DE DODENLIJST VAN ADRIAN MESSENGER PUZZEL NUMMER 2 j Diepvries-maaltijden engros PANDA EN DE MEEST ER-OP HE FF ER r PRIEGELTJES GROTE REIS Polle 1 Doorsmeerdames in de Domstad ^"Hoe is het ontstaan?^ J ZATERDAG 9 SEPTEMBER 1961 I PHILIP MACDONALD Oorspronkelijke titel: The list of Adrian Messenger dit (5) Zwaargewichten Tweeduizend Britten azen op 250 veilige baantjes Dit woord: GYMNASIUM 25. „Zeg eens even!", roept Polle, „jij mag ons roer niet opeten! Dat is het enige wat we over hebben van ons trouwe schip!" „Ja maar zegt de kleine indringer, „ik heb zo'n honger, ik ben geloof ik uit mijn nest gevallenJ „Daar is wat aan te doen!", roepen Polle en Pingo, „ga maar eens mee! Soep is er nog genoeg!" 31) Seymour slaakte weer een uitroep en bemerkte dat zij bij zijn vak beho rende onbewogenheid verdwenen was. „Ja", zei hij daarom zo rustig moge lijk, „ik geloof wel dat u gelijk hebt. Geen prettig type, die Smith Brown- Jones". „Nauwelijks een type, Seymour, la ten we hopen dat hij sui generis is. Maar wel knap. Maar het zou kunnen zijn dat hij in Schotland te ver is ge gaan". Anthony wees weer op 't knip sel, dat Seymour nog steeds in zijn hand hield. „Herlees die lofrede op die onbekende belangloze Barmhartige Samaritaan nog eens, dan moet je wel tot de conclusie komen dat er ver scheidene mensen moeten zijn die zich hem nog zullen herinneren. Van dok ter Dougald af Seymour kwam overeind. „Een sig nalement!" zie hij, weer uit zijn rol vallend. Anthony haalde zijn schouders op. „We moeten er niet te veel van ver wachten. Maar we moeten het natuur lijk wel proberen.." Het was elf uur toen Seymour, na dat regelingen voor zijn reis waren getroffen, het huis verliet.. Het was half twaalf toen Dennison opbelde van het ministerie van oorlog. Hij had het antwoord op Anthony's eerste vraag, zoals hij beloofd had. Hij zei: „Hier zijn de gegevens over Dalton, generaal-majooi Sir Hugo gesneuveld in 1943". Hij was even laconiek als al tijd. „Zijn naaste familielid is zijn we duwe. (Geboren Fothergill, Marjorie Constance. Ze woont in La Jolla, Ca lif ornië. Adres: Seabrid Avenue 110.. Heb je dat? Prachtig. Bel me morgen over de tweede vraag." Het was twaalf uur toen Anthony een langdurig telefoongesprek met een behulpzame ambtenaar van de tele foondienst beëindigde en de hoorn op de haak legde in de wetenschap dat hij die avond om half zeven waar schijnlijk mevrouw Dalton zou spre ken. Hij was net klaar met zijn lunch om twee uur en precies te zijn toen Jocelyn Messenger opbelde. Ze was terug in Chelsea na de nacht in Dey- ming Abbey doorgebracht te hebben en zij vertelde dat ze niets te melden had. „Het mag schijnen dat ik zelfinge nomen ben, maar ik heb het gevoel dat ik goed werk gedaan heb". Haar diepe zachte stem klonk helder en le vendig in Anthony's oren. „Ik bedoel de manier waarop ik het aangepakt heb. Als Adrian de laatste tijd iets werkelijk ongewoons had gedaan, zou den tante Mildred of oom Rory het me hebben moeten vertellen „Werkelijk ongewoons?" zei Antho ny scherp. „Neem me niet kwalijk dat ik het zo scherp zeg, maar vergeet niet dat we op de uitkijk zijn naar elke af wijking van Messengers normale ge drag. Wat dan ook! Al was het ook maar dat hij zijn scheiding aan de an dere kant was gaan dragen.." „Dat weet ik". Er was even een lach in haar stem. „Maar er was kennelijk niets. Uit wat ze mij vertelden bleek dat Adrian meer zichzelf moet zijn geweest dan ooit. Hij was bijna steeds, uitge zonderd de paar keer dat hij aan een jacht deelnam, in de bibliotheek, zelfs na het diner. .Het spijt me dat ik niet meer heb kunnen doen „O, maar u hebt me al veel gehol pen", zei Anthony, „uw Dalton was heel belangrijk". Hij vertelde haar in het kort van de India-Birma-Dalton- Dacoit schakel. „Met u heeft hij het zeker nooit over deze actie gehad?" „Nee.De oorlog was een van de vele dingen waar Adrian nooit over wilde praten. Het was een paar minuten over zes toen Anthony zijn telefoongesprek over achtduizend kilometer voerde met de weduwe van generaal-majoor Sir Hugo Dalton. De ontvangst van het trans atlantische telefoongesprek liet aan beide zijden niets te wensen over. Bo vendien bleek mevrouw Dalton, gebo ren Majorie Constance Fothergill, ge lukkigerwijze een vrouw van weinig woorden te zijr. die zich zeer helder uitdrukte. Ze accepteerde zonder meer het excuus dat hij aanvoerde en be antwoordde zijn belangrijkste vragen vlot. Ja, ze kende wijlen majoor Adrian messenger oppervlakkig.. Ja, ze had wijlen majoor Messenger uitgenodigd een paar dagen bij haar door te bren gen in Californië op zijn reis naar Ca nada. Ja, de uitnodiging was het ge volg geweest van een brief van ma joor Messenger, waarin hij schreef dat hij haar wilde spreken over iets dat kennelijk verband hield met het feit dat hij gediend had bij de staf van generaal Dalton. Nee, ze had geen idee waar het over ging.Nee, ze her kende geen van de andere namen die hij haar noemde.Het speet haar dat zij de executeur-testamentaire niet meer kon helpen.Zij zou hem graag helpen als hij nog meer vragen zou willen stellen.. Dat was alles voor maandag. Dinsdagmorgen om elf uur belde Anthony Dennison bij het ministerie van oorlog op. Hij kreeg te horen dat kolonel Den nison in gesprek wasHij begon te ijsberen en trachtte zijn geduld te be waren. Om vijf minuten over twaalf ging de telefoon en kreeg hij Dennison zelf aan de lijn, die zei: „Wat je tweede vraag betreft: Ik heb twee mensen in Londen ontdekt die de expeditie van Dalton in Birma overleefd hebben. Heb je een pot lood?.." Daarna voerde Anthony nog verschei dene andere telefoongesprekken, als mede twee gewone gesprekken, wat hem tezamen met de tijd die hij no dig had om te telefoneren en te rijden, in beslag nam tot half vijf in de na middag. Het bleef echter vruchteloos. Beide mannen, een kapitein en een serge ant-majoor toonden zich bereidwillig genoeg om in te gaan op Anthony's vragen, maar ze konden hem kenne lijk niets van enige waarde aanbieden Het uit driehonderd man bestaande onderdeel van Dalton, zo vertelden ze, was verdeeld geweest in drie groe pen van elk honderd man, met elk een verschillende taak. En noch de kapi tein, noch de sergeant-majoor was in de afdeling geweest waarover Adri an Messenger het commando voerde. De kapitein herinnerde zich Messen ger, maar had hem niet goed gekend. Noch hij, noch de sergeant-majoor herinnerde zich, behalve misschien uiterst vaag, een van de tien mannen op Messengers lijst. En tenslotte be vestigden beiden wat Dennison al had laten doorschemeren, namelijk dat het aantal doden en gewonden bij het on derdeel van Dalton bijzonder hoog was geweest. Na dit teleurstellende nieuws ging Anthony naar huis zonder nog veel hoop te hebben dat hij het ontbreken de verhaal op deze manier te pakken zou kunnen krijgen. Hij was nog steeds terneergeslagen, en vroeg zich af of hij ergens anders zou gaan eten of thuis toen White zijn werkkamer binnenkwam om een be zoekster aan te kondigen. „Een zekere mejuffrouw Bixby, mijnheer", zei White. „Van Updyke en Wallace. Ze zou u graag persoonlijk willen spreken.." „Laat haar binnen", zei Anthony lichtelijk verbaasd en even later be groette hij een goed geklede aantrek kelijke en zeer nerveuze brunette. Ze gaf van haar nervositeit meteen een zeer heldere verklaring door uit haar tasje een enveloppe van Updyke en Wallace te halen, die één knipsel bevatte. „Het is helemaal mijn fout, gene raal Gethryn", zei ze. „U had dit bij de aflevering van maandag moeten hebben. Maar op de een of andere ma nier heb ik het over het hoofd gezien. Ik hoop dat het niet belangrijk is". Ze was zo eerlijk en zo bezorgd dat Anthony haar vergaf dat ze hen „ge neraal" noemde. Hij glimlachte tegen haar en zei: „Ik denk het niet. Het scheelt toch maar een dag". Hij nam de enveloppe aan, maakte hem open en zag het knipsel uit The World of Books dat het reisplan van mijnheer Bronson uit Vancouver zo plotseling had gewijzigd, het stukje dat betrekking had op Adrian Messen gers halfvoleindigde werk: Het enige standpunt. Toen hij het las trokken zijn lippen samen in oen geluidloos gefluit, hij fronste zijn wenkbrauwen, en zei bin nensmonds: „Stomme idioot! 'Wordt vervolgdI - y-'yff Horizontaal 1. Wat je je medemens niet mag doen doe je wel met je kachel (8) Ik gis dat dit insect terugloopt als het op zulk een bodem komt (6) 10. Hoe ver ik schenk komt er niet op aan, het loopt er toch weer uit (7) I 11. Plotseling zijn daar vijfhonderd ope ra's (7) 12. Een dorp en een bos ziet men op de eettafel staan (10) 13. Gooi de taak door elkaar, dan kun je het als afgedaan beschouwen (4) 15. De sergeant en de timmerman doen 16. Als je hem tussen je kies perst kan deze wel breken (8) 19. De wever drinkt port, ik doe er niets af, al wijst hij het af (8) 21. Als je dit in de woestijn doet blijft het antwoord uit (5) 25. Doe dit met jezelf alvorens je mijn voorstel afkeurt (4) 26. Zo kun je een kleuter in zijn badje noemen, maar ook iemand die tobben moet om er te komen (10) 28. Een zeerover kan 'r vandaan komen (7) 29. Talen komen er bij te pas al produ ceert een slang dit geluid (7) 30. Vader zit voor dit verblijf en voelt er zich uitstekend (6) 31. Als ik die trap goed stel is er geen gevaar dat hij dit op de grond doet (8) I Verticaal 1. Als je gang zó is nodigt de politie je uit om met hem mee te gaan (6) 2. Mijn metaalvoorraad moet ik uitzoe ken, ik kan er geen roest gebruiken (7) 3. Kan de Koninklijke mij wellicht hier mede van dienst zijn voor Oudjaar? (10) 4. Als de vijand me dit doet zal ik 't hem met rente betaald zetten (6) 6. Ik wil een antwoord zonder rede gevend voegwoord, dan heb ik het door waar ik mij bevind (4) 7. Ik wacht op je komst, sufferd (7) 8. Ge geeft mij te veel last door uw uiter lijke vorm (8) 9. Stel ik heb een pen, dan moet deze er één van hebben (7) 14. Als je maar één cent over hebt levert I hij je geen ijs (10) 17. Ik sta voor een poel, hoe wou je dat ik er over wandel? (8) 18. Als je daarop zit kun je beter op- staan (7) 20. Wie dit voor mij doet/meent het meest al goed/doch op deze wijze/kan ik het niet prijzen (7) 122. Was Pa der al toen onze pauw pronkte? (7) 24. 27. Ba, heb je pret broertje doe? (6) 'n Engelse vorst brengt mijn gelaats spieren in beweging (6) Duizend mogen er door de mazen slip pen, ik win met de rest het spel (4) Inzenden voor donderdag, uitsluitend per briefkaart. OPLOSSING PUZZEL NO 1 Het poseren voor de „visuele pers" is een der zwaarste verplichtingen voor vorstelijke personen en andere prominenten: een beproeving, die zelfs de prilste prinsenkinderen niet bespaard blijft. Deze week was het spervuur der fotojournalisten en journaalfilmers weer eens gericht op de kleine Hito, erfprins van het Japanse keizerrijk, die hier met zijn moeder, prinses Mitsjiko, een pers camera aa*n een diepgaand onderzoek onderwerpt. De foto van dit aardige tafreeltje zal overigens in Japan wel onverkoopbaar zijn, want het afge beelde fototoestel is van een bekend Duits merk en geen enkel Japans dag- of weekblad zal het aandurven zulk een plaatje „een sla-g in het aangezicht van de machtige Japanse camera-industrie" te publiceren Een zeer gewichtige patient is door acht verplegers in het Addingtonzieken- huis in Durban binnengebracht. Het was de 34-jarige L. N. Clarke, werkzaam bij de Zuidafrikaanse spoorwegen, die :n de ongevallen-afdeling werd opgenomen. Hij weegt 425 pond en is daarmee de zwaar- tewichtkampioen uit een gezin', dat ver der bestaat uit een 65-jarige vader (280 pond), een moeder van 350 pond en vie» dochters in het buitenland die elk onge veer 200 pond wegen. Clarke's been was door stoom verbrand en hij zal enkele weken in het ziekenhuis moeten blijven. Tenminste vier verpleeg sters zullen er aan te pas moeten komen om hem te verleggen. VET Prijzen: Eerste prijs 7,50): J. van den Berg, Vredenrijkstraat 47, Haarlem; twee de prijs 5), mevrouw J. Riedijk, M. K. Hofstedestraat 20, IJmuiden; derde prijs 2,50), mevrouw A. Kopersberg-Van der ist, Arubastraat 21, Santpoort. DROITWICH (Engeland) (UPI) Ruim tweeduizend Britten hebben zich als gegadigden gemeld voor 250 baantjes in een fabriek aan de zuidwestkust van Engeland, waar men beweert veilig te zijn voor kernbommen. De aanvragen stroomden bij de gereedschappen- en meet- apparatenfabriek Waldor binnen op het kantoor van deze onderneming te Droit- wich, nadat men drie dagen geleden ad vertenties had geplaatst. Directeur Fran cis Lawrence zei dat de advertentie se rieus was. „Ik heb eersteklas mensen nodig voor mijn nieuwe fabriek in Pen zance, en ik ben er van overtuigd dat men in die buurt het veiligste gebied van het land heeft", zo zei hij. Penzance ligt on geveer 450 kilometer van Londen Law rence lichtte verder toe: „Oorlog of geen oorlog, ik wil dat mijn fabrieken de pro- duktie op peil houden. Ik kan alleen per soneel krijgen door hun veiligheid aan te bieden. Een Nederlandse conservenfs'briek neemt momenteel proeven met volledige diep vriesmaaltijden. Het gaat hierbij om het verstrekken van verschillende menu's aan bijvoorbeeld ziekenhuizen, bedrijfskantines en andere instellingen, waar op spitsuren honderden maaltijden moeten kunnen wo- den afgeleverd. Van de zijde der ziekenhuizendirecties is al belangstelling aan de dag gelegd voor de experimenten. Het tekort aan zie kenhuispersoneel enerzijds en een even tuele bezuiniging bij het bouwen van nieu we ziekenhuizen anderzijds, waren evenzo- vele redenen om zich te interesseren voor de mogelijkheid van complete diepvries maaltijden. De maaltijden zouden dan niet meer in de keukens van de ziekenhuizen behoeven te worden toebereid, maar als „diepvries" kant en klaar kunnen worden betrokken, waarbij er een keuze zou moe zijn uit meer dan honderd menu's Het eerste contact werd gelegd tussen de fabriek en het Dia'conessenziekenhuis in Emmen, waar men inmiddels met een eerste proef van diepvriesmaaltijden is be gonnen. Men zal in oktober deze maaltij den ook gaan serveren in het academisch ziekenhuis in Leiden, in de mensa acade mica in Groningen en in de bedrijfscan- tine van een der grote bedrijven in Am sterdam. De. maaltijden worden thans nog klaar gemaakt in de conservenfabriek in Leiden, van waaruit via verschillende dépots de cliënten zullen worden bediend. In Utrecht is reeds een fabriek in aanbouw. waar men te zijner tijd de maaltijden op veel gro ter schaal zal kunnen samenstellen en af leveren. Van de zijde van de directie der con servenfabriek in Utrecht vernemen wij na der, dat men nog enige tijd zal moeten wachten om te kunnen zeggen of de ex- 43. Terwijl hij een cheque uitschreef voor de opheffing van onderontwikkelde personen, mompelde Jonker Hen ri dus een enigszins nurkse opmerking over het opheffen van gewone, ontwikkelde personen en die opmerking ging niet ongemerkt voorbij aan de oren van Bankier Giorgio Bueno de Rothfeller. „Dat is heel merkwaardig wat u daar zegt," merkte hij verrast op. „Heel, heel merkwaardig. De opheffing van Ontwikkelde Personen, zei u toch? Tja, tja. ook dat is een probleem en het is maar goed dat daar tegenwoordig iets aan gedaan wordt. Wat? Dat was u niet bekend? Maar hé kent u dan niet het Genootschap ter Opheffing van Ontwikkelde Personen, dat zijn kantoren hier twee straten verder heeft? Een vooruitstrevende instelling! Een heel goede vriend van mij is daar de president van een professor Georg vom Gutenblut. Welnu ik weet het goed ge maakt; ik zal hem uw komst aankondigen. Over twee, drie uurtjes, zou dat schikken? Ik beveel u dat hartelijk aan, daar kunt u veel genoegen aan beleven!" „Daar zit wel iets in. Daar heb ik wel oren naar," sprak Jonker Henri, die inmiddels de cheque ten einde had geschreven. Maar Panda en Archibald Brauswasser keken elkaar fronsend aan. „Weet u die kantoren, hier twee straten verder?" vroeg Panda vol twijfel. Brauswasser schudde het hoofd. „Nooit van gehoord," bromde hij. „Zou dat weer een moderne oppervlakkigheid zijn?" e* perimenten geheel zijn geslaagd. Uiter aard is men hoopvol, anders was men de bouw van de fabriek in Utrecht die in februari 1962 kan zijn voltooid niet be gonnen. Een definitief oordeel wil men thans echter nog niet geven. Vólgende week maken in een automo bielbedrijf in Utrecht enkele jongedames hun debuut op de smeerbrug en in de auto wasplaats. Het doorsmeren en wassen van de auto's zal in dit bedrijf voortaan wor den toevertrouwd aan vier in uniforme kleurige tuinbroeken en bijpassende blou ses gestoken leden van het zwakke ge slacht. Hoewel hoofddoeken tót hun standaard uitrusting behoren zullen de meisjes een maal per veertien dagen hun haar op kos ten van het bedrijf mogen laten wassen en watergolven- Elegante laarsjes comple teren het tenue van de doorsmeerdames De directeur van het garagebedrijf in de domstad zegt dat hij geen andere keus had, daar er in de laatste jaren vrijwel geen mannelijk personeel voor het was sen en het doorsmeren te krijgen is. Hij richtte zijn blik over de grens en kwam tot de ontdekking, dat elders in West-Europa de vrouw haar plaats in het garagebedrijf al heeft verworven. Daar om plaatste hij een advertentie, waarin de genoemde secundaire arbeidsvoorwaarden breedvoerig werden geschetst. De reactie overtrof zijn stoutste verwachtingen. Sinds jaren kan hij weer sollicitanten selecteren en met één slag is het bedrijf uit de per- soneelsnood. De toekomst zal leren of het smeren en wassen van ons immer wassend wagen park een totaal vrouwelijke aangelegen heid wordt. Het Griekse woord gumnos bete kende: naakt en een gymnasium was dus eigenlijk de olaats waar men naakt was, d.w.z. de plek waar men worstel de en andere sporten beoefende. In de nabijheid van het gymnasium, dat meer en meer het middelpunt werd van het openbare leven iri Griekse steden, hiel den zich ook de wijsgeren en redenaars op, wetend dat zij hier steeds een tal rijk gehoor konc.en verwachten- Bij de aanleg van zo n gymnasium hield men er dan ook rekening mee dat een ge deelte der ruimte gebruikt kon worden voor doeleinden die niet met gymnas tische oefeningen in verband stonden. In de Renaissance werd het woord gym nasium in veie talen overgenomen in verschillende betekenissen. In Neder land is een gymnasium een school waar men Grieks er Latijn onderwijst. 91-92. Weer reisden ze door het oerwoud. Een groot deel van de tocht werd afge legd in een kano, die door sterke negers werd voortgéboomd. Hoe voel je je nu, Priegeltje, nu je weer in je eigen land bent? lachte doctor Kanebit. Pa nga nikoer! zei Priegeltje opge wekt. Dat betekent: lekker warm hier! Hij stond op een koffer en keek naar de dicht begroeide oevers, waar ze langs voeren. Jaja, lachte de professor. Hij voelt, dat we dichter bij zijn vaderlandje komen! Toch moesten ze eerst nog heel wat kilo meters reizen, vóór ze zover waren. De tocht over de rivier duurde enkele dagen, toch moesten ze weer over land verder.1

Krantenviewer Noord-Hollands Archief

IJmuider Courant | 1961 | | pagina 11