toegevoegd aan alle edities van
blad/Oprechte Haarlemsche Courant
en IJ minder Courant
LITTERAIRE KANTTEKENINGEN
aPsMPi
SYRIë HEEFT WEER het heft in handen genomen. Het
maakt geen deel meer uit van de Verenigde Arabische
Republiek en het zendt alle Egyptenaren, die op een of
andere wijze bij de regering van deze „Noordelijke
Provincie" betrokken waren, terug naar het eigen va
derland. En wij denken, dat zich weer een stukje mo
derne politiek heeft afgespeeld! Dit is echter de zo
veelste keer dat Syrië zich heeft losgemaakt van Egyp
te, ditmaal naar het zich laat aanzien op zeer onbloe
dige wijze dank zij een verstandige politiek; maar an
dere keren gebeurde dit na verschrikkelijke strijd.
-
A
Eb- en vloedstromen in de eeuwige
worsteling tussen Egypte en Syrië
WE MOETEN BEGINNEN met de
ligging van Syrië en Egypte eens nader
te bezien, want in zekere zin is die de
oorzaak van alles. Syrië ligt in Azië en
heeft een Aziatische, dus dynamische be
volking. Egypte ligt in Afrika en bezit
een in wezen zeer zachtzinnige en wei
nig oorlogszuchtige bevolking. Tussen
Azië en Afrika strekt zich een landstreek
uit van geweldige woestijnen, die van
de Sinai, van Arabië en één langs de
Rode Zee. In zekere zin is deze land
streek een soort scharnier tussen twee
reusachtige continenten. Ten noorden
ervan ligt de zogenaamde „Vruchtbare
Halvemaan", die Palestina, Syrië en Irak
omvat. Ten zuiden ligt de Nijlvallei, een
duizenden kilometers lange oase aan
weerszijden van een rivier, ingesloten
door nog grotere woestijnen. De „Halve
maan" heeft altijd import van doortrek
kende of optrekkende volken gehad,
Egypte bleef door de zeer geïsoleerde
ligging daar van verstoken, zodat het
Egyptische volk van nu in samenstelling
niet zo heel erg veel verschilt van dat
van vroeger. Wie antieke Egyptische
beelden vergelijkt met de moderne mens
uit dat land vindt het oude type zeer
zuiver bewaard terug. Een figuur als
president Nasser heeft een antiek Egyp
tisch uiterlijk. Vooral zijn krachtige neus
is terug te vinden op diverse farao-
portretten.
TUSSEN DE TWEE landen Syrië en
Egypte bestond geen onmiddellijk contact,
maar wel was er altijd een sterke drang
van weerszijden om dat contact te leggen.
Beide landen bezaten een zeer hoogstaan
de en ontzaglijk ontwikkelde beschaving.
En zij, die deze beschaving uitwisselden
waren de woestijnbewoners, de zwerven
de nomaden, die van het ene land naar
het andere trokken met hun kuddes. Overi
gens waren die woestijnen, met name de
Negev-woestijn, toen heel wat minder dor
en droog dan nu, zoals door moderne on
derzoekingen is gebleken. Plannen om de
Negev-woestijn weer vruchtbaar te maken
werden reeds duizenden eeuwen geleden
met succes uitgevoerd. Het is wel eens
goed dit te beseffen.
BEIDE LANDEN, zowel Syrië als
Egypte, waren rijk aan verschillende ex
portartikelen. Syrië beschikte over goed
hout, over koper, zilver, ijzer, halfedel
stenen en veel ruwe grondstoffen. Egypte
bezat die niet, maar had de beschikking
over de kostbare produkten van Afrika:
goud in ontzaglijke, bijna onvoorstelbare
massa's, prachtige steensoorten, ivoor,
dierenhuiden en harsen. Bovendien waren
de levensomstandigheden in het agrarisch
Egypte dusdanig aangenaam, dat ze voor
de woestijnbewoners wel zeer aantrekke
lijk waren, reden waarom duizenden jaren
lang die zogenaamde „zandbewoners" in
val na inval over de Egyptische grenzen
pleegden om zich daar te kunnen vestigen.
Soms lukte dat wel, soms niet, dat hing
van de meerdere of mindere kracht van
de Egyptische regering af.
EGYPTISCH-SYRISCHE BETREKKINGEN, 1355 VOOR CHRISTUS
Een oud-Egyptische karikatuur, die op zeer geestige en spitse wijze de
toestand karakteriseert. Een Syriër, die naar zijn kleding en manier van doen
te oordelen graag Egyptisch, dus >,ipgdern" tpil doen, zit op e,en elegant
Egyptisch klapstoeltje, dat bedekt is met een pantervel uit de Soedan, dus
erg kostbaar. Via een enorme en hoogst burgerlijke zuigbuis drinkt hij zijn
wijn zó uit de kruik, daarbij geassisteerd door een Egyptische dienaar met
een uiterst slim muizesnoetje. Ten overvloede houdt deze dienaar in de
linkerhand nog een beker wijn klaar. De Egyptische „dame" die naar we
vrezen niet zo fatsoenlijk is als ze behoorde te zijn.ziet bij één en ander
toe. Voor de veiligheid is bij deze antieke barscène ook gezorgd. Achter de
Syriër, met zijn voor de Egyptenaren weinig modieuze, om niet te zeggen
barbaarse baard, staat de zware speer voor het grijpen!
tisch bewind in opstand waren gekomen, de hoogtij in Egypte. In de hoofdstad The-
De vorsten van Syrië, Libanon en nog een be ontmoette men de ambassadeurs van
1 -1 fLftl n.nvon eforl Tl r, rtnil lr O lonHon Ph fVnHpkPnHp H 1 P-
liepen rond in de toenmalige „Artissen",
die groot en weelderig en zeer goed ge
outilleerd waren!
DE REGERING van Ichnaton (Amen-
hotep IV) bracht voor Egypte niets dan
ellende en achteruitgang en verlies van de
koloniën. Farao Seti I slaagde er pas weer
in het verloren grondgebied terug te win
nen. Deze Seti bezette onder andere Gali-
lea en versloeg de Hetieten, die toen
Egypte's gevaarlijkste vijanden waren.
Koning Ramses II, de „Grote Ramses'
die de befaamde tempel van Aboe Simvel
in Nubië bouwde, zette zijn werk voort en
vooral in Syrië bleef jaar in jaar uit de
strijd om de macht doorwoeden. Maar
met de regering van Ramses bereikten
weelde, luxe en overdaad in Egypte een
hoogtepunt zoals nimmer was geëvenaard.
Die tijd doet zeer sterk denken aan onze
hoogconjunctuur van nü. De in Azië buit
gemaakte rijkdommen waren gemeengoed
geworden,
het leven
daarvóór er sober bij leek!
TIJDENS DE REGERING van de latere
farao Ramses III hadden er grote volks
verhuizingen plaats in Azië. Dit was de
zogenaamde Indo-Germaanse Volksverhui-
De op Syrische vestingmoneven ge-
inspireerde tempelpoort van Medinet-
Aboe bij Thebe Luxor
eeuwenoude havenstad, het voor Westerse
A o T*votii.'tan rtmr gevoelens ontoegankelijke, maar voortle-
van Azie. Die waren niet t vpnrip verleden, de onherberezaamheid
niemand.
TUSSEN DE ACHTSTE en de zevende
eeuw werd het zwaartepunt verlegd. In
Azië kreeg men toen ijzeren wapens, de
„kernwapenen" van die tijd. De aanvallen
op Egypte waren succesvol voor de Azia
ten. Van 664-525 slaagden de Egyptenaren
er weer in Azië te bezetten, maar dat
was de laatste keer. De Perzen maakten
een einde aan de macht van Egypte.
Maar één relatie bleef bestaan: de
vende verleden, de onherbergzaamheid
van het berglandschap een wereld
waarin dood en leven onscheidbaar sa
mengaan. Maar van een „reisherinnering"
in de toeristische betekenis is geen sprake.
DE NOVELLE IS RIJK, overrijk haast,
aan motieven, die verbindingen aangaan
langs irrationele wegen: een toevallige
ontmoeting na dertig jaar van twee
sn gemeengoed Maar een relatie u maal- schoolvrienden, de vrouw van één hunner,
Men leefde zo weelderig, dat Egyptische c,de stad, de haven, de felle zonnegloed, da
van de allergrootste farao's
paar kleinere staatjes (het waren stad
staten!) hadden zich aaneengesloten en
deden ongehinderd wat ze wilden, daar er
in die tijd geen Egyptische soldaat te zien
was en men vertrouwde op de trouw van
die staten. Natuurlijk volkomen ten on
rechte, want niemand wenst tribuut te be
talen als er geen toezicht is. Toen er een
nieuwe farao op de troon kwam (de echt
genoot van de koningin Hatsjepsoet) die
een ware krachtfiguur bleek, besloot men
in Azië alles op alles te zetten om een
nieuwe Egyptische bezetting te ontgaan.
Alleen zuidelijk Palestina bleef trouw aan
Egypte.
De stad Sahoeren, die daar de belang
rijkste was. had eenmaal aan den lijve on
dervonden wat een straf van een verbol
gen farao betekende, en hield zich dus af
zijdig. Met zijn leger, dat na een zeer
lange vredesperiode in een verre van per
fecte toestand was, trok farao Toetmoses
naar het noorden naar de stad Gaza, die
op de zuidelijke helling van het Karmel-
gebergte lag. Het was voor die tijd een
zeer grote stad, met 25000 inwoners. De
koning van Kadesj de aanvoerder van
het vijandelijk leger bevond zich op
alle belangrijke landen en onbekende die
ren, waarop men zich de ogen uitkeek,
zogenaamde Indo-Germaanse voiKsvernui- v.
z°ng die door niemand te stuiten was, ook veroverden-om te kunnqn nemen, de Sy
Zlllg, U r -p. ridpc tmrnuprHpn nm zien t.P kunnGn VGStl
niet door een zeer machtige farao. De
gbedgewapende nieuwe volkeren trokken
op, met grote schepen over zee en met
ossenkarren over land en drongen alle
andere volkeren voor zich uit. In golf na
golf overspoelden ze Syrië en nu waren ze
de grenzen van Egypte genaderd. Ramses
had er zich op voorbereid. Hij leverde een
slag in Syrië en een grote zeeslag bij Fe-
nicië, leverde klop met de Libiërs en ver
sloeg die zeer afdoende. Het leek of er weer
gunstige tijden voor Egypte aanbraken.
Maar hoewel niemand het wist, tóch was
dit het begin van het einde voor twee gro
te rijken, dat van de Hetieten en Egypte.
Maar niemand kan de toekomst voorzien
en wat wist men in het Midden Oosten en
Egypte van volksverhuizingen in het hart
de stad, de haven, de felle zonnegloed, da
woeste eenzaamheid van de bergen, een
op het marktplein van Dubrovnik opge
voerd volksspel, een gemiste toenadering
tussen Leo's vrouw Martha en zijn vriend
Dolf, een crucifix, bij bijgelovige boeren
gevonden als beeld van verlossing en
doem, de plotselinge dood van Martha,
"ei „epee etade» deze ineeesetake-
gen. Een Egyptenaar kon zich „temer J,™ "ftef SS
thuis voelen in den vreemde, hij bleet wie
schappij in Syrië en een Syrische invloed
in Egypte. Deze invloeden kwamen tot
stand wanneer een van beide tijdelijk de
baas was en ze gingen heel diep. Men
nam woorden, zeden en gewoonten, mode
en zelfs goden over. Er waren echter twee
essentiële verschillen. De Egyptenaren
hij was. De Syriër kon het wel en kan dat
vandaag de dag nóg. Dat zien we aan de
Syriërs. die zich overal ter wereld vesti
gen en handhaven en er zich thuis voelen,
tot in Amerika toe.
DRIE JAAR LANG is Syrië nu een pro
vincie van de Verenigde Arabische Repu
bliek geweest. l'Histoire se repète tot in
de oneindigheid. Syrië is nu weer eigen
baas. Het is interessant er over te peinzen
wanneer de rollen weer omgedraaid zul
len worden, en wéér en wéér. Het is de
eeuwige strijd tussen Azië en Afrika.
Bob Tadema-Sporry
het ander, en men zou niet weten te zeg
gen wat in dit mysterieus samenspel van
heilzaam-onheilzame krachten het hoofd
motief is, nóg minder óf er hier inderdaad
van een samenspel sprake is, dan wel dat
de coïncidentie van verschillende voorval
len louter toeval is. Aan de lezer om dit
naar eigen aard en opvatting te interpre
teren, al ben ik ervan overtuigd dat in
het creatieve verbeeldingsleven van Stro
man het onzienlijke van bepaalde verban
den wezenlijker is dan het zichtbare en
verklaarbare.
„Romantische vertelling" van B. Stroman
BEN STROMAN heeft zich in zijn werk
steeds bewogen langs de raaklijnen van
het leven en de dood, het reële en het
buiten- of bovenreële, het zinvolle en het
absurde, de illusie en de ontgoocheling.
Zelfs zijn eerste boek, „De Stad", dit ca
leidoscopische „beeld" van Rotterdam.
was meer dan een knappe cineastische
het vijandelijk leger - bevond zich_op mon(age meer d(m een aaneenschakeling
de noordelijke hellingen van het Ka u(m verscujningen en verschijnselen, die
gebergte en had de sterke steden Megid troosteloze, ontzielde leven van de
en Yesreël ingenomen. Megiddo beheerste
de weg naar de Eufraat en deze weg was
nauw, steil en gevaarlijk. Niettemin viel
Toetmoses aan langs deze weg tegen alle
adviezen in en hij behaalde de overwin
ning. Megiddo werd belegerd en werd al
spoedig overgegeven door gebrek aan
DE TREKKERS door de woestijnen
brachten met hun karavanen niet alleen
goederen, maar ook kennis en ideeën van
het ene land naar het andere. Ze waren
in de meest letterlijke zin de verbindende
somskenamënSonorldoeg. fnv^ "n bezetting spoedig °vel|egeve" M^ddflflen van hek!, 7e onbepaalbaar heid van hei men-
die taak over. De hele geschiedenis van voedsel. Die Slag om Megiddo is een seujk leven, de twijfelachtigheid van onze
het Midden Oosten en Egypte is eigenlijk
een eb- en vloedstroom geweest tussen
beide landen.
het troosteloze, ontzielde leven van de
grote stad vullen, zonder het ooit te kun
nen vervullen. Deze sfeer want in Stro
mans oeuvre is de sfeer altijd van meer
betekenis en van verdere strekking dan
het „ogenschijnlijke" beeld keert in al
zijn werken terug: het is de onbepaald-
de klassieke Egyptische veldslagen ge
bleken. Heel het lot van de toenmalige
beschaafde wereld werd er door bepaald.
De Egyptische expansiedrang, zeer be
grijpelijk in een volk dat op zó klein ter
rein als het Nijldal leven moest, begon
reeds tussen 4000 en 3000 voor Christus.
Reeds van die tijd dateert de Voor-Aziati
sche invloed op Egypte. Er waren expedi
ties naar het Sinaï-gebergte, waar rijke
mijnen waren en uit Libanon kwamen via
de haven Byblos, waarvan de ruïnes nu
nog bij Beyroet te zien zijn, de befaamde
ceders naar Egypte om er te dienen voor
de bouw van tempels en dergelijke.
Heel belangrijk wordt Syrië voor Egyp
te tijdens de regering van de koningen
van 'het Nieuwe Rijk (ongeveer 1610-715
v. Chr.). Dit Nieuwe Rijk geldt als de
„klassieke periode" van het oude Egypte
en de grootste bloei van de beschaving
valt in deze tijd. Onder de farao's, die
toen op de troon zetelden, waren echte
reuzen als Toetmoses III en de befaamde
koningin Hatsjepsoet (dit regeerde als
koning, dus als een man) en de ketter-
koning Ichnaton.
KONING TOETMOSES III was het, die
optrok naar het noorden, waar de Aziaten
voor de zoveelste maal tegen het Egyp-
selijk leven, de twijfelachtigheid van onze
zekerheden, de vreemde en veelal hante
rende gewaarwording dat er in het dage-
lijks-reële leven machten meespelen die
werkelijker zijn dan de zogenaamde wer
kelijkheid en waarvan het beperkte waar
nemingsvermogen van de mens noch de
herkomst, noch de draagwijdte kan be
vroeden. Stroman bevindt zich dus in een
Ben Stroman
komt, allerminst een gevoel van levens
vijandigheid, veeleer het besef van een on
herroepelijke breuk tussen levenswerke
lijkheid en levensgeluk, tussen gespleten
heid en eenheidsverlangen.
IN ZIJN ONLANGS BIJ Moussault's
Uitgeverij verschenen en in opdracht van
de regering geschreven novelle „De ge
vloekte Verlosser" komt de kern van Stro
mans schrijverschap als uitdrukking van
een onherstelbaar versplinterde „levens
harmonie" duidelijk genoeg aan het dag
licht om deze merkwaardige compositie
representatief te kunnen achten voor de
afzonderlijke plaats die hij in onze littera
tuur inneemt. Stroman heeft zich steeds
van de diverse stromingen en groeperin
gen afzijdig gehouden, geheel overeen
komstig de aard van zijn werk, dat bij
geen van de schoolse handboek-rubricerin
gen kan worden ondergebracht. Het „bui-
ten-reële" van zijn verhalen mag met
sommige facetten van het surrealisme
een en ander gemeen hebben, een „surrea
list" is hij daarom nog niet. Misschien
benadert men zijn figuur het dichtst door
TOEN TOETMOSES III in een triomf
tocht bij zijn inkomst in het eigen land
de buit toonde bleek deze te bestaan uit
425 pond goud en zilver en onnoemelijk vgel Broeden. Stroman bevindt zich dus in een hem In "verbanT te brengen "met het zes-
andere schatten. De grote Amontempel in domein waarin hij met zijn intuïtie teit, -een ongewoon samengaan van be; e_eeuwse maniëriSme, waarin het
Karnak, die het leeuwenaandeel van deze ,g dan fantasie _aan wust-zijn en heimelijk weten van „iets £f^kfvan een naar allé zijden diver-
schatten ontving (de Amon-religie was in essentiëje ervaringen raakt die zich buitentijdelijks dat zich in het aardse le-
aan elke verstandelijke verklaring ont- ven mengt, onnaspeurlijk, maar alom-
trekken Zijn verhalen romans en no- tegenwoordig. Tussen hetgeen gebeurt
vellen spelen zich dan ook zonder uit- schreef ik toen en hetgeen de schijn
zondering af op meer dan één plan en heeft van te gebeuren, tussen wat in men-
door zijn suggestieve schrijfkracht weet selijke daden en woorden aan de dag
VERGIS IK MIJ NIET dan is er in dit
wat stroef beginnende, maar zich na enke
le bladzijden van de materie losmakende
verhaal één hoofdthema, op grond waar
van men „De gevloekte Verlosser" als een
parabolische variant op het paradijsver-
haal en de zondeval zou kunnen beschou
wen. Geluk door een onbezwaard en vol
strekt één-zijn van de beide polen der
schepping, van het mannelijke en het
vrouwelijke, is niet mogelijk meer nadat
het zwaard heeft gevlamd en de poort van
Eden is dichtgevallen. Men kan zich, zo
als de Dolf-figuur uit deze novelle, door
het leven vrijblijvend laten leven in de
illusie van een menselijke toenadering,
men kan zoals Leo de consequentie heb
ben getrokken uit de menselijke onvervul
baarheid en de barre eenzaamheid als on
vermijdelijk aanvaarden, men kan als
Martha een toevlucht zoeken in de ver
troosting van het „arcadische landschap"
of de onb.edreigdheid van het geluk ver
beelden in een eeuwenoud volksspel,
wat een verlossing zou kunnen zijn open
baart zich (het aangrijpend beschreven
beeld van de gekruisigde Christus, „de
laatste kreet na een schreeuw om onver-
dragelijke verlatenheid", staat daarvoor
als een teken aan de wand) als een on
ontkoombare doem. Het crucifix, heil en
onheil brengend tegelijk volgens het (bij)
geloof van de primitieve bergbevolking,
heeft het zwaard nóg eens doen vlammen,
de poort nóg eens doen dichtvallen: Mar
tha sterft, Adam kan de weg naar Eva
niet meer terugvinden. „Misschien",
DUl_ schreef Kleist aan het slot van zijn „Ueber
met das Marionettentheater", „misschien moe
ten we opnieuw van de boom der kennis
eten om in de staat van onschuld te kun
nen terugvallen". Wie de diepste zin daar
van begrijpt zal de novelle van Stroman
lezen als de tragedie van de mens.
zekere zin de staatsgodsdienst), bleek te
klein om alle schatten te kunnen bevatten,
en die tempel is zelfs naar onze maat
staven iets ontzaglijks. Wij kunnen zoiets
niet meer bouwen!
Maar met Megiddo alleen was Toetmo
ses niet tevreden. Hij moest ook de nog
hij zijn lezers te betrekken in een betove
rende wereld van stemmingen, vermoe
ses niet levreaen. mj uiucai yenae werem vu,n aici/uiH/iypn',
sterkere stad Kadesj veroveren, die de dens> verbondenheden, dreigingen en span
j.-v A >riö KoVy ooretp TTif lil Tc nv\A+ nTLenntr iiori ÓJ OT) ÏT) (1.P T\P
treedt en hetgeen innerlijk ervaren wordt
kan in Stroman's levensgevoel geen schei
tiende-eeuwse maniërisme, waarin het
groteske van een naar alle zijden diver
gerend levensgevoel kenmerkend voor
de beklemmingen van een overgangstijd
soms huiveringwekkende vormen aan
nam, die zich herhaalden in de achttiende-
eeuwse schrikromans, en in de novellen-
kunst van de Romantiek van een Hoff-
HET VERHAAL is in zijn verbonden
heid van motieven, in zijn melodische
overgangen, van een subtiliteit die in het
kort bestek van een kroniek niet bena
derd kan worden. Stroman moet men met
de inspanning van alle zintuigen, maar
toegangsweg naar Azië beheerste. Dit luk
te hem ook en hij stootte door tot aan de
Eufraat, waar hij een gedenksteen op
richtte. Bovendien kon de farao hier nog
aan verantwoorde vrijetijdsbesteding doen.
Hij jaagde er op oliefanten! Er leefde toen
nog een kudde van 120 stuks.
Met de verovering van Kadesj had het
een schei- mann, Tieck en Kleist een nieuw hoog
n„t noon tenunt bereikten Inderdaad is er een ze- vooral niet de grootst mogelijke ontvanke-
ziin Z°errkendat ™an alie zogenaamde kere verwantschap tussen de bovenzinne- lijkheid van zijn intuïtief vermogen lezen
aan zijn werk, dat van alle z°9enaa tendensen van de romantische ver- en herlezen. Dan pas zal men, met voor-
nnuan -mystiek vrij is, e fn, telkunst en het proza van Stroman, waar- bijzien aan een aantal in de litteratuur
niét is, méér is dan wat schijnt en steldheid die hem soms doeinaderen t ik dan ook geneigd ben de ondertitel verstrikte zinswendingen die enkele pas-
meer schijnt dan wat is. Enkele jaren ge- Franz Kafka, bij wie men naar m i van zj. Gevloekte Verlosser" „een ro- sages ontsieren, de „romantiek" van zijn
leden, naar aanleiding van zijn roman tuiging evenmin na P- 3 oorrW uit te lee- vertelkunst verstaan in haar ware beteke
ningen, die mét elkaar verijlen in de ne
velige onzekerheid omtrent hetgeen is en
niét is, méér is dan wat schijnt en
„Overspeligen" trachtte ik de beklemmen
de sensatie, die zijn werk teweeg brengt,
samen te vatten en ik meende voor de
Egyptische rijk een enorme expansie be- ongewoon-geladen tegenstellingen tussen
reikt Cyprus was schatplichtig, evenals zijn nauwgezette zinsbouw en de half-on-
vele andere eilanden in de Middellandse wezenlijke zijnswereld waarvan hij ver-
7pp T ihië betaalde tribuut in de vorm haalt een passende formule gevonden te
van goede wijn. Het kosmopolitisme vier- hebben: die van een bedachtzame lucidi-
sages ontsieren, de „romantiek" van zijn
2ZZie™mZUzoeken aUin ^Verhalen mantiéché vertelling" - eerder uit te leg- vertelkunst verstaan in haar ware beteke-
van Ben Stroman Er was in sommige gen als een aanwijzing in de Romantische nis: die van een van zijn oorsprong ver-
uan ziin boeten iets grimmigs, iets cy- richting dan als een toespeling op een fan- vreemde en meer en meer in zijn kunst-
nisch en wrangs al wist hij in een ver- tasieverhaal over geromantiseerde vakan- matige wereld verzinkende mens, die niet
telling als „De karpervijver" het satiri- tiebelevenissen. Het zal wel zo zijn dat vergeten kan, eens van het paradijs te
sche op de luchtigste (en dus verrader- een verblijf in het Joegoslavische Dubrov- hebben gedroomd.
lijkste") wijze te bespelen. Maar de oor- nik Stroman heeft geïnspireerd door de inaux
sprong daarvan is, naar het mij voor- haast ongenaakbare beslotenheid van deze UltUlUX
l