In het duister van de oude mijn Het öeheim van de vuurtoren Australia's verre binnenlanden verbergen grote rijkdommen Schatten aan edelstenen wachten op ontdekking ISOLEMENT DOET AERONAUT ALLE NORMBESEF VERLIEZEN PANDA EN DE DIENOMAAT Polle Ons vervolgverhaal DOOR ELIZABETH MORTON Opaalwinning levert reeds miljoenen op /'"Hoe is het ontstaan?^ mm i 03 WOENSDAG 8 NOVEMBER 1961 VERTAALD UIT HET ENGELS I 171 iéMïM - iSaffieren Kennis en geluk Dit woord AKKERMAALS HOUT BELANGWEKKEND EXPERIMENT I miiiiiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiji Ze hebben me in een val gelokt, E mompelde ze steeds maar weer, ter- ij wijl ze zó hard in haar onderlip beet, dat deze begon te bloeden. Haar tra- E nen waren reeds opgedroogd. Toen ze aan Peter dacht, kwam er een beklemmende leegte in haar. Al 5 haar verbittering concentreerde zich echter op zijn vader. §jf Ik had moeten begrijpen, dat hij een val voor mij had uitgezet, dacht ze Toen dwaalden haar gedachten af naar Timothy Corrion. Hij was van het begin af aan vóór het huwelijk geweest, hij had het zelfs als 't ware H geëntameerd. Zou hij soms ook in het E complot zitten? vroeg ze zich af. Tenslotte gingen haar gedachten weer terug naar Peter, naar zijn ver- E standige ogen en zijn warme glim- lach. Het scheen haar onmogelijk, dat hij haar met voorbedachten rade tot E een huwelijk had overgehaald, dat te- gen zijn zin was, maar waarmede hij |j zijn vader een plezier zou kunnen E doen. E Tenzij hij zo weinig ruggegraat heeft, dat hij alle wensen en verlan- gens van zijn vader inwilligt, mom- E pelde ze. E Ondanks alles moest ze toen even glimlachen. Sir Willans had tenslotte de kous op z'n kop gekregen. De motor van de wagen zoemde E regelmatig, terwijl zij het gaspedaal gedurig diep ingedrukt hield. Ze kon nu weer helder nadenken en ze be- E greep dan ook maar al te goed, dat de achtervolging ongetwijfeld reeds zou zijn ingezet. Het meest logische E was, dat zij naar Truro zou rijden. Bij E de eerste kruising sloeg zij dus rechts af, in de richting van St. Austell. Enkele uren lang reed zij verder in S oostelijke richting. Het was al don- E ker, toen zij de buitenwijken van Ply- 1 mouth bereikte. Jane zocht in de om- geving van het station naar een ga- E rage. E Ik zou de wagen hier graag Wil li len laten staan. Iemand anders komt hem wel ophalen, zei ze tot de be- E diende. Zoudt u soms zo vriende- lijk willen zijn om een berichtje te sturen naar Peter Willans, Morriloe E Court, Port Marriott en hem medede- len, dat de wagen hier staat? Ze gaf de man een bankbiljet en E greep het toiletkoffertje. Enkele ogen- blikken later kocht ze een kaartje H voor Londen. E Pas toen ze alleen in een derde E klasse compartiment zat en de trein H het station had verlaten, kon ze haar gedachten enigszins ordenen. Ze was H verbitterd en liet haar tranen de vrije E loop. Ze voelde zich eenzamer dan E ze ooit gedaan had sedert haar aan- komst in Engeland. Er scheen nie- E mand te zijn, die ze kon vertrouwen. E Corrion: hij had zo oprecht en eerlijk geleken; Peter: ze huiverde als ze aan hem dacht, alhoewel hij toch dui- 1 delijk genoeg had doen blijken, dat hij echt verliefd op haar was. Alleen John en Emily Pierce kon zij ver- trouwen, maar zij waren niet in staat om haar te helpen. Toen haar tranen opgedroogd wa ll ren, begon ze over meer materiële zaken na te denken. Ze moest een baantje zien te vinden. In Londen zou dat wellicht niet al te moeilijk zijn. Ze deed haar tasje open en telde haar geld. Slechts iets meer dan twintig S pond. Het was niet veel, maar ze zou er zich vermoedelijk wel mee kun- nen redden totdat zij iets gevonden Had. De cadans van de wielen maakte haar slaperig en ze sloot de ogen. Ze had hoofdpijn gekregen en ze voelde zich geestelijk uitgeput. De slaap Wil li de echter niet komen. Steeds maar J weer moest ze aan die afschuwelijke 1 scène in de studeerkamer van Mor- E riloe Court denken. Ze trachtte zich- zelf in te prenten, dat het haar eigen fout was geweest dat ze met Peter getrouwd was, dat ze in de val was i gelopen. Ze had geweten, dat ze niet i echt van hem hield en ze had moeten weigeren met hem te trouwen. Maar E diep in haar zei een stem, dat ze van het begin af van hem gehouden had en dat haar droefheid veroorzaakt werd door de wetenschap, dat zij hem nu verloren had. Gerammel aan de deur naar de corridor deed haar de ogen openen. Ze schoot overeind, toen ze Timothy Corrion naast zich zag staan. Hij 1 glimlachte terwijl hij de deur weer dicht schoof en tegenover haer ging zitten. Ik heb dus goed gegokt, zei hij. Peter is naar Truro gegaan, maar mij leek Plymouth beter. Ik dacht wel, dat je daar heen zou gaan om ons op een dwaalspoor te brengen. 5 Het heeft geen zin om me te vra- gen terug te gaan, zei Jane. E Hij maakte een afwerend gebaar 5 alsof hij wilde zeggen dat hij hele- maal de bedoeling niet had om haar daartoe over te halen. Ik heb er ^een notie van, waar- om je op zo'n vreemde manier bent e weggelopen, zei hij, maar dat gaat mij eigenlijk ook niets aan, hoe- E wel ik moet zeggen, dat 't me spijt. Ik wil je graag helpen, wat je ook van plan mag zijn. E Ik heb geen hulp nodig. Ja, dat heb je wel, Jane. Wat E denk je te doen als je in Londen bent? Heb je al plannen gemaakt? Heb je er al enige notie van, waar je E vanavond heen moet gaan? E Ik zal wel een baantje vinden. Dat zal gelukkig niet al te moei- e lijk zijn. Probeer 't eens bij een win- E kei. Glenns is waarschijnlijk 't beste. E Als je het prettig vindt wil ik wel 1= een goed woordje voor je doen. De directeur ken ik toevallig vrij goed. E Jane keek hem enigszins argwa- e nend aan en zei niets. Hij begon e enigszins zenuwachtig te lachen. e Je vertrouwt me nog niet, hè? E Nu, dat vind ik dan jammer, Jane. Maar als dat komt door de moeilijk- e heden, die je met Peter hebt gekre- E gen, moet je van mij aannemen dat E ik er geen flauw vermoeden van heb e waarover 't gaat. Ik ben er echter E zeker van, dat alles op een misvat- E ting berust. Ik ken Peter en ik weet, E hoe eerlijk hij is. Over zijn vader e durf ik niet hetzelfde te zeggen. e Peter wordt onder de duim ge- E houden door zijn vader. E Dat weet ik zo net nog niet, E maar je zou wel eens gelijk kunnen E hebben. Ik vind het echter momen- j| teel belangrijker om jou ervan te e overtuigen, dat je van mij niets te e vrezen hebt. Luister nu eens goed, E Jane. Ik ben jarenlang een vriend E van je grootvader geweest. Hij ver- trouwde mij en ik heb hem nooit in s de steek gelaten. Als je mij nu maar g zou willen vertrouwen zou je zien, dat ik ook tegenover jou even loyaal e ben. E Zijn woorden klonken zo oprecht, E dat Jarte haar aarzeling voelde ver- |j minderen. Er ging iets smekends van, e de kleine, kale man uit. Hij leek op e een kleine jongen, die om begrip E smeekte. Ze begon dan ook te lachen. |j Ik heb u al eerder vertrouwd, zei ze. E Ik heb je nog nooit in de steek E gelaten, zei hij ernstig. Eerlijk. Ja- ne, ik heb er nog steeds niet de flauw-r e ste notie van, waarom je bent wegge- |j lopen. Maar als je me 't niet wilt e vertellen, zal ik me daar bij neerleg- E gen. Ik ben weggegaan, omdat ik toe- e vallig Sir William iets tegen Peter e hoorde zeggen. Hij zuchtte. e Ik vermoedde al, dat Sir William e er iets mee te maken zou hebben. e Hij. hij feliciteerde Peter om- E dat die er in geslaagd was mij over te halen om met me te trouwen. Hij e zei dat hij zijn plannen nu kon uit- E voeren. Haar ogen vulden zich wederom met s tranen. E Thimothy Corrion begon nerveus te E kuchen. Nu moet je niet gaan huilen, Ja- E ne, zei hij nogal onhandig. Hij ging E naast haar zitten en haalde een keurig opgevouwen zakdoek uit het borstzak- e je van zijn colbertjasje te voorschijn E en duwde hem in Jane's handen. Hij keek toe, terwijl ze haar tranen droog- de. E Heb je soms ook gehoord, wat E Peter antwoordde?, vroeg hij nadat E hij weer tegenover haar was gaan zit- ten. Ik heb daar niet op gewacht. Ik E had al genoeg gehoord. Daar ben ik nog niet zo zeker 5 van, maar ach het heeft geen zin om e daar over te piekeren. Het is ver- E schrikkelijk jammer, dat 't zo is afge- E lopen, maar 't belangrijkste is nu on- derdak voor jou in Londen te vinden, e totdat je weer naar Marriott wilt te- E rugkeren. (Wordt vervolgd) ÏÏlllllllllllllllllllllinilllllllHllllinillllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllilllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllllliil 84-85. De jongens keken met grote ogen naar wat daar gebeurde bij het huisje van meneer Blok. „Allemensen.zie je dat? zei Dolf ver ontwaardigd. Die boeven hebben wapens! „En ze nemen meneer Blok gevangen! zei Ben. Wat zou dat toch allemaal te be tekenen hebben? Vreemd was het zeker. Nadat de vuur torenwachter vastgepakt was, kwamen er nog enkele mannen uit zijn huis. Ook die moesten hun handen in de hoogte steken en werden buiten bij elkaar gedreven. „Ik begrijp er niks van! zei Dolf. Wat willen ze toch van meneer Blok? En wie zijn die anderen, die bij hem waren? Ze keken tussen de helmplantjes door, maar zorgden wel, dat men hen niet kon zien. En zo zagen ze, hoe meneer Blok en de anderen door de vreemde mannen, onder aanvoering van Baardmans, weg gebracht warden. (Bijzondere medewerking) HET HUIDIGE AUSTRALISCHE landschap is, geologisch gezien, heel oud. Het is namelijk in de loop van vele honderdduizenden jaren slechts weinig ver anderd. Hevige vulkanische „gebergtevormende" krachten, die elders het ge zicht der aarde ingrijpend wijzigden, kwamen in Australië niet of nauwelijks in actie. De oeroude gesteenteformaties in de Australische binnenlanden bevatten vele soorten edelstenen en halfedelstenen. Sommige hebben reeds hun weg gevonden naar de juweliersbedrijven buiten Australië. Wat de geologen verbaast, is, dat er tot dusverre maar zo betrekkelijk weinige gevonden zijn. Zeker, „prospectors" hebben in diverse delen des lands opalen, diamanten, saffieren, smaragden, aga ten, jaspissen, amethijsten, topazen, robijnen, turkooizen en berillen aangetroffen, maar afgezien van opalen betrof het meestal zeer kleine vondsten. Grote delen van Australië werden echter tot nu toe slechts oppervlakkig of zelfs helemaal niet onderzocht op het voorkomen van kostbare stenen. Er moeten dan ook aldus het oordeel van deskundigen nog grote hoeveelheden edel stenen en halfedelstenen liggen te wachten op hun fortuinlijke ontdekkers! WAT OPAAL betreft is Australië reeds de grootste wereldproducent. Deze bij zonder fraaie edelstenen zijn de laatste jaren weer zeer sterk in trek gekomen. In 1960 bereikte de vraag naar Australische opalen een hoogtepunt. In de periode januariseptember van dat jaar beliep de waarde van de opaaluitvoer zes mil joen gulden. Japan nam daarvan het groot ste deel 62 percent af. De tweede en derde plaats kregen de Duitse Bondsrepu bliek en de Verenigde Staten, terwijl In- dia's aankopen van Australische opalen zich eveneens in stijgende lijn bewegen. Buiten Australië vindt men tegenwoordig alleen opalen in Hongarije (melkachtig van kleur), in Mexico (,,vuur"-opalen) en in de Verenigde Staten (Colorado en Arizona). In Australië komen zij hoofdzakelijk voor in het „dorre hart" Zuid-Wales en Zuid- Australië. Eens golfde boven die opaal akkers een ondiepe binnenzee. Thans zijn die streken dor en droog. Australië's beroemdste edelsteen is de zwarte opaal. In 1903 werd hij bij toeval voor het eerst gevonden bij Lightning Deze jonge Australische, Sylvia Whin- cup, geeft juweliers colleges over edel stenen. Hier hanteert zij een enorm stuk kristaaltopaas, gedolven in Nieuw-Zuid-W ales en thans eigen dom van het National Museum in Melbourne. to'77 ■>-, Het dorre zandgebied bij Lightning Ridge, vindplaats van vele dezer kost bare zwarte opalen. lijk bijna uitgeput. Tegenwoordig zijn de meeste opalen afkomstig van de vind plaatsen Coober Pedy en Andamooka in Zuid-Australië. Ook daar vindt men soms een zwarte opaal en voorts bijzonder grote „gewone" opalen. Een reuzenvondst 'was, een in ,1946 tef Andamooka gevonden steen, die (geslepen) 203 karaat woog. De gestegen vi?aag vah buitenlandse kopers heeft de opaalwinning nieuw leven inge blazen en tal van prospectors doen be sluiten om hun geluk te proberen op de bekende vindplaatsen en om nieuwe „akkers" te ontdekken. Een collectie Australische saffieren, welker kleuren varieren van blauw en goudgeel tot geelgroen, van de velden in Queensland en noordelijk Nieuw Zuid-Wales. Zij wegen van een half karaat tot 14'/1 karaat. Ridge in het westen van Nieuw-Zuid- Wales. Het werd in korte tijd een der meest begeerde stenen. De „opaaljagers" vonden bij Lightning Ridge naast veel kleingoed, ook enkele grote zwarte opalen. De drie vermaardste exemplaren zijn „Licht der Wereld", „Koningin Alexandra" en „Trots van Australië". Zij bevinden zich thans in particulier bezit buiten Australië. Jam mer genoeg zijn Lightning Ridge en een paar andere opaal-akkers thans vermoede- NA DE OPAAL is, economisch gezien, de saffier de belangrijkste Australische edelsteen. Saffieren vindt men thans voor namelijk in Anakie in de staat Queens land. Zij zijn blauw of goudkleurig. De beroemdste Australische saffier is de „Zwarte Ster van Queensland", een don kerblauwe steen van 1156 karaat, die door experts geschat wordt op circa 800.000. Wie zo'n steen vindt, heeft waarlijk geen reden tot klagen! De fluweelblauwe saf fier komt het meest voor in Australië. Zij is vooral in trek voor verlovingsringen. De meeste goudkleurige saffieren worden uitgevoerd, hoofdzakelijk naar de Ver enigde Staten, maar ook naar Ceylon. Dit is merkwaardig, want Ceylon is de groot ste saffierproducent ter wereld! Diamant komt in veel delen van Austra lië voor, doch in de regel in kleine hoe veelheden van niet al te beste kwaliteit. Voor sierstenen zijn de Australische dia manten slechts zelden geschikt, als in dustriediamant zijn zij echter zeer bruik baar. Tot 1958 was de diamantwinning eop ^neyenbedrijf van de goudwinning langs de Macquarie-rivier in Nieuw-Zuid- Wales. In 1958 zette men daar de goud- Winning stop, waardoor ook de produktie van diamant aanmerkelijk terugliep. De experts zijn van oordeel, dat Australië rijk is aan nog niet ontdekte! dia manten, voor industriële doeleinden. Het land moet echter thans nog veel diamant invoeren. Zirkonen (vaak geelrood of donkerrood van kleur) worden de laatste jaren in Oost-Australië gevonden. Zij kunnen ook als sierstenen dienst doen, al zijn zij min der hard dan diamant. Het is aan de vak kennis van Europese edelsteenslijpers te danken, die zich na de oorlog in Australië metterwoon vestigden, dat de „inheemse" edelstenen en halfedelstenen economisch nut gingen opleveren. Tegenwoordig kan men in de etalage van elke Australische juwelier prachtige juwelen bewonderen met robijnen, saffieren, agaten, jaspissen, opalen en smaragden „van eigen bodem". a Drie oorzaken zijn er voor het feit dat Australië nog niet voldoende heeft kun nen kapitaliseren op deze sluimerende bodenschatten: 1. De meeste prospectors beschikken niet over voldoende kennis van edelstenen en halfedelstenen om ze te kunnen her kennen in hun natuurlijke „ruwe" staat. 2. De opsporing is totnogtoe niet voldoen- doende systematisch ter hand genomen. 3. Het spreekwoordelijk „geluk", dat iede re zoeker naar bodemschatten nodig heeft, is tot nu toe slechts aan weinig propectors ten deel gevallen. Maar de tijd is niet ver meer dat hier in verandering ten goede zal komen, daarvoor zal de staat wel zorgdragen. Er zijn reeds diverse geologen aangetrokken om een grootscheepse exploratie van nieuwe wingebieden, ver in de afgele gen binnenlanden, voor te bereiden. Het is wel duidelijk dat deze samen stelling uit drie delen bestaat: akker, maal en hout. Het eerste en het derde deel leveren geen moeilijkheden op: een akker is een stuk bouwland en hout betekent hier struikgewas. Het woord maal is bekend uit andere samenstellingen als etmaal, maal tijd en allemaal. De grondbeteke nis van dit woord maal is: tijd, tijd stip (teken dat de tijd aanduidt) en /andaar: teken, vlek. Het Engelse mole betekent moedervlek. In het algemeen wordt maal dus gebruikt voor merk teken en meer in het bijzonder bezigt nen het voor: grens teken. In de Sak sische delen van ons land gaf laag kreupelhout de grens aan tussen de ak kers der dorpsbewoners. Dit was dus „akker-grensteken-hout" of akker maalshout. - Op een in te Utrecht gehouden studie congres over lucht- en ruimtevaart heeft prof. dr. P. M. van Wulfften Palthe, oud directeur van het Nationaal Luchtvaartge neeskundig Centrum te Soesterberg, enke le resultaten bekend gemaakt van een on derzoek dat is ingesteld naar het zoge naamde „isolatie-fenomeen". Wat gebeurt er als een mens een uur wordt opgeslo ten in een afgesloten, donkere ruimte, lig gend op een zachte ondergrond, en niet m staat, zich te bewegen? Hoe gedraagt het menselijk lichaam zich als van buitenaf geen licht- en geluidprikkels doordringen? Hoe reageert de mens als hij stukken ge fingeerde dialoog in een reeks klanken „die p Et 3. Hoewel Jolliepops ontvangst niet erg uitbundig was geweest, vond Panda het toch wel heerlijk om weer eens terug te zijn op Huize Hobbeldonk. Wat mooi, groot en gemakkelijk en geriefelijk allemaal! En wat een lekkere stoelen! Zo zat hij innig vergenoegd om zich heen te kijken, toen Jolliepop (na het vervullen van zijn droeve plicht met de scooter) binnentrad, gewapend met een dien blad, een fles en een glaasje. Panda keek er een beetje wantrouwend naar. „Nee, Jolliepop", zei hij, „dat be doel ik niet. Ik had toch om een kopje thee gevraagd?" „Sta mij toe", sprak Jolliepop, „ons er opmerkzaam op te maken dat theetijd reeds verstrekenis. Op dit uur wordt geen thee meer gebruikt, als ik zo vrij mag zijn het op te merken. Ik veroorloof mij, ons in herinne ring te brengen dat Jonkheer van Nehr tot Afgeblaesen om deze tijd zijn glaasje sherry placht te drinken, een gewoonte die stellig goedkeuring verdient. Inmiddels mag ik mij misschien verstouten, ons een meubelstukje aan te reiken dat dient tot het doel waarvoor wij mo menteel een tot armstoel bestemd stoeldeel aanwenden" Aldus zacht en beleefd sprekend, wist Jolliepop snel en bekwaam de gehele toestand volgens de regels der be tamelijkheid in te richten. de indruk van een vreemde taal maken", in deze omstandigheden hoort? Dit experimentele onderzoek waaraan ook prof. Van Wulfften Palthe en zijn echtgenote hebben deelgenomen, had in de eerste plaats ten doel, iets meer te we ten te komen over de toestand waarin een straaljagervlieger zonder zicht op aarde en op de horizon kan raken. Het is even wel ook van nut voor de bemande ruimte- vluchten. Uit het onderzoek is onder andere geble ken dat men het wel een poos zonder me demensen kan stellen maar niet te lang. „Gevoelens van onwezenlijkheid treden op, men weet niet meer waar men is, een half wakende half slapende mens heeft geen notie meer van de tijdsduur en maakt zich bij het horen van klanken die een vreemde taal suggereren, voorstellin gen die nergens op slaan. Men weet niet meer hoe het eigen lichaam op de zachte ondergrond ligt, of men de ogen open of dicht heeft en sommige der proefpersonen hadden het gevoel dat hun lichaamsde len óf vervormd waren, of helemaal ont braken". Hoewel de proefpersonen bij het schat ten van de duur van de proef onmiddel lijk na afloop allen tot een tijdsduur van twintig minuten kwamen (met uitzonde ring van een die veertig minuten de juis te duur noemde) sprak uit de spontaan ge schreven verslagen van de indrukken een gevoel van een eindeloos durende proef neming. Bij het vliegen heeft men, door het ont breken van vergelijkingsobjecten, geen indruk van de snelheid. Door de snelheid van straaljagers is b.v. het oog van de mens vaak niet meer in staat alle waar nemingen te doen welke voor die snel heid wenselijk zouden zijn. Zo acht prof. Wulfften Palthe het helemaal niet onmo gelijk dat de straaljagerbestuurder Zieg- ler, die enige maanden geleden in het Alpengebied tegen een kabel van een ka belbaan vloog, dit obstakel in het ge heel niet heeft kunnen zien, omdat zijn ogen hem daartoe niet in staat stelden. VOO O ^^CogyngM_P_Mj Bp, 6 16. „Je wordt hartelijk bedankt, Opa; als u nu naar huis gaat, wil je dan Zeerob helpen bij het eten of niets doen?!" „Haa!, nog meer planken, heerlijk hè Pingo?" „Hmm, ja, het is maar hoe je hel aanvoelt!" „Sjonge, Petje Houtmans is aldoor zo haastig, we hebben hem nog niet eens kunnen bedanken, dat mogen we wel niet vergeten, als hij straks terugkomt!" i

Krantenviewer Noord-Hollands Archief

IJmuider Courant | 1961 | | pagina 9