Tweede Kamer wil meer
weten over defensiebeleid
Hoogovens kreeg de prijs
voor het beste jaarverslag
Bijlmermeerdebat in de
Kamer vastgelopen
s
Moordzaak-Colombo is i-ond
I
OP EN OM HET BINNENHOF
Geen gedwongen
vakantiespreiding
bij het onderwijs
Frans-Tunesisch gesprek
onder geheimhouding
Alles blijft voorshands
bij het oude
Mr.Meijtien over medezeggenschap
Buurman met hooivork
doodgestoken
Landbouwers ontvangen
richtlijnen over handel
wijze bij kernoorlog
VRIJDAG 8 DECEMBER 1961
Minister Cals
HENRI SIJTHOFFPRIJS UITGEREIKT
Twaalf jaar geëist tegen
54-jarige landbouwer
Hoogleraar in de
wereldgezondheidszorg
WEEKABONNEMENTEN
Kerkelijk nieuws
f
f'-
(Van onze parlementaire redacteur)
Na de discussie over de zaak-Van der
Putten bepaalde de Tweede Kamer zich
weer tot het eigenlijke agendapunt: de be
groting van Defensie: Bij de verdediging
van zijn beleid erkende de minister, dat
Staatssecretaris De Jong (Marine) stel
de, dat een niet „verwapende" kruiser
zeker nog wel waarde heeft en geen drij
vende doodkist is. Over de bescherming van
de „Karei Doorman" behoeft geen onge
rustheid te bestaan. Bij het beleid zullen
duikboten en fregatten de voorrang heb
wij nog niet voor honderd percent aan on- ben. De bewindsman was geschrokken van
ze internationale verplichtingen in de opmerking van de heer Moorman over
NAVO kunnen voldoen. Evenwel is de een
heid van deze organisatie bestand geble
ken tegen Russische dreigementen. De vrij
heid van het westen moet gezamenlijk
worden verdedigd. De plannen voor de ja
ren na 1963, waarnaar de Kamer had geïn
formeerd, zullen geleidelijk uit de tegen
woordige moeten voortvloeien. Minister
Visser voelde niet voor een apart fonds
voor bepaalde vaste uitgaven, zoals de
heer Kieft (A.R.) had bepleit; dit zou niet
in het systeem van de begroting passen.
Over de werving van kort-verband-vrij-
willigers was de minister nog niet voldaan.
Verder beloofde hij onder meer een voort
durende strenge controle op materieel en
orders.
Bij de afzonderlijke bespreking van de
krijgsmachtdelen toonden de heren
Moorman (K.V.P.) en Ritmees
ter (V.V.D.) zich ongerust over de ma
rine. Eerstgenoemde bepleitte raketbewa
pening voor de beide kruisers en niet
slechts voor één. Hij vroeg de regering
met klem, haar beslissing hierover te her
zien. De heer Ritmeester meende dat er
nog te weinig voor de paraatheid op zee
was gedaan en legde de nadruk op het
belang van duikboten. De heer S c h o u
w e n a a r (P. v.d. A.), die ontevreden
was over het niet-beantwoorden van vele
vragen, informeerde onder meer naar
de zelfbeschermingsmogelijkheden van het
vliegkampschip „Karei Doorman". Wat het
leger betreft achtte hij het tempo van de
mechanisering te traag. De heer C o u z y
(V.V.D.) was ongerust over onze lucht
macht en meende dat wij ons eventueel
zwaardere offers moeten getroosten, niet
alleen voor dit onderdeel, maar ook voor
de landmacht. Veel materiaal is verouderd,
meende hij.
een negatief marinebeleid.
Staatssecretaris C a 1 m e y e r (land- en
luchtmacht) ontkende dat er vertragingen
waren bij de mechanisering en modernise
ring van de landmacht. Bij de luchtmacht
komen er de volgende jaren wellicht meer
geleide projectielen en wordt het aantal
vliegtuigen minder. De heer Calmeyer be
twijfelde het nut van gemechaniseerde mo-
milisabele strijdkrachten; bij herhalings
oefeningen zouden er volgens hem proble
men ontstaan.
ROME (UPI) De eerste officiële Frans-
Tunesische besprekingen sedert de bloedige
strijd om de marinebasis Bizerta zijn te
Rome in een waas van geheimhouding be
gonnen. De delegaties die tijdens twee zit
tingen in de Franse en Tunesische ambas
sades een begin maakten met de opstelling
van een agenda voor formele onderhande
lingen over de huidige problemen, waar
onder de netelige kwestie Bizerta, lieten
weten dat het nog „te vroeg" is om een
verklaring uit te geven over het verloop
van de voorbereidende besprekingen, wel
ke, naar verluidt, nog twee dagen in be
slag zouden nemen.
President Habib Bourguiba van Tunesië
heeft herhaaldelijk verklaard dat de Fran
se soldaten moeten worden teruggetrokken
uit de marinebasis, welke voor Frankrijk
een van de belangrijkste strategische ver
sterkingen in het Middellandse Zeegebied
vormt. Bourguiba heeft het geschil met het
oog op de internationale spanningen om
Berlijn echter voorlopig laten rusten.
(Van onze parlementaire redacteur)
Het debat over de grenswijzigingen
in het Gooi en vooral de daaraan vast-
ekoppelde kwestie-Bijlmermeer is gis
termiddag
De Henri Sijthoffprijs voor het beste jaarverslag, beschikbaar gesteld door de heer
H. A. H. Sijthoff (algemeen directeur van de n.v. Hendrik Sijthoff's Financiële Bladen
te Amsterdam) is dit jaar toegekend aan (in alfabetische volgorde): De Koninklijke
Nederlandsche Hoogovens en Staalfabrieken te IJmuiden, de Sikkens' Groep te
Sassenheim, en de Twentsche Bank te Amsterdam. De keuze werd gedaan uit de
nummers X yan acht groepen, waartoe buiten de drie voornoemde vennootschappen,
behoorden: Van Gelder Zonen, Van der Heem. Kempkes' Meubelfabrieken, Stoom
vaart Maatschappij „Nederland" en Nieuwe Rotterdamsche Courant. De Henri Sjjt-
hoffprjjs werd voor het eerst beschikbaar gesteld in 1954.
In een samenkomst (in Carlton te
Amsterdam) van genodigden uit de fi
nanciële wereld is de prijs gisteravond
uitgereikt na een toespraak door de heer
J. C. van Marken, voorzitter van de
Vereeniging voor den Effectenhandel.
Deze merkte op, dat in Europees ver
band het thans in Nederland gemiddeld
bereikte verslaggevingspeil gunstig af
steekt en dat vooral de verslagen van de
Nederlandse internationale con-
igrote
geringe cerns (-en voorbeeld kunnen worden ge-
v an i steld aan de besturen van een aantal
Minister Cals is, ondanks het
resultaat in de zomer van 1961
vrijwillig overleg betreffende de vakan
tiespreiding, van oordeel, dat het welbe- grote buitenlandse ondernemingen
grepen eigenbelang op den duur tot een
meer omvattende regeling der vakantie- De heer Van Marken hoopte dat in de
spreiding op vrijwillige basis zal leiden, komende jaren een nog verdergaande
De vakantiespreiding is niet een materie, vooruitgang en verbetering zal kunnen wor-
die zich leent voor een gedwongen rege- den bereikt. Met name wees hij op de wen
ling in de onderwijswetgeving, een rege- selijkheid .dat in de jaarverslagen afzonder
ling, die, hoe goed wellicht ook, allerlei lijke mededelingen worden gedaan betref
weerstanden zou opwekken. fende de direct verschuldigde en omtrent
Een vrij groot aantal personen, hoewel de latent verschuldigde belastingen. Zon
niet gebonden aan schoolvakanties, blijft der dit onderscheid mist immers het be-
toch de zomervakantie, om welke reden lastmggegeven de waarde-, die er aan ver--
dan ook, in de traditionele periode ne- bonden dient te zijn. Tussentijdse medede-
men. Een aantal gemeente- en schoolbe- lingen zijn welkome gegevens, waaraan
sturen verleent wél medewerking aan de juist in tijden van veranderlijke conjunc-
vakantiespreiding. Daaruit concludeert de tuurvooruitzichten in sterk toenemende
minister, dat de huidige onderwijswetge
ving een veel geringer beletsel voor een
verantwoorde vakantiespreiding vormt dan
men wel doet voorkomen. Geen enkele
wettelijke bepaling verzet zich tegen het
verschuiven van de schoolvakanties van
het lager onderwijs binnen de langere
schoolvakanties van het voortgezet onder-
wijs.
Bij het overleg met de Stichting Re
creatie is gesuggereerd een commissie bij
de S.E.R. in het leven te roepen, welke
commissie jaarlijks een advies zou kun
nen uitbrengen omtrent de spreiding der
vakanties na de Onderwijsraad en de
Stichting van de Arbeid te hebben ge
hoord. Over deze suggestie is het over
leg nog gaande.
De officier van Justitie bij de Groningse
rechtbank heeft 12 jaar gevangenisstraf
geëist tegen een 54-jarige landbouwer uit
Opende, die op 25 juli van dit jaar in
dolle woede zijn buurman met een hooi
vork in de borst had gestoken tengevol
ge waarvan deze was overleden.
Ter zitting bleek, dat de verdachte
bijna twee jaar in onmin leefde met zijn
buurman. Deze zou hem op de fatale
dag met een schopstoel enkele slagen op
het hoofd hebben gegeven, waardoor het
bloed langs zijn gezicht liep. Ter zitting
verklaarde hij, dat hij daarna in dolle
woede een hooivork greep en daarmee
zijn tegenstander had gestoken. „Ik wilde
me verdedigen, maar ik wist niet dat ik
hem geraakt had", verklaarde hij.
In zijn requisitoir zei de officier van
Justitie, dat hier niet gesproken kan wor
den van noodweer. De verdachte had kun
nen weglopen. Hij had in geen geval het
récht een wapen als een hooivork te pak
ken en daarmee te steken. De verdedi
ger deed echter wel een beroep op nood
weer. Op 21 december doet de rechtbank
uitspraak.
De stichting Leidsch Universiteitsfonds
is bevoegd verklaard tot het vestigen van
een bijzondere leerstoel bij de faculteit der
geneeskunde van de rijksuniversiteit te
Leiden in de leer van de wereldgezond
heidszorg. Voor zover bekend is dit de eer
ste leerstoel vandeze aard in Europa. Prof
dr. J. II. de Haas zal deze leerstoel be
zetten.
Prof. De Haas is, mede door een lang
durige tropenervaring (hij was ondermeer
hoogleraar in de kindergeneeskunde in
Djakarta), deskundige op het internatio
nale terrein van de volksgezondheid. Vaak
is hij dan ook door de Wereldgezondheids
organisatie als deskundige in expert-,
advies- en voorlichtingsgro»pei benoemd.
Hij is thans hoofd van de afdeling voor
sociale hygiëne van het Nederlands Insti
tuut voor Preventieve Geneeskunde te
Leiden.
mate behoefte is.
Daarna sprak mr. J. Meynen, directeur
van de Algemene Kunstzijde Unie n.v. te
Arnhem, over „werknemersmedezeggen-
schap en de oplossing van het sociale
vraagstuk in de onderneming". In welke
richting, aldus spreker, men de oplossing
ook zoekt, het principe blijft gelijk: de
werknemers dienen te worden betrokken
bij belangrijke beslissingen en wel zoda
nig, dat deze beslissingen mede door hen
worden genomen of aan hun goedkeuring
worden enderworpen.
Spreker stelde voorop, dat men van de
kant van de onderneming een bijdrage mag
verwachten tot oplossing van het sociale
vraagstuk. Eerste uitgangspunt daarbij is,
dat wij de voorstellen moeten beoordelen
naar de betekenis voor de oplossing van
t mondigheidsvraagstuk binnen de onder
neming. Het tweede uitgangspunt heeft be
trekking op de continuïteit van de onder
neming, aangezien het tot de eerste taak
van de ondernemer behoort er voor te zor
gen, dat de aan hem toevertrouwde pro-
duktie-cenheid blijft voortbestaan.
„Tegenwoordig beschouwen we het
zeer'terecht als normaal via werkcom-
missies en voorlichting de werknemers op
de hoogte te brengen, en waar zulks zin
vol is ook hun advies te vragen", aldus
spreker.
Een van de belangrijkste oorzaken van
de feitelijke geringe mondigheid van de
werknemers van de lagere niveaus achtte
spreker gelegen in het ontbreken van vol
doende kennis en inzicht. Het bevorderen
van kennis en inzicht van het personeel
acht hij van groot belang. Het eerst nodige
is de werknemer een zinvolle en vooral
verantwoordelijke plaats te geven in het
produktieproces. De indirecte mondigheid
wilde spreker zien als een gevolg van de
directe mondigheid.
„Wanneer we er in zullen slagen de ar
beiders meer verantwoordelijkheid te ge
ven in hun werk, dan zullen deze werk
nemers beter in de onderneming worden
geïntegreerd, en daardoor belang hebben
bij en belangstelling tone^ voor dfr al-,
gemene gang van zaken".
Ook vakbonden
Ook vakorganisaties kunnen een belang
rijke bijdrage leveren „om de werknemer
in plaats van zuiver loongericht meer ar-
beidsgericht te maken." Spreker deed een
beroep op de vakbonden om ook in hun or
ganisatorische opbouw die wijzigingen aan
te brengen, die de persoonlijke directe
mondigheid stimuleren, opdat de behoefte
aan indirecte mondigheid te weten door
representatie van de vakbondsleiders, wor
de vergroot. De werkgevers suggereerde
hij. dat aandeelhouders in het vervolg ook
persoonlijkheden, die speciaal met de so
ciale problematiek op de hoogte zijn, tot
commissaris zullen verkiezen.
OOOOOOtXOOOOOCOOOOOOOOOOCOOOOOOOOOOOOCODOOOOCOCOOCOOOOOO
dienen uiterlijk op woensdag te worden
betaald, daar de bezorgers op donder
dag moeten afrekenen.
DE ADMINISTRATIE
peus is de verdere behandeling van het
onderwerp geschorst, nadat de Kamer
de Tweede Kamer vast
gelopen. Op verzoek van minister Toxo-
met een meerderheid van drie stemmen
(67—64) een motie van de heer Scheps
(P.v.d.A.) had aangenomen waarin de
minister werd gevraagd het voorstel in
nadere overweging te nemen.
Niet slechts de beslissing over de om
streden indeling van de Bijlmermeer bij
Ouder-Amstel, zoals was voorgesteld, is nu
uitgesteld, maar ook de opheffing van de
gemeenten Ankeveen, 's-Graveland en Kor-
tenhoef. Weesp en Weesperkarspel alsme
de de vorming van nieuwe gemeenten
s-Graveland en Weesp en grenswijziging
van Hilversum en Naarden. De Bijlmer
meer behoort tot de op te heffen gemeen
te Weesperkarspel. Dat al deze wijzigin
gen in een verzamelontwerp waren opge
nomen heeft zich nu dus wel gewroken.
Vóór de motie-Scheps stemden alle socia
listen, pacifisten en communisten bene
vens enige liberalen, anti-revolutionairen,
christelijk historischen en K.V.P.'ers.
Minister Toxopeus moest dus wel tot de
conclusie komen, dat een meerderheid
niets voelde voor indeling van de Bijlmer
meer bij Ouder-Amstel. Een meerderheid
voor toevoeging aan Amsterdam zou er
evenwel ook niet geweest zijn, want van
de zijde der C.H.U. was door mr. Beer-
nink betoogd, dat de polder voorlopig ner
gens bij ingedeeld moest worden, maar tij
delijk een apart bestaan zou kunnen lei
den. Het amendement van de heren
Scheps (P.v.d.A.), Koersen (K.V.P.) en
Van Leeuwen (V.V.D.) om de polder bij
Amsterdam onder te brengen is door de
gang van zaken uiteraard niet meer in
behandeling 'gekomen. Dit amendement
was door de minister reeds ernstig ontra
den.
De Nederlandse boeren en tuinders zul
len van het ministerie van Landbouw en
Visserij binnenkort een ka.art ontvangen
met beknopte richtlijnen, die aangeven hoe
zij met vee, gewas en de voor aflevering
bestemde voedingsmiddelen dienen te han
delen bij het optreden van radioactieve
neerslag tengevolge van kernontploffingen.
De richtlijnen zullen vergezeld gaan van
de brochure „Radioactieve neerslag en
landbouw", waarin de aanbevolen maatre
gelen nader worden verklaard en toege
licht. Als instanties die advies kunnen ge
ven over de te nemen bedrljfsmaatrege-
ien worden de plaatselijke bure.auhouders
van de Land- en Tuinbouwvoorlichtings
dienst genoemd.
Bij waarschuwing voor naderende radio
actieve neerslag er zal dan ten hoogste
nog een uur beschikbaar zijn voor de
meest noodzakelijke maatregelen wordt
aanbevolen het niet-inwonende persone-
dadelijk hilar*hbrf te-sturén en-%T het vei
doch in de eerste plaats het melkvee, in
btallen en hokken te drijven. Voedsel- en
watervoorraden in silo's, kuilen en putten
moeten met aarde, zeildoek of plastic wor
den afgedekt. Pluis, stallen, hokken, schu
ren en glascultures moeten zo stofvrij mo
gelijk worden afgesloten. Gecontroleerd
moet worden of de schuilplaats in huis of
stal is voorzien van al het nodige voor een
verblijf van twee dagen tot een week.
Bij alarm voor onmiddellijk gevaar van
radioactieve neerslag moet de boer of tuin
der met zijn buiten werkend personegl on
middellijk naar binnen gaan. Vee en voed
sel dat dan nog buiten is, mag niet meer
naar binnen worden gebracht. Als na de
radioactieve neerslag toestemming is ge
geven om een bepaalde tijd buitenshuis te
zijn, moeten buitenshuis oliekleding en
rubberlaarzen en -handschoenen worden
gedragen. Ook haren, mond, neus, ogen en
oren moeten worden beschermd. Vee dat
tijdens de radioactieve neerslag buiten
geweest, mag pas binnen worden gebracht
nadat het door afwassen met stromend wa
ter is ontsmet.
Ned. Herv. Kerk
Bedankt voor Sint Annaland E. J.
Schimmel te Oud-Beijerland voor We-
meldinge (toez.) L. Boer te Haamstede.
Bedankt voor de benoeming tot bijstand
in het pastoraat te Odijk H. Mondt, a.s.
emeritus predikant te Haren (Gron.).
Geref. Kerken
Beroepen te Nieuwolda (Old.) P. Gil
huis, kand. te Amsterdam.
Geref. Gemeenten
Beroepen te Krabbendijke P. van der
Bijl te Barneveld voor Dordrecht K. de
Gier te 's-Gravenhage.
Geref Kerken (Vrijgemaakt)
Beroepen te Wageningen B. van Zuijle-
kom te Wetsinge-Sauwerd.
Donderdagmiddag, kwart over twee. Een diep bedroefde Italo Colombo
knielt in de dikke laag modder van het Amsterdamse Bos aan de rand van de
anderhalve meter diepe kuil, waarin zijn lafhartig vermoorde broer Bruno kort
tevoren is aangetroffen. Hij slaat een kruisje en bidt. Dan staat hij op, loopt op
een van de zes beukebomen toe, die de lugubere plek omzomen, en kerft met
zijn mes een kruisje in de bast van de stam, met daaronder de initialen C. B. Een
rechercheur ontbloot het hoofd en terwijl tientallen politiemannen doodstil toe
kijken, snijdt hij in een andere boom de datum, waarop een kogel een eind
maakte aan het leven van zijn 25-jarige broer: 12-11-61.
b-
N
**V-- -
V J<i>
- tón-
is
VV"
Op vrijwel hetzelfde ogenblik geeft
de 22-jarige student Enrico Prisco na een
verhoor van zestien uur in Milaan toe,
dat hij schuldig is aan de roofmoord op
Bruno Colombo en dat hij heeft mee
gedeeld in de buit. Hij legt de bekente
nis af tegenover de 36-jarige kapitein
der Milanese Carabinieri, Antonio Scel-
fo, dezelfde die dinsdag de in Parijs
in*q»-e$t zijnde Italiaanse horlogemaker
Sergio Guazzardi tot een bekentenis
dwong.
Op het laboratorium van de Amster
damse politie bevindt zich de in de auto
van Colombo gevonden kogel waarmee
de moord is gepleegd en het pistool dat
ervoor werd gebrinkt.
De moordzaak-Bruno Colombo is
rond. Het slachtoffer is gevonden, het
wapen is terecht en de daders zitten
vast en hebben bekend.
Toen Italo Colombo op 24 november de
verdwijning van zijn broer Bruno bij de
Amsterdamse politie meldde, tastte men
volkomen in het duister. Nog dezelfde
avond signaleerde men Guazzardi in de
nachtclub „The Blue Note", maar er was
geen aanwijzing die zijn aanhouding wet
tigde. Zelfs toen via Interpol inlichtingen
werden gevraagd over de inmiddels uit
Amsterdam vertrokken Guazzardi en de
eveneens verdwenen studenten Prisco en
Calapso waren de gegevens nog zo sum-
Geen roman
Toen donderdagavond, vrijwel even
plotseling als hij was opgekomen, de
storm, die bij de behandeling van de be
groting van Defensie het bootje van mi
nister Visser scheen te -bedreigen, weer
was gaan liggen, gaf een van 's minis
ters medewerkers mij nader uitleg van de
door zijn minister aangenomen houding.
.Hij wil geen roman schrijven." kreeg
ik te horen. En hiermee bedoelde mijn
zegsman dan uit te leggen, dat de botsing,
die zich een ogenblik tussen prof. Oud,
de fractieaanvoerder van de V.V.D., en
diens partijgenoot, de minister van Defen
sie, had voorgedaan, uit het volgende was
voortgekomen. De minister was niet be
reid geweest, over de zaak-Van der Put
ten een nota aan de Kamer te sturen
waardoor hij alle denkbare en ondenkba
re wellicht ook valse betichtingen aan
het adres van met name vermelde figu
ren uit b.v. het vroegere Koninklijke Ne
derlands-Indische leger, aan de openbaar
heid zou prijs geven.
Die weigering om zelf als „roman
schrijver" op te treden, bleek echter be
paald niet in te houden dat, indien de Ka
mer het voor haar verantwoordelijkheid
zou willen nemen om het auteurschap op
zich te nemen van een roman waarvoor
all.een de stof door de minister geleverd
zou moeten worden, de minister dan ook
daartoe niet bereid zou zijn. Neen, ten lan
gen leste gaf hij, zij het een beetje schoor
voetend, te kennen dat hij, als puntje bu
paaltje mocht komen, aan alles wat de
Kamer zou verlangen, zou voldoen.
Eerlijk, maar onhandig
Woensdag had de heer Oud er met klem
op aangedrongen, dat de minister van De
fensie de nodige opening van zaken zou
geven omtrent de „kwestie-Van der Put
ten", omdat door diens niet-waargemaak
te ernstige beschuldigingen, waaronder
zelfs die van hoogverraad van tot de
krijgsmacht behoord hebbende personen,
en het daarop gevolgde ontslag wegens
„ongeschiktheid" nu eenmaal grote on
gerustheid in het land is ontstaan. Daar
om diende de minister er nu, volgens
prof. Oud, met behulp van een nota aan
de Kamer toe mede te werken dat, even
tueel door middel van een openbaar debat
naar aanleiding ❖an zulk een nota, „de
onderste steen boven zou komen", iets
wat minister Visser kort geleden gezegd
had zelf te willen bewerkstelligen.
Het ministeriële antwoord, dat men don
derdagmiddag te horen kreeg, getuigde
ongetwijfeld van eerlijkheid en van een
als zodanig te prijzen fatsoensgevoel.
Toch kwam het op een zo ongelukkige
manier over het voetlicht, dat ook dege
nen, die gaarne vertrouwen in 's minis
ters oprecht goede bedoelingen stelden,
het gevoel kregen dat hij in feite een al
te terughoudend beleid met betrekking tot
voorlichting van de Kamer wilde voeren.
Zo legde hij alle nadruk op een drietal
voorbehouden, die hij met betrekking tot
de ter kennis van de Kamer te brengen
gegevens wenste te maken. Zulk een no
ta zou volkomen moeten zwijgen over al
les wat de ontslagverlening aan de heer
Van der Putten raakt, aangezien de ont
slagkwestie zelf vermoedelijk bij het
ambtenarengerecht vóór zal komen. Ver
der kon het stuk onmogelijk enig oordeel
bevatten over het beleid van vorige mi
nisters betreffende de zaak-Van der Put
ten en met wat daarmee samenhangt. En
tenslotte weigerde minister Visser van
zijn kant enige bijdrage te leveren waar
door nog verdere sensatie en ongegronde
bekladding van allerlei mensen zou kun
nen ontstaan. Door de vorm, waarin dit
alles werd gezegd, kon licht de (overigens
verkeerde) indruk post vatten, dat de be
windsman er op uit was zeer veel, moge
lijk tè veel, geheim te houden.
Opzienbarend optreden
Met een geweldig jeugdig vuur nam
hierop de V.V.D.-fractieleider de minister
van Defensie onder handen. De woorden
zelf, die de heer Oud bezigde, waren al
leszins toelaatbaar. De toon echter klonk
buitengewoon onwelwillend. Niet alleen
Excellentie Visser maar ook anderen
schrokken er bepaald van. Het leek wel
alsof de liberale Kamerleden regelrecht
aanstuurden op een aanslag op het mini
steriële leven van de onthutste bewinds
man.
Als motief voor zijn verontwaardiging
voerde de liberale woordvoerder aan dat
het hem te doen was om het recht van
de Kamer, door de minister behoorlijk op
de hoogte te worden gesteld. Hem was
met de vriendelijkste bedoeling de gele
genheid aangeboden om aldus te werk te
gaan. Doch helaas had hij geweigerd de
hem uitgestoken hand aan te nemen. Zie
ik het goed, dan speelde bij de heer Oud,
ook een rol, dat hij te voren minister Vis
ser geadviseerd had hoe deze diende te
handelen, waarna de minister dat advies
echter naast zich had neergelegd. In hoe
verre bovendien tevens bepaalde overwe
gingen van politieke taktiek invloed op
het opzienbarend optreden van prof. Oud
hadden uitgeoefend, valt moeilijk uit te
maken.
De ontknoping
Pas helemaal op het laatst maakte mi
nister Visser duidelijk dat hij desgewenst
nog iets verder wil gaan. Indien de Kamer
mocht vinden, dat zijn nota waarin hij
alleen een historisch overzicht wil geven en
die dus niet de aangelegenheden zal be
vatten waarvoor hij zijn voorbehouden
had gemaakt niet voldoende ophelde-
'ring verschaft, is hij bereid tot levering
van aanvullend materiaal. Let wel, niet
eigener beweging wenst hij dus met diver
se zaken openlijk voor de dag te komen.
Neen, daartoe zal hij pas overgaan wan
neer de Kamer van haar kant met ver
langens zou komen aanzetten. „Mocht de
Kamer meer vragen dan ik in mijn nota
zal geven, dan sta ik tot haar beschik
king." Met deze woorden onderstreepte
de minister in het bijzonder zijn princi
piële standpunt: de Kamer zal't voor haór
verantwoordelijkheid hebben te nemen
eventueel namen in de openbaarheid te
brengen van mensen die zonder voldoen
de bewijs van bedenkelijke dingen beticht
worden, met het gevolg dat deze mensen
in opspraak zullen komen.
Nauwelijks had de minister van Defen
sie zich in die trant geuit, na zijn dupliek
te zijn begonnen met te gewagen van een
mogelijk „misverstand", dat kon zijn ont
staan door zijn opmerking over wat hij zo
al buiten zijn nota wenste te houden, of een
volslagen kalme sfeer keerde terug. Zelfs
de heer Oud had geen enkele behoefte
meer nog iets in het midden te brengen.
In zijn ogen was nu voldaan aan wat hij
had gewild. En dus kon men thans ver
der rustig afwachten, wat het ministeriële
stuk straks zal blijken in te hoüden.
De wijste partij
Voordat de hier enigermate weergege
ven opschudding in de vergadering ont
stond, had er zich bij een veel onschul
diger agendapunt een merkwaardige gang
van zaken voorgedaan. Minister Toxopeus
stuitte op heel wat tegenkanting ten op
zichte van een der onderdelen van een
wetsontwerp tot hergroepering van enige
gemeenten in het Gooi. De minister wil
de, zoals bekend, de Bijlmermeerpolder
bij Ouder-Amstel voegen, doch van tal
van kanten waren er supporters opge
staan voor Amsterdam, waaraan men dat
gebied gunde. Een motie-Scheps (Arb
de minister uitnodigende om deswege het
wetsontwerp nader in overweging te ne
men, nam de Kamer met 67 tegen "4
stemmen aan. De minister koos na een
kwartiertje stil beraad de wijste partij
Hij vroeg schorsing der beraadslagingen
en zal thans vermoedelijk nog eens trach
ten na te gaan of er toch nog kans be
staat zijn voorstel uiteindelijk, wellicht op
een enkel punt ietwat gewijzigd, er door
te krijgen, dan wel of het maar beter zal
zijn het in te trekken om het te vervan
gen door een ontwerp, dat Amsterdam
groter zal maken. Het pleitte voor de takt
die deze bewindsman trouwens eigen is
dat hij de hier beschreven weg bewandel
de. Hij deed zulks met een opgewekt ge
laat en inderdaad, hier was eer van een
komedie dan van een drama sprake!
Dr. E. van Raalte
De 22-jarige student Enrico Prisco bij
zijn verhoor in Milaan. De foto werd
genomen door een raam van het ge
bouw. Na zestien uur lang tegenstand
te hebben geboden ging Prisco door
de knieën en bekende zijn medeplich
tigheid aan de roofmoord op Bruno
Colombo. Over het midden van de
foto loopt een stijl van het raam. Ach--
ter het bureau rechts zit de man die
de student ondervraagt.
(Telefoto)
mier, dat" men genoegen moest nemen meri
een voorlopig verhoor, dat resp. in Parijs
en Rome werd afgenomen en waarna de
mannen weer op vrije voeten werden ge
steld.
De eerste aanwijzing die houvast gaf
kwam van een Amsterdams meisje, dat
zoals de officier van Justitie, mr. Van Re-
nesse pas gisteravond onthulde verklaar
de door Guazzardi te zijn benaderd met
het voorstel om Bruno Colombo op zater-
dag 11 november (een dag voor de moord
plaats had) mee te lokken naar een stille
plek. Een ijlings naar Parijs gereisde
hoofdinspecteur Sanders wist toen de ar
restatie te bevorderen van Guazzardi, m
afwachting van een uitleveringsprocedure
die door Nederland zou worden ingesteld.
Een tweede voor deze Italiaan zeer be
lastende aanwijzing kwam van een Am
sterdamse wapenhandelaar. Deze verklaar
de dat Guazzardi een pistool dat hij een
jaar geleden bij hem had gekocht, na 12
november weer aan hem had terugver-
kocht. Maandag kwam de politie in het
bezit van het wapen. Gisteren is er ten
overvloede een nieuw belastend feit bijge
komen: een verkoper van een ijzerhandel
op het Singel in Amsterdam verklaarde,
dat hij op 10 november aan twee Italia
nen een spade heeft verkocht. Het signale
ment dat hij van de mannen gaf komt
overeen met dat van Guazzardi en Prisco.
Het staat wel vast dat Guazzardi en
Prisco met het lichaam van hun slacht
offer in de kofferruimte van diens auto
naar Amsterdam zijn gereden. Met grote
koelbloedigheid hebben de daders de wa
gen eerst aan het Noordzeekanaal gewas
sen. Vervolgens hebben ze, met nog steeds
de dode in de kofferruimte, de auto twee
dagen achtereen geparkeerd laten staan op
de Leidsekade voor het gebouw „Belle-
vue".
Aangenomen wordt, dat de beide man
nen in de nacht van 13 op 14 november
naar het Amsterdamse Bos zijn gegaan om
de kuil te graven. Vermoedelijk hebben ze
toen gebruik gemaakt van de Opel, die zij
van 14 tot en met 16 november van een
autoverhuurinrichting aan de Overtoom ge
huurd hebben. In de nacht van 14 op 15
november is het lichaam van Colombo be
graven. De kuil lag ongeveer 200 meter
van de geasfalteerde autoweg die via ae
roeibaan naar Schiphol loopt. Zware regen
val in de daarop volgende dagen heeft al
le sporen uitgewist.
De Alfa Romeo hebben de Italianen naar
Den Haag gereden en achter gelaten op
het Lange Voorhout, waar hij op 26 novem
ber is gevonden. Beide verdachten zouden
hebben toegegeven dat het motief van óe
moord het geld was, dat Colombo bij zich
droeg. De omvang van de buit stond nog
niet vast.
De officier van Justitie te Amsterdam
heeft maandag bij de Amsterdamse recht
bank een verzoek tot bevel van gevangen
neming van Guazzardi ingediend, hetgeen
als een eerste stap in de vrij omslachtige
uitleveringsprocedure moest worden ge
zien. Ongebruikelijk snel heeft de recht
bank dit bevel uitgevaardigd, waarna de
officier de noodzakelijke volgende stappen
heeft ondernomen. Gisteravond echter had
het verzoek om uitlevering Nederland nog
niet verlaten.
De mogelijkheid bestaat dat ook de Ita
liaanse justitie de uitlevering van Guazzar
di vraagt en dat deze naar Italië wordt
gezonden. Enrico Prisco zal waarschijnlijk
in Italië worden berecht, omdat het zeer
ongebruikelijk is dat een land een eigen
onderdaan uitlevert.