toegevoegd aan alle edities van blad/Oprechte Haarlemsche Courant en IJ minder Courant LITTERAIRE KANTTEKENINGEN aPsMPi SYRIë HEEFT WEER het heft in handen genomen. Het maakt geen deel meer uit van de Verenigde Arabische Republiek en het zendt alle Egyptenaren, die op een of andere wijze bij de regering van deze „Noordelijke Provincie" betrokken waren, terug naar het eigen va derland. En wij denken, dat zich weer een stukje mo derne politiek heeft afgespeeld! Dit is echter de zo veelste keer dat Syrië zich heeft losgemaakt van Egyp te, ditmaal naar het zich laat aanzien op zeer onbloe dige wijze dank zij een verstandige politiek; maar an dere keren gebeurde dit na verschrikkelijke strijd. - A Eb- en vloedstromen in de eeuwige worsteling tussen Egypte en Syrië WE MOETEN BEGINNEN met de ligging van Syrië en Egypte eens nader te bezien, want in zekere zin is die de oorzaak van alles. Syrië ligt in Azië en heeft een Aziatische, dus dynamische be volking. Egypte ligt in Afrika en bezit een in wezen zeer zachtzinnige en wei nig oorlogszuchtige bevolking. Tussen Azië en Afrika strekt zich een landstreek uit van geweldige woestijnen, die van de Sinai, van Arabië en één langs de Rode Zee. In zekere zin is deze land streek een soort scharnier tussen twee reusachtige continenten. Ten noorden ervan ligt de zogenaamde „Vruchtbare Halvemaan", die Palestina, Syrië en Irak omvat. Ten zuiden ligt de Nijlvallei, een duizenden kilometers lange oase aan weerszijden van een rivier, ingesloten door nog grotere woestijnen. De „Halve maan" heeft altijd import van doortrek kende of optrekkende volken gehad, Egypte bleef door de zeer geïsoleerde ligging daar van verstoken, zodat het Egyptische volk van nu in samenstelling niet zo heel erg veel verschilt van dat van vroeger. Wie antieke Egyptische beelden vergelijkt met de moderne mens uit dat land vindt het oude type zeer zuiver bewaard terug. Een figuur als president Nasser heeft een antiek Egyp tisch uiterlijk. Vooral zijn krachtige neus is terug te vinden op diverse farao- portretten. TUSSEN DE TWEE landen Syrië en Egypte bestond geen onmiddellijk contact, maar wel was er altijd een sterke drang van weerszijden om dat contact te leggen. Beide landen bezaten een zeer hoogstaan de en ontzaglijk ontwikkelde beschaving. En zij, die deze beschaving uitwisselden waren de woestijnbewoners, de zwerven de nomaden, die van het ene land naar het andere trokken met hun kuddes. Overi gens waren die woestijnen, met name de Negev-woestijn, toen heel wat minder dor en droog dan nu, zoals door moderne on derzoekingen is gebleken. Plannen om de Negev-woestijn weer vruchtbaar te maken werden reeds duizenden eeuwen geleden met succes uitgevoerd. Het is wel eens goed dit te beseffen. BEIDE LANDEN, zowel Syrië als Egypte, waren rijk aan verschillende ex portartikelen. Syrië beschikte over goed hout, over koper, zilver, ijzer, halfedel stenen en veel ruwe grondstoffen. Egypte bezat die niet, maar had de beschikking over de kostbare produkten van Afrika: goud in ontzaglijke, bijna onvoorstelbare massa's, prachtige steensoorten, ivoor, dierenhuiden en harsen. Bovendien waren de levensomstandigheden in het agrarisch Egypte dusdanig aangenaam, dat ze voor de woestijnbewoners wel zeer aantrekke lijk waren, reden waarom duizenden jaren lang die zogenaamde „zandbewoners" in val na inval over de Egyptische grenzen pleegden om zich daar te kunnen vestigen. Soms lukte dat wel, soms niet, dat hing van de meerdere of mindere kracht van de Egyptische regering af. EGYPTISCH-SYRISCHE BETREKKINGEN, 1355 VOOR CHRISTUS Een oud-Egyptische karikatuur, die op zeer geestige en spitse wijze de toestand karakteriseert. Een Syriër, die naar zijn kleding en manier van doen te oordelen graag Egyptisch, dus >,ipgdern" tpil doen, zit op e,en elegant Egyptisch klapstoeltje, dat bedekt is met een pantervel uit de Soedan, dus erg kostbaar. Via een enorme en hoogst burgerlijke zuigbuis drinkt hij zijn wijn zó uit de kruik, daarbij geassisteerd door een Egyptische dienaar met een uiterst slim muizesnoetje. Ten overvloede houdt deze dienaar in de linkerhand nog een beker wijn klaar. De Egyptische „dame" die naar we vrezen niet zo fatsoenlijk is als ze behoorde te zijn.ziet bij één en ander toe. Voor de veiligheid is bij deze antieke barscène ook gezorgd. Achter de Syriër, met zijn voor de Egyptenaren weinig modieuze, om niet te zeggen barbaarse baard, staat de zware speer voor het grijpen! tisch bewind in opstand waren gekomen, de hoogtij in Egypte. In de hoofdstad The- De vorsten van Syrië, Libanon en nog een be ontmoette men de ambassadeurs van 1 -1 fLftl n.nvon eforl Tl r, rtnil lr O lonHon Ph fVnHpkPnHp H 1 P- liepen rond in de toenmalige „Artissen", die groot en weelderig en zeer goed ge outilleerd waren! DE REGERING van Ichnaton (Amen- hotep IV) bracht voor Egypte niets dan ellende en achteruitgang en verlies van de koloniën. Farao Seti I slaagde er pas weer in het verloren grondgebied terug te win nen. Deze Seti bezette onder andere Gali- lea en versloeg de Hetieten, die toen Egypte's gevaarlijkste vijanden waren. Koning Ramses II, de „Grote Ramses' die de befaamde tempel van Aboe Simvel in Nubië bouwde, zette zijn werk voort en vooral in Syrië bleef jaar in jaar uit de strijd om de macht doorwoeden. Maar met de regering van Ramses bereikten weelde, luxe en overdaad in Egypte een hoogtepunt zoals nimmer was geëvenaard. Die tijd doet zeer sterk denken aan onze hoogconjunctuur van nü. De in Azië buit gemaakte rijkdommen waren gemeengoed geworden, het leven daarvóór er sober bij leek! TIJDENS DE REGERING van de latere farao Ramses III hadden er grote volks verhuizingen plaats in Azië. Dit was de zogenaamde Indo-Germaanse Volksverhui- De op Syrische vestingmoneven ge- inspireerde tempelpoort van Medinet- Aboe bij Thebe Luxor eeuwenoude havenstad, het voor Westerse A o T*votii.'tan rtmr gevoelens ontoegankelijke, maar voortle- van Azie. Die waren niet t vpnrip verleden, de onherberezaamheid niemand. TUSSEN DE ACHTSTE en de zevende eeuw werd het zwaartepunt verlegd. In Azië kreeg men toen ijzeren wapens, de „kernwapenen" van die tijd. De aanvallen op Egypte waren succesvol voor de Azia ten. Van 664-525 slaagden de Egyptenaren er weer in Azië te bezetten, maar dat was de laatste keer. De Perzen maakten een einde aan de macht van Egypte. Maar één relatie bleef bestaan: de vende verleden, de onherbergzaamheid van het berglandschap een wereld waarin dood en leven onscheidbaar sa mengaan. Maar van een „reisherinnering" in de toeristische betekenis is geen sprake. DE NOVELLE IS RIJK, overrijk haast, aan motieven, die verbindingen aangaan langs irrationele wegen: een toevallige ontmoeting na dertig jaar van twee sn gemeengoed Maar een relatie u maal- schoolvrienden, de vrouw van één hunner, Men leefde zo weelderig, dat Egyptische c,de stad, de haven, de felle zonnegloed, da van de allergrootste farao's paar kleinere staatjes (het waren stad staten!) hadden zich aaneengesloten en deden ongehinderd wat ze wilden, daar er in die tijd geen Egyptische soldaat te zien was en men vertrouwde op de trouw van die staten. Natuurlijk volkomen ten on rechte, want niemand wenst tribuut te be talen als er geen toezicht is. Toen er een nieuwe farao op de troon kwam (de echt genoot van de koningin Hatsjepsoet) die een ware krachtfiguur bleek, besloot men in Azië alles op alles te zetten om een nieuwe Egyptische bezetting te ontgaan. Alleen zuidelijk Palestina bleef trouw aan Egypte. De stad Sahoeren, die daar de belang rijkste was. had eenmaal aan den lijve on dervonden wat een straf van een verbol gen farao betekende, en hield zich dus af zijdig. Met zijn leger, dat na een zeer lange vredesperiode in een verre van per fecte toestand was, trok farao Toetmoses naar het noorden naar de stad Gaza, die op de zuidelijke helling van het Karmel- gebergte lag. Het was voor die tijd een zeer grote stad, met 25000 inwoners. De koning van Kadesj de aanvoerder van het vijandelijk leger bevond zich op alle belangrijke landen en onbekende die ren, waarop men zich de ogen uitkeek, zogenaamde Indo-Germaanse voiKsvernui- v. z°ng die door niemand te stuiten was, ook veroverden-om te kunnqn nemen, de Sy Zlllg, U r -p. ridpc tmrnuprHpn nm zien t.P kunnGn VGStl niet door een zeer machtige farao. De gbedgewapende nieuwe volkeren trokken op, met grote schepen over zee en met ossenkarren over land en drongen alle andere volkeren voor zich uit. In golf na golf overspoelden ze Syrië en nu waren ze de grenzen van Egypte genaderd. Ramses had er zich op voorbereid. Hij leverde een slag in Syrië en een grote zeeslag bij Fe- nicië, leverde klop met de Libiërs en ver sloeg die zeer afdoende. Het leek of er weer gunstige tijden voor Egypte aanbraken. Maar hoewel niemand het wist, tóch was dit het begin van het einde voor twee gro te rijken, dat van de Hetieten en Egypte. Maar niemand kan de toekomst voorzien en wat wist men in het Midden Oosten en Egypte van volksverhuizingen in het hart de stad, de haven, de felle zonnegloed, da woeste eenzaamheid van de bergen, een op het marktplein van Dubrovnik opge voerd volksspel, een gemiste toenadering tussen Leo's vrouw Martha en zijn vriend Dolf, een crucifix, bij bijgelovige boeren gevonden als beeld van verlossing en doem, de plotselinge dood van Martha, "ei „epee etade» deze ineeesetake- gen. Een Egyptenaar kon zich „temer J,™ "ftef SS thuis voelen in den vreemde, hij bleet wie schappij in Syrië en een Syrische invloed in Egypte. Deze invloeden kwamen tot stand wanneer een van beide tijdelijk de baas was en ze gingen heel diep. Men nam woorden, zeden en gewoonten, mode en zelfs goden over. Er waren echter twee essentiële verschillen. De Egyptenaren hij was. De Syriër kon het wel en kan dat vandaag de dag nóg. Dat zien we aan de Syriërs. die zich overal ter wereld vesti gen en handhaven en er zich thuis voelen, tot in Amerika toe. DRIE JAAR LANG is Syrië nu een pro vincie van de Verenigde Arabische Repu bliek geweest. l'Histoire se repète tot in de oneindigheid. Syrië is nu weer eigen baas. Het is interessant er over te peinzen wanneer de rollen weer omgedraaid zul len worden, en wéér en wéér. Het is de eeuwige strijd tussen Azië en Afrika. Bob Tadema-Sporry het ander, en men zou niet weten te zeg gen wat in dit mysterieus samenspel van heilzaam-onheilzame krachten het hoofd motief is, nóg minder óf er hier inderdaad van een samenspel sprake is, dan wel dat de coïncidentie van verschillende voorval len louter toeval is. Aan de lezer om dit naar eigen aard en opvatting te interpre teren, al ben ik ervan overtuigd dat in het creatieve verbeeldingsleven van Stro man het onzienlijke van bepaalde verban den wezenlijker is dan het zichtbare en verklaarbare. „Romantische vertelling" van B. Stroman BEN STROMAN heeft zich in zijn werk steeds bewogen langs de raaklijnen van het leven en de dood, het reële en het buiten- of bovenreële, het zinvolle en het absurde, de illusie en de ontgoocheling. Zelfs zijn eerste boek, „De Stad", dit ca leidoscopische „beeld" van Rotterdam. was meer dan een knappe cineastische het vijandelijk leger - bevond zich_op mon(age meer d(m een aaneenschakeling de noordelijke hellingen van het Ka u(m verscujningen en verschijnselen, die gebergte en had de sterke steden Megid troosteloze, ontzielde leven van de en Yesreël ingenomen. Megiddo beheerste de weg naar de Eufraat en deze weg was nauw, steil en gevaarlijk. Niettemin viel Toetmoses aan langs deze weg tegen alle adviezen in en hij behaalde de overwin ning. Megiddo werd belegerd en werd al spoedig overgegeven door gebrek aan DE TREKKERS door de woestijnen brachten met hun karavanen niet alleen goederen, maar ook kennis en ideeën van het ene land naar het andere. Ze waren in de meest letterlijke zin de verbindende somskenamënSonorldoeg. fnv^ "n bezetting spoedig °vel|egeve" M^ddflflen van hek!, 7e onbepaalbaar heid van hei men- die taak over. De hele geschiedenis van voedsel. Die Slag om Megiddo is een seujk leven, de twijfelachtigheid van onze het Midden Oosten en Egypte is eigenlijk een eb- en vloedstroom geweest tussen beide landen. het troosteloze, ontzielde leven van de grote stad vullen, zonder het ooit te kun nen vervullen. Deze sfeer want in Stro mans oeuvre is de sfeer altijd van meer betekenis en van verdere strekking dan het „ogenschijnlijke" beeld keert in al zijn werken terug: het is de onbepaald- de klassieke Egyptische veldslagen ge bleken. Heel het lot van de toenmalige beschaafde wereld werd er door bepaald. De Egyptische expansiedrang, zeer be grijpelijk in een volk dat op zó klein ter rein als het Nijldal leven moest, begon reeds tussen 4000 en 3000 voor Christus. Reeds van die tijd dateert de Voor-Aziati sche invloed op Egypte. Er waren expedi ties naar het Sinaï-gebergte, waar rijke mijnen waren en uit Libanon kwamen via de haven Byblos, waarvan de ruïnes nu nog bij Beyroet te zien zijn, de befaamde ceders naar Egypte om er te dienen voor de bouw van tempels en dergelijke. Heel belangrijk wordt Syrië voor Egyp te tijdens de regering van de koningen van 'het Nieuwe Rijk (ongeveer 1610-715 v. Chr.). Dit Nieuwe Rijk geldt als de „klassieke periode" van het oude Egypte en de grootste bloei van de beschaving valt in deze tijd. Onder de farao's, die toen op de troon zetelden, waren echte reuzen als Toetmoses III en de befaamde koningin Hatsjepsoet (dit regeerde als koning, dus als een man) en de ketter- koning Ichnaton. KONING TOETMOSES III was het, die optrok naar het noorden, waar de Aziaten voor de zoveelste maal tegen het Egyp- selijk leven, de twijfelachtigheid van onze zekerheden, de vreemde en veelal hante rende gewaarwording dat er in het dage- lijks-reële leven machten meespelen die werkelijker zijn dan de zogenaamde wer kelijkheid en waarvan het beperkte waar nemingsvermogen van de mens noch de herkomst, noch de draagwijdte kan be vroeden. Stroman bevindt zich dus in een Ben Stroman komt, allerminst een gevoel van levens vijandigheid, veeleer het besef van een on herroepelijke breuk tussen levenswerke lijkheid en levensgeluk, tussen gespleten heid en eenheidsverlangen. IN ZIJN ONLANGS BIJ Moussault's Uitgeverij verschenen en in opdracht van de regering geschreven novelle „De ge vloekte Verlosser" komt de kern van Stro mans schrijverschap als uitdrukking van een onherstelbaar versplinterde „levens harmonie" duidelijk genoeg aan het dag licht om deze merkwaardige compositie representatief te kunnen achten voor de afzonderlijke plaats die hij in onze littera tuur inneemt. Stroman heeft zich steeds van de diverse stromingen en groeperin gen afzijdig gehouden, geheel overeen komstig de aard van zijn werk, dat bij geen van de schoolse handboek-rubricerin gen kan worden ondergebracht. Het „bui- ten-reële" van zijn verhalen mag met sommige facetten van het surrealisme een en ander gemeen hebben, een „surrea list" is hij daarom nog niet. Misschien benadert men zijn figuur het dichtst door TOEN TOETMOSES III in een triomf tocht bij zijn inkomst in het eigen land de buit toonde bleek deze te bestaan uit 425 pond goud en zilver en onnoemelijk vgel Broeden. Stroman bevindt zich dus in een hem In "verbanT te brengen "met het zes- andere schatten. De grote Amontempel in domein waarin hij met zijn intuïtie teit, -een ongewoon samengaan van be; e_eeuwse maniëriSme, waarin het Karnak, die het leeuwenaandeel van deze ,g dan fantasie _aan wust-zijn en heimelijk weten van „iets £f^kfvan een naar allé zijden diver- schatten ontving (de Amon-religie was in essentiëje ervaringen raakt die zich buitentijdelijks dat zich in het aardse le- aan elke verstandelijke verklaring ont- ven mengt, onnaspeurlijk, maar alom- trekken Zijn verhalen romans en no- tegenwoordig. Tussen hetgeen gebeurt vellen spelen zich dan ook zonder uit- schreef ik toen en hetgeen de schijn zondering af op meer dan één plan en heeft van te gebeuren, tussen wat in men- door zijn suggestieve schrijfkracht weet selijke daden en woorden aan de dag VERGIS IK MIJ NIET dan is er in dit wat stroef beginnende, maar zich na enke le bladzijden van de materie losmakende verhaal één hoofdthema, op grond waar van men „De gevloekte Verlosser" als een parabolische variant op het paradijsver- haal en de zondeval zou kunnen beschou wen. Geluk door een onbezwaard en vol strekt één-zijn van de beide polen der schepping, van het mannelijke en het vrouwelijke, is niet mogelijk meer nadat het zwaard heeft gevlamd en de poort van Eden is dichtgevallen. Men kan zich, zo als de Dolf-figuur uit deze novelle, door het leven vrijblijvend laten leven in de illusie van een menselijke toenadering, men kan zoals Leo de consequentie heb ben getrokken uit de menselijke onvervul baarheid en de barre eenzaamheid als on vermijdelijk aanvaarden, men kan als Martha een toevlucht zoeken in de ver troosting van het „arcadische landschap" of de onb.edreigdheid van het geluk ver beelden in een eeuwenoud volksspel, wat een verlossing zou kunnen zijn open baart zich (het aangrijpend beschreven beeld van de gekruisigde Christus, „de laatste kreet na een schreeuw om onver- dragelijke verlatenheid", staat daarvoor als een teken aan de wand) als een on ontkoombare doem. Het crucifix, heil en onheil brengend tegelijk volgens het (bij) geloof van de primitieve bergbevolking, heeft het zwaard nóg eens doen vlammen, de poort nóg eens doen dichtvallen: Mar tha sterft, Adam kan de weg naar Eva niet meer terugvinden. „Misschien", DUl_ schreef Kleist aan het slot van zijn „Ueber met das Marionettentheater", „misschien moe ten we opnieuw van de boom der kennis eten om in de staat van onschuld te kun nen terugvallen". Wie de diepste zin daar van begrijpt zal de novelle van Stroman lezen als de tragedie van de mens. zekere zin de staatsgodsdienst), bleek te klein om alle schatten te kunnen bevatten, en die tempel is zelfs naar onze maat staven iets ontzaglijks. Wij kunnen zoiets niet meer bouwen! Maar met Megiddo alleen was Toetmo ses niet tevreden. Hij moest ook de nog hij zijn lezers te betrekken in een betove rende wereld van stemmingen, vermoe ses niet levreaen. mj uiucai yenae werem vu,n aici/uiH/iypn', sterkere stad Kadesj veroveren, die de dens> verbondenheden, dreigingen en span j.-v A >riö KoVy ooretp TTif lil Tc nv\A+ nTLenntr iiori ÓJ OT) ÏT) (1.P T\P treedt en hetgeen innerlijk ervaren wordt kan in Stroman's levensgevoel geen schei tiende-eeuwse maniërisme, waarin het groteske van een naar alle zijden diver gerend levensgevoel kenmerkend voor de beklemmingen van een overgangstijd soms huiveringwekkende vormen aan nam, die zich herhaalden in de achttiende- eeuwse schrikromans, en in de novellen- kunst van de Romantiek van een Hoff- HET VERHAAL is in zijn verbonden heid van motieven, in zijn melodische overgangen, van een subtiliteit die in het kort bestek van een kroniek niet bena derd kan worden. Stroman moet men met de inspanning van alle zintuigen, maar toegangsweg naar Azië beheerste. Dit luk te hem ook en hij stootte door tot aan de Eufraat, waar hij een gedenksteen op richtte. Bovendien kon de farao hier nog aan verantwoorde vrijetijdsbesteding doen. Hij jaagde er op oliefanten! Er leefde toen nog een kudde van 120 stuks. Met de verovering van Kadesj had het een schei- mann, Tieck en Kleist een nieuw hoog n„t noon tenunt bereikten Inderdaad is er een ze- vooral niet de grootst mogelijke ontvanke- ziin Z°errkendat ™an alie zogenaamde kere verwantschap tussen de bovenzinne- lijkheid van zijn intuïtief vermogen lezen aan zijn werk, dat van alle z°9enaa tendensen van de romantische ver- en herlezen. Dan pas zal men, met voor- nnuan -mystiek vrij is, e fn, telkunst en het proza van Stroman, waar- bijzien aan een aantal in de litteratuur niét is, méér is dan wat schijnt en steldheid die hem soms doeinaderen t ik dan ook geneigd ben de ondertitel verstrikte zinswendingen die enkele pas- meer schijnt dan wat is. Enkele jaren ge- Franz Kafka, bij wie men naar m i van zj. Gevloekte Verlosser" „een ro- sages ontsieren, de „romantiek" van zijn leden, naar aanleiding van zijn roman tuiging evenmin na P- 3 oorrW uit te lee- vertelkunst verstaan in haar ware beteke ningen, die mét elkaar verijlen in de ne velige onzekerheid omtrent hetgeen is en niét is, méér is dan wat schijnt en „Overspeligen" trachtte ik de beklemmen de sensatie, die zijn werk teweeg brengt, samen te vatten en ik meende voor de Egyptische rijk een enorme expansie be- ongewoon-geladen tegenstellingen tussen reikt Cyprus was schatplichtig, evenals zijn nauwgezette zinsbouw en de half-on- vele andere eilanden in de Middellandse wezenlijke zijnswereld waarvan hij ver- 7pp T ihië betaalde tribuut in de vorm haalt een passende formule gevonden te van goede wijn. Het kosmopolitisme vier- hebben: die van een bedachtzame lucidi- sages ontsieren, de „romantiek" van zijn 2ZZie™mZUzoeken aUin ^Verhalen mantiéché vertelling" - eerder uit te leg- vertelkunst verstaan in haar ware beteke- van Ben Stroman Er was in sommige gen als een aanwijzing in de Romantische nis: die van een van zijn oorsprong ver- uan ziin boeten iets grimmigs, iets cy- richting dan als een toespeling op een fan- vreemde en meer en meer in zijn kunst- nisch en wrangs al wist hij in een ver- tasieverhaal over geromantiseerde vakan- matige wereld verzinkende mens, die niet telling als „De karpervijver" het satiri- tiebelevenissen. Het zal wel zo zijn dat vergeten kan, eens van het paradijs te sche op de luchtigste (en dus verrader- een verblijf in het Joegoslavische Dubrov- hebben gedroomd. lijkste") wijze te bespelen. Maar de oor- nik Stroman heeft geïnspireerd door de inaux sprong daarvan is, naar het mij voor- haast ongenaakbare beslotenheid van deze UltUlUX l

Krantenviewer Noord-Hollands Archief

IJmuider Courant | 1961 | | pagina 13