gedwongen; de verzwakking van de zwarte koningsstelling is nu definitief. 16) g2-g4! c5-c4. 16) fg4: 17) Dg4: met allerlei dreigingen zag er niet aanlokkelijk uit, zodat zwart in troebel water gaat vissen. Hij maakt ten koste van een pion veld c5 vrij voor zijn paard. 17) b3xc4 Pd7-c5, 18) Rd3-c2 Met 18) Re2 kon wit zijn onmiddellijke pion behouden, maar de tekstzet handhaaft de druk op f5 en daarmede de aanval 18) d5xc4. 19) Tal-dl Na 19) Pc4: zou zwart met Dd5 tegenspel krijgen. 19) Dd8-c8, 20) g4xf5 g6xf5. 211 Pd2xc4 De pion is wederom veroverd; met een pluspion, een prachtig geposteerd paard op c4 en allerlei aanvalskensen staat wit over wegend. 21) Tfo-f7, 22) Kgl-f2! Zeer sterk gespeeld De koning onttrekt zich aan schaak langs de g-lijn en maakt gl vrij voor de witte torens. 22) Pc5- e4t 23) Rc2xe4 Rb7xe4. 24) Tfl-glt Kg8-f8 Ook Tg7, 25) Tg7._ Kg7: 26) e6t zag er niet aanlokkelijk uit. Na de tekstzet volgt een aardig slot. ruitenaas geïncasseerd. De situatie die dan overblijft is de volgende: 6 H 10 W O V 9 Q Aas Noord is aan slag NZ hebben reeds 7 slagen gemaakt (1 in schoppen, 1 in har ten, 2 in ruiten en 3 in klaveren). Is de rui- tenboer gevallen, dan zijn de 9 slagen ver zekerd als dat niet het geval is, speelt noord harten 6 na en mag oost hartenaas maken. Wat oost ook nog in handen mocht hebben (b.v. twee hartens), of een rui ten met een klavertje of alleen maar harten de laatste twee slagen zijn voor NZ en het contract is gewonnen. In de -atste diagramstand speelde ik uit noord harten 6 na oost een kleine en als zuid de hartenvrouw. Nu bleek, dat west (mevr. Hoogenkamp) hartenaast tóch had zij had met C? Aas-3 de eerste keer zéér goed de hartenheer niet. genomen. West kon haar 4e klavertje naspelen zuid won en moest de 09 nog verliezen aan oosts hartenboer 1 down! Dit alles ging in het vlotte tempo, dat bij dergelijke manoeuvres onontbeerlijk is orp succes te hebben. Dat de 'ruitenboer-derde had ge zeten, maakt het succes groter. Goed tegen spel een compliment waard! H. W. Filarski Bridgevraag dezer week: In een oefen partij bleek mij, dat lang niet iedereen duidelijk begrip heeft over het bieden, na een tussenbod van 1 Sansatout. Noord ge ver, niemand kwetsbaar. Noord opent 1 ruiten oost biedt 1 SA wat moet zuid doen op elk der drie volgende spellen? a. *9654<?AB742Ol0 93*4 b «V92<?AB 10 83Ol0 5*V10 4 c. *759AB 10 965<>B42 63 Antwoorden elders op deze bladzijde. hebben wij met wit aan zet voor Leo twee winstgangen aangetoond. De heer H. van Gerrevink, Orionweg te IJmuiden, toont ons aan dat in de tweede spelgang een remise-adertje schuilt. Met 1) 1-18 16-21. 2) 18x25 was nu 21-27 verhinderd door 30-24. Terecht merkt de heer Gerrevink op, dat na 2) 18x25 eerst het offer 19-24. 3) 30x19 en 21-27. 4) 22x31 26x37 en het spel juist op het nippertje remise is. Tot slot een probleem van T. Lindeman. Naast de oplossing, die negen zetten diep is, volgt de vraag, of wit de vier stukken welke zwart heeft overgehouden kan over winnen. De eindstand: zwart 12, 15, 18, 27 en wit dam op 3, is leerzaam op te lossen voor eindspelliefhebbers. ■W. fozW. WW. OOOOOOOOOCXXJOOOOOOOOOOOOOOOOOOOCXXDOCiOOOOlXlOOrv^DOOOOOCJOOC Zwart: 4, 9, 12, 14, 16, 18, 20, 23, 30, 36, 40. Wit: 21, 27, 31, 33, 37, 38, 39. 46, 47, 48, 50. Wit speelt en wint. Oplossingen en correspondentie te zen den aan het adres van de damredacteur, B. Dyfcel, Wijk a. Zeeërweg 125, IJmuiden w//- Artikel 14 van het spelreglement luidt: „Elke slag moet stuk voor stuk worden aangetoond waarbij men wel meermalen over dezelfde open ruit mag gaan, maar niet ten tweede male over hetzelfde stuk. Tijdens het slaan mogen de vijandelijke stukken niet van het bord genomen wor den. Dit geschiedt na de slag". Een onzer lezers stelt de vraag hoeveel stukken een dam ten hoogste kan slaan. Naar ons be kend is, zijn dat elf stukken. Moge er varingen uit de lezerskring anders luiden, gaarne daarover bericht. Een aardig voorbeeld deed zich voor in de rubriek van de heer Geo van Dam in het blad „Damwereld" (juni 1948). Daar werd de vraag gesteld, een stand op het bord te zetten waarin drie witte stukken op volkomen reglementaire wijze twintig zwarte schijven in drie zetten van het bord wegvagen. Niet gesteld was, dat de stand bereikbaar moest zijn geweest. 25) Dh3-h6t Kr8-e8, 26) Tgl-g8t en zwart gaf het op. daar na 26) Tf8 het onverwachte 27) Dbö mat volgt, terwijl 26) Rf8 natuurlijk met 27) Pd6t beant woord wordt. Een typisch voorbeeld van de gevaren verbonden aan het niet-inachtnemen van een doelbewuste strategie. Mr. Ed. Spanjaard GOEDE DAMESPARTIJ De Nederlandse dames die ons land in september zullen vertegenwoordigen bij de Europese dames-kampioenschappen, ko men regelmatig voor oefening bijeen. Bij deze partijen fungeren heren vaak als tegenpartij en zo heb ik ook de gelegen heid gekregen de prestaties der dames te kunnen beoordelen. Vooral het Haagse da- mespaar mevr. Akkermanmevr. Hoo genkamp heeft op mij een goede indruk gemaakt; niet alleen dat deze speelsters hun Goren-biedsysteem werkelijk beheer sen, óók kennen zij diverse tactische ma noeuvres voldoende om het de tegenpartij op de juiste tijd moeilijk te maken. Een voorbeeld: 5 3 O 6 2 O A H 10 8 5 2 A H V OOOOOOOOOOOOOOOOOOOOt/^OOOOOOOcXXXXXXX/.'OOOOOGnoOOOOCXJOOOC Zwart 20 stukken op 7, 9, 10, 11, 12, 13, 14, 18, 20, 22, 27, 29, 30, 33, 37, 38, 39, 40. 41, 42; wit 23, 28, 32. Deze „slaanoplossing" voltrekt zich als volgt: 1) 28x19 37x28. 2) 28x1 (over 28, 38, 39, 29, 18, 7). 2) 14x23. En nu 3) 1x36 over de stukken 23, 20, 10, 9, 33, 40, 30, 11, 27, 42, 41. Naar ons bekend, het grootst aantal stukken dat in één keer door één dam kan worden geslagen. JAN DALLINGA 3000000^rr»rv>-oor/x'H.- ywioooonryy y *"XXOoocvvyyxJOOOOOOOOO W O V 9 8 7 C H V9 4 V B 8 6 3 Noord als gever opende 1 ruiten OW pasten zuid 1 harten noord 3 ruiten zuid 3 Sansatout. West kwam uit met schoppen 2, oost maakte schoppenheer en speelde schoppen boer na zuid de vrouw, west het aas. West incasseerde schoppen 10 (noord rui ten weg, oost bekende nog schoppen) in slag 4 vervolgde oost met schoppen, noord een ruiten, oost een hartentje weg, zuid kwam dus met de schoppen negen aan slag. Men kan natuurlijk spelen op het vallen van de ruitenboer, maar een andere kans rijke speelwijze is de volgende: ruiten vrouw maken, met klaveren naar tafel (noord) gaan, dan harten naspelen en de hartenheer leggen. Indien oost nu harten aas heeft, is de winst zeker zelfs als ruitenboer vierde zou hebben gezeten. Want na het maken van de hartenheer, worden noords twee hoge klaveren alsmede IN EEN DOOR TEN HAVE verzorgde*) en uitstekende verzorgde uitgave heeft de auteur het wel en wee der familie Van Hall aan de openbaarheid prijsge geven. Er was zeker reden dat te doen. De benoeming van mr. G. van Hall tot burgemeester van Amsterdam was niet de voornaamste, al vormde zij voor de schrij ver de aanleiding in de familiepapieren te gaan snuffelen. Vooral in de negentiende eeuw hebben leden der wijdvertakte fa milie zich in hoge mate verdienstelijk ge maakt jegens het Nederlandse volk. Ik denk aan mr. Floris Adriaan Van Hall die in 1844, toen ens land voor een staats bankroet stond, op verzoek van Willem II de portefeuille van financiën bij die van justitie nam en orde wist te scheppen in de chaotische toestand waarin onze geld middelen vooral door de strijd met België verkeerden. Ik denk aan Maurits Corne lls Van Hall, de beschermer van Betje Wolff in moeilijke dagen, patriot en be wonderaar van Bilderdijk; aan mr. A. M. C. van Hall, de verdediger van de Afgeschei denen en aan Frits van Hall, de beeld houwer die in de oorlog werd gearresteerd en in Duisland omkwam. Hem wordt in het boek géén regel gewijd wat vreemd aandoet tegenover de vele pagina's over andere en waarlijk niet altijd belangrijke leden der familie. HET VALT TROUWENS in het algemeen niet te ontkennen dat het de schrijver aan critische zin schort. Hij volgde met zijn biografische aantekeningen soms wonder lijke wegen. Historie en anekdote wisselen elkaar even snel af als gebeurtenissen van belang feiten die van alle betekenis zijn ontbloot of die generlei samenhang heb ben met het onderwerp van het boek. Soms meent men een geschiedkundig werk in handen te hebben, maar dan opeens blijkt het een familie-album te zijn, zo'n album waaruit men op bruiloften en par tijen voorleest om de gasten te amuseren. Telkens wordt de lezer geboeid door een aardige beschrijving of een tekenend citaat; dan weer wordt zijn geduld ge tergd door wijdlopige verhalen die wel licht neven en nichten zullen boeien, maar die de onbevangen lezer in geen enkel op zicht interesseren. De gave der Beschran- kung heeft de schrijver zeker niet, maar waarschijnlijk zullen zij die met de uit gebreide familie Van Hall in enigerlei relatie staan, dat juist hogelijk waarderen. En voor hen is dit boek ongetwijfeld in de eerste plaats geschreven. coooooooooooooooo. mcocccoix yyyy <xxx xxxxkooooooooooog LEO BINKHORST Zwart: 13, 14, 16, 19, 26; wit: 22, 30, 35. Wit dam op 1. •si paoS tarn poquajjeq g jaq q jads do uio -jbbm 'uauapaa ap uba uaa jioo uep si jeo uassBd snp Sbui jaui-ied Suiojoj jaiu poq -.inapi u,oz si VS I uba poquassnj jip bn •jnapfuajjEq apaoS 'aSuBj ;aui jads jjemz uaa apuaAaSuBB uajjeq g aijoe ajsinf ap si aijojsuaj o jads do 'uauiaujm jajqnop -jBjjs jaq Ciq ubji uep 'jatu jep pjoou jjaaq Ujaaq poqsSuiuado jeeuuou uaa pjoou sib ubb3 ibz uavop g ajsuiuiuaj jatu ;soo ;ep >(fiiu[iqosjBBMUo jsSooq si jan 'jaiqnop :arpB uazaMaSuee ap si q iads do 'uajqoBM ai je Jajaq si jaq snp pmaq ap ubb 3ou puojj pjoofj 'uaop aj poq uaa uio 'unp a; unajsuajioi ap ua ;qoajs a; si jnajjtuajjeq aa 'jsed pmz jep 'ajsaq jaq si b pds do :jjaaM Jazap 8rtu,\jSp|jq do pjooMjuy In de rubriek van 1 juli jongstleden M. C. van Hall: Drie Eeuwen. De kroniek van een Nederlandse familie. (W. ten Have n.v., Amsterdam, IS. IN DE ZWARTE BEERTJES-SERIE van A. W. Bruna en Zoon zijn onlangs weer drie werkjes van Havank uitgekomen, te weten „SPAANSE PEPERS", een avon tuur dat zich afspeelt op Mallorca, „DO- DEMANS DOLLARS", waarin de Schaduw afrekent met een bende valse munters en „HET GEHEIM VAN DE ZEVENDE SLEUTEL", waarin een Amerkaanse han delaar in verdovende middelen het slacht offer wordt van Carlier en zijn helpers. We kunnen de lezers aanraden drie ge noemde boekjes niet achter elkaar uit te lezen, want dan wordt het overladen, leutige proza van de heer Havank toch wel wat teveel. EEN NIEUW Zwart Beertje is ook „DE SAINT IN HET INFERNO" van Leslie Charteris. De Saint ziet zich hierin ge plaatst tegenover een demonische geleer de midden in de Cubaanse wildernis. Een onwaarschijnlijk maar spannend avon tuur, zoals de meeste van deze super pri- vé-detective. „ZIJN LAATSTE SCHOT" van José Giovanni is uitgekomen in de Gele Serie van de n.v. Uitgeverij Nijgh en Van Dit- mar. Het is een keiharde, goedgeschreven Franse misdaadroman met echter een zwak slot. ER WAS EENS EEN KOK. Hij heette Rudolfo Rondo en hij werkte op een schip. Rudolfo Rondo hield van de zee en hij vond het fijn om te varen, maar toch was hij niet gelukkig. En weet je waarom niet? Hij had het veel te druk. Ga maar eens na: de kapitein lustte geen doperwtjes, de stuurman geen spi nazie, de bootsman geen bruine bonen, de stoker en de machinist geen lof en bij de matrozen wilden ze allemaal wat anders eten. Rudolfo Rondo was daar om de hele dag in de weer. Hij maakte wel 27 verschillende gerechten klaar en bij al deze bezigheden vergat hij meest al om zelf te eten. Nu, dat kon je wel aan hem zien, want wat zag die arme kok er bleek en magertjes uit! Zijn wangen waren hol en ingevallen, zijn benen zagen eruit als stokjes en zijn vingers leken wel spinnepoten. Zó ma ger was de kok. En zijn humeur werd er ook al niet beter op! Hij begon te snauwen en te grauwen tegen de men sen en niemand zag hem ooit lachen. Dat kwam allemaal omdat hij zo hard werkte en altijd haast had. Maar tja, haastige spoed is zelden goed, zeggen de mensen wel eens en zo was het ook hier. OP EEN DAG KLOM Rudolfo Rondo gauw even op een stoel om iets van de bovenste plank uit de kast te halen. In zijn haast gleed hij uit en, bons, daar viel hij met een smak op de grond. Hij kreunde van pijn en er moesten twee matrozen komen om hem overeind te helpen. Ook de stuurman werd erbij ge haald en deze zag al gauw, dat de kok zijn voet had verstuikt. Hij legde een d;k verband om dg., verstuikte voet en tóen werd de kok op twee gemakkelijke stoelen neergelegd. „Je. moet rust hou- cléh"y zei dé 'stuurffi'Sn"*y,',en denk erom, dat je niet eerder opstaat of je voet moet weer helemaal beter zijn!" Ja, rusi houden, dat was makkelijker gezegd dan gedaan, want hoe moest dat nu met het eten? Wie moest er nu al die lekkere hapjes klaar maken? De hele bemanning van het schip kwam in de keuken om hierover te beraadslagen en tenslotte werden er drie matrozen aangewezen om voor het eten te zor gen. De mannen gingen direct aan 't werk. Ze schilden aardappels, maakten de groenten schoon en braadden hett< vlees en vanuit zijn njakkelijke stoel zag de kok toe of het wel goed ging. Natuurlijk had hij wel een paar aan merkingen. Ze vergaten bijvoorbeeld om zout in de aardappelen te doen en een van de matrozen had pindakaas in plaats van mosterd voor de saus ge bruikt. Maar gelukkig kwam alles toch nog goed en op tijd klaar. HET ETEN WERD in de schalen gedaan en die werden netjes naast el kaar op een enorm groot dienblad neer gezet. Twee matrozen pakten het dien blad op om het weg te brengen, ieder aan een kant. Maar, o wee, ze waren de keuken nog niet uit of het schip werd verschrikkelijk op de golven heen en weer geslingerd. Het dienblad kan telde, eerst naar rechts en dan naar links, en tot hun grote schrik zagen ze, dat al het eten door elkaar werd ge gooid. Aardappelen, doperwtjes, lof, worst, gehakt en andijvie, alles werd door elkaar gehutseld en het was alle maal één grote hutspot geworden. Er zat nu niets anders op dan alles bij elkaar in een reusachtig grote schaal te mikken en naar de eetzaal te bren gen. En zo gebeurde het dus. De ma trozen, de stuurman en de kapitein, allemaal kregen ze hetzelfde eten. En dacht je, dat er gemopperd werd? Nee, hoor, helemaal niet! „HA" ZEI DE KAPITEIN" er zitten bruine bonen in!" ..Fijn. er zitten doperwtjes in!" riep de bootsman blij en zo proefde ieder een wel iets wat hij lekker vond. De volgende dag aten ze weer stamp pot en de volgende dag weer en de daarop volgende dag weer en toen was de week om. Toen was het zondag. De kok was weer opgestaan en, hoewel hij nog wat hinkte, ging hij toch weer aan het werk. Maar nu maakte hij geen 27 gerechten meer klaar. Nee hoor, hij was nu wijzer geworden. Op zijn dooie akkertje kookte hij het eten, twee groente's en een puddinkje toe en bij het opdienen vergat hij zichzelf niet. Hij at twee volle borden achter elkaar leeg en daarna nog drie puddinkjes, die de anderen hadden overgelaten. Vanaf die da*: begon Dudolfo Rondo te veranderen. Hij nam zijn werk mak kelijker op, want hij had geleerd, dat het beter was om de mensen niet zo te verwennen. Hij v erd vriendelijk en vro lijk en de mensen kwamen vaak bij hem in de keuken om een praatje te maken. Langzamerhand werd de kok ook dikker. Ja, na een poosje kreeg hij zelfs een onderkin en toen zag hij er pas uit als een echte kok: gezellig, dik en rond. Marjan van Beek Greet van de overkant, Om het haar een rode band, Om haar hals wat kraaltjes Loopt heel vrolijk en parmant, Met een schepnet in haar hand, Klik-klak op sandaaltjes! Greetje gaat wat naar het strand, Bouwt daar bergjes van wat zand, En ziet plots garnaaltjes Loopt dan naar de waterkant, Met haar schepnet in haar hand..., Uit! Gaan de sandaaltjes Greetje, moe van zonnebrand, En haar voetjes vól met zand, Geeuwt wel hónderd maaltjes Gaat naar huistoe van het strand, Met haar schepnet in haar hand..., Klik-klak op sandaaltjes. Greetje, op de bedderand, Doet haar moeder van het strand, Allerlei verhaaltjes Tot Klaas Vaak haarhand in hand, Meeneemt naar het Dromenland Uit!gaan de sandaaltjes IN DE PRISMAREEKS zijn verschenen „SPIONAGE OP PASEN" van Edgar Bohle, een nogal onwaarschijnlijk, zij het wel spannend spionageverhaal; „SPIO NAGE VERHALEN" van Kurt Singer, 13 verhalen over spionage-affaires tijdens en na de laatste wereldoorlog; „PICCADIL LY JIM" van P. G. Wodehouse heeft alle eigenschappen die het oeuvre van deze schrijver kenmerken en is dus bestemd voor de liefhebbers. „GLENCANNON, DE SCHEVE SCHOT" is een kostelijk boek van Guy Gilpatric. Het is uitgegeven door n.v. Drukkerij De Spaarnestad in Haarlem en beschrijft de malle avonturen van een opvliegende, sluwe, maar goedhartige Schotse scheeps- machinist, die immer zegeviert. IN DE ACCOLADE-SERIE van de uit gever A. W. Sijthoff in Leiden is uitge komen „DE SCHADUW VAN DE TIJD" van Christopher Landon, een onderhou dend geschreven kidnap-story, waarin de particuliere detective Harry Kent en zijn excentrieke vriend Josh een belangrijke rol spelen. Bij de zelfde uitgever kwam nog een detective uit, namelijk „PERQUIN MAAKT FOUTEN" van de Nederlandse auteur Martin Mons. Het is een nogal praterig verhaaltje met zeer schematische perso nages *over een in een schoonheidssalon gepleegde moord. DE BELANGSTELLING voor het ma ken van smalfilms blijft toenemen en daardoor ook die voor litteratuur op dit gebied. Van Dick Boer's „HET SMAL- FILMBOEK" (uitgeversmaatschappij Fo cus n.v. te Haarlem) is nu reeds de der tiende druk verschenen. Dat is te be grijpen, want op prettige wijze vertelt Dick Boer allerlei bijzonderheden waar mee de liefhebber te maken heeft als hij een camera bezit en familietaferelen, reis indrukken of verhaaltjes op de film wil vastleggen Bij dezelfde uitgeversmaatschappij ver scheen „NIEUWE IDEEEN VOOR SMAL- FILMERS", waarin D Knegt aan het woord is om aan gevorderden verder de weg te wijzen. Hij beschrijft de filmstof, het draaiboek, de montage en tot besluit geeft de schrijver een toelichting op zes tien scenario's.

Krantenviewer Noord-Hollands Archief

IJmuider Courant | 1961 | | pagina 14