- 59 - ABYMTMTlira IIAARLEMMERMEER-POLDER. IIAARLEMMERMEER-POLDER. IIAARLEMMERMEER-POLDER. IIAARLEMMERMEER-POLDER. Haarlemmermeer. Weiland te Huur. MAATSCHAPPIJ lotY\etoVvYicerenan Guanine* J. BUIJN COMP. Te Huur: Bij J. NOORDENDORP, te Amster dam, zijn verschenen: men in een klein doosjedat men aan den brief bindtterwijl men op het adres zetMet een mon ster annex, zonder waarde." DE GAAUWE HAND, DE ROESTENDE SPIJKER EN DE GEDROOGDE GRASZODE. die koope een horentje, nog geen oogen orn te zien, die koope een knijpbrilletje bij Gudendag NieuwveenYAN HULST. 9/10 Eeuw. Kijkze'n maag die had een lek l'ronl genezen met jouw spek Dr. H. Men zegt: „Eet een varken weinigblijft het veel liggen loopt het zijn hok in de rondteen vooral komt het met stroo op den nek naar de zeuning toe dan is de gaauwe hand er bij geweest;" met andere woorden„dan is het door den een of anderen kwaad- willigen, die meer kracht bezit dan een gewoon Adams- kind, betooverd." Wat nu te doen? Loop dan ijlings naar een bezweerder, om het varken weder te laten onttooveren. Die man nu zal u om een weinig roggemeel vragen en ditonder het prevelen van eenige onverstaanbare woordenop den rug van het dier strooijenen O wonderhet zal genezen zijn. Verder: „heeft uw paard een spijker in den voet getrapt, trekt deze er dan dadelijk uit en steek hem in 't vet, opdat hij niet roeste, want, als die spijker roest, kan de wond niet genezen." Eneindelijk: „lijdt eene koe aan eene verzwering tusschen de klaauwen neem dan het oogenblik waar dat haar voet op den grond rust en snijdt eene graszode er uit, juist zoo groot als de lijdende voet isleg nu deze zode op de plankdie men in ouderwetsche schoorsteenen vindten zoodra ze verdroogd iszal het ongemak der koe hersteld zijn." Ziedaar drie wonderbaarlijke genezingen Men be- were nu niet, dat de genoemde verschijnselen aan meest alle ziekten van het varken eigen zijn, en dat, wijl ze gewoon zijn zieh bij ongesteldheid onder het stroo te verbergenhet zeer verklaarbaar is dat er bij het oprijzen een strootje of wat op den borsteligen nek blijft liggenen die ligte ongesteldheden van een zoo gulzig dier in de meeste gevallen eene ophoo- ping van onverteerbare stoffen tot oorzaak hebben die dan door het instinctmatig vasten weder worden opgeruiinddat die spijkerwonden bij het paard als ze naar geen belangrijke deelen in den lioef ge- kwetst hebben en de etter slechts een uitweg naar onderen heeft, veelal spoedig en uit zich zelven genezen; maar dat het vrij wat beter zou zijn, bij het beslaan en bij het timmeren in den stal of aan de hekken in 't land, niet zoo roekeloos met nagels en spijkers om te gaan en de onbruikbare links en regts weg te werpen; eindelijk, dat zoodra de koe den ontstoken voet weder vlak op den grond durft zetten en er op steunenhet grootste gevaar geweken de meeste pijn geleden is en de goede moeder Natuur zich dan wel eens verder zelve redt. Wei foeiwat eene betweterij zou dat niet zijnIk althans zal het wel laten openlijk te bekennen, dat ik van een en ander geen jota geloof; integendeel, hun die er nan geloovenwil ik nog een goeden raad op den koop toegeven. Ze is deze Zijdie de bovennatuurlijke magt bezittenzulke wonderbare genezingen te kunnen doenzijn meestal behoeftig, en kan het ook wel anders, de kunst loopt bij den weg en ze mogen er niets voor vorderen trouwens zulke kunsten zijn met geen goud te betalen, zijn voor geen goud te leeren't is eene gave Maar wel mogen ze een geschenk voor hunne moeite aannemenen daaromals men u naar roggemeel vraagt om uw varken te genezen, begrijp dan toch dien wenken geef den armen stakker eene mate meels; als men u zegt: „steek dien spijker dadelijk in 't vetOehgeef den kwant dan een ferm stuk vet spekhij geeft u immers bedektelijk te kennen waar hij zoo'n trek in heeft; eindelijk, neemt men het zoodjeonder de poot uwer koe vandaanmede naar huis om te laten droogen, Eilieve! verzuim dan toch nietde goeije man ook een brandje meS te gevenimmers hoe harder hij zijn vuurtje stoken kan hoe eerder het zoodje droog, hoe eerder uw koetje genezen zal zijn. En mogt onverhoopt het spreekwoord aan u bewaarheid wordendat n. 1. een ongeluk zelden alleen komt, en gelijktijdig uw varken betooverd, uw paard en koe beiden kreupel zijn, O wanhoop ook dan nog niet, want weder een ander spreekwoord zegt: „er is altijd een geluk bij een ongeluk," en neem dan wat roggemeel, wat spek en wat brand- stof envoor £ene spekkoek zijt ge er afProbatum Sit!!! Die nu nog geen ooren heeft omtehooren, VEEPACHTINGEN, DIJKGRAAF en HEEMRADEN van den Haarlem- mermeer-Polder znllen Verpachten: 1°. Op Zuid-Schalkwijkop Donderdag den Bden April 1860, des morgens ten 11 ure, voor den tijd van een jaar, de RINGDIJKENPOLDERKADEN en verdere GRONDEN, opgehouden of niet gegund bij de vroegere Verpachtingen 2°. Des namiddags ten 2 ure aan den Cruquivs voor den tijd van drie jaren, het REGT van JAGT op de GRONDEN en DIJKEN in 9 Perceelen, en de YISSCHERIJ in 5 Perceelen Ringvaart, en 6 Perceelen Binnenwater. De Omschrijving der Perceelen en de Voorwaarden der Yerpachting zijn verkrijgbaar aan de Secretarie van den Polder, te Haarlem. Haarlem26 Maart 1860. Dijkgraaf en Heemraden voornoemd, J. L. VAN DEB, BURCH, Voorzitter. E. W. VAN BREDERODE, Secretaris. AANBESTEDINGEN. DIJKGRAAE en HEEMRADEN van den Haarlem mermeer-Polder zullen op Zaturdag den 7den April 1860, des na middags ten 1 ure, in het Hotel de Kroon", te Haarlemovergaan tot de Openbare Aanbeste- ding bij enkele inschrijving, van: 1». Het VERDIEPEN van eenige Yakken TOGT in den Polder; en 2°. Ilet LEVEREN van eenige BENOODIGDHE- DEN voor de STOOMTUIGEN. De Bestekken en Voorwaarden liggen ter lezing bij de verschillende Opzigtersen Afdrukken daarvan zijn, op franco aanvrage, verkrijgbaar aan de Secreta rie van den Polderin de Groote Houtstraat te Haarlem. Haarlem, 27 Maart 1860. Dijkgraaf en Heemraden voornoemd, J. L. VAN DER BTJRCH, Voorzitter. E. W. VAN BREDERODE, Secretaris. in de Grootq Houtstraat te Haarlem, van den 3l«ten Maart tot en met den 14den April 1860. De Termijnen van Betaling zijn bij dat Kohier bepaald voor of op den lsten Julij en voor of op den 15den October 1860. Haarlem, 28 Maart 1860. Dijkgraaf en Heemraden voornoemd, J. L. VAN DER BURCH, Voorzitter. E. W. VAN BREDERODE, Secretaris. Geoctroijeerd bij Besluit van Z. M. den Koning dd. 8 Augustus 1855 gevestigd te Rotterdam. Deze MESTSTOF, waarvan de Bestanddeelen zijn BeerTJrine, Wol, Bloed, Afval van Lijmziederijen en Chemicalien. Is to bekomen tegen f 5 per 100 Ned, Ponden franco Boord. (Men leze omtrent het gehalte aan Slikstof, Chloor Alcalien den Boeren-Goudmijn 1860,N°. 1Pag. 22, door Professor Dr. L. Mulder.) Voor een Bunder is benoodigd het eerste jaar 600 a 700 Ned. P., het tweede jaar 400 a 500 Ned. P. Ledig Fust wordt in goeden staat (mits franco) terug genomen. Talrijke Attesten en nadere inlichtingen zijn te bekomen aan het Kantoor der Maatschappijen bij den Heer N. van DONSELAARDepothouder te Bennebroek. J. J. KORTMAN, Birecteur. Bij 5000 Ned. P. wordt een billijk rabat toegestaan. Kruisdorp te Haarlemmermeer. HOUTKOOPERIJVERW- en IJZERWAREN. MAGAZIJN van alle Soorten van Kaas- en Boeren- GereedschappenSchoppen, TouicwerkLijnen, Strengen, Leidsels, Wagensmeerbeste Lebben, Spinnat, enz. enz. DEPOT van echte ANNATTO of KAASKLEURSEL van Fullicood 8p Bland te Londen, en van DOC- CUMENSIS tegen SCHAPEN - SCHURFTvan den Heer A. Jorritsma, te Dockum. KENNISGE VING. DIJKGRAAF en HEEMRADEN van den Haarlem- mermeer-Polder Brengen bij deze ter kennis van de Ingelanden dat Hoofd-Ingelanden, in hunne op den 7deD dezer gehoudene Yergadering, uit aanmerking dat verschillende omstandigheden hebben medegewerkt, dat vele Ingelanden nog niet aan de op hen rustende verpligting ten aanzien van het daarstellen van meer- dere waterberging tot op dit oogenblik hebben vol- daanhebben besloten, aan alien die in het daarstellen dier meerdere waterberging tot op dit oogenblik nalatig zijn geblevenals algemeene maat- regel, een UITSTEL te verleenen tot den laden November aanstaande. DIJKGRAAF en HEEMRADEN vertrouwen dat de Ingelanden zich dit Uitstel zullen benuttigen, om aan hunne verpligting te voldoen, en mede te werken om zoo spoedig mogelijk de vruchten te kunnen plukken van een maatregelwelke in het algemeen belang des Polders is genomen. Haarlem, 27 Maart 1860. Dijkgraaf en Heemraden voornoemd, J. L. VAN DER BURCH, Voorzitter. E. W. VAN BREDERODE, Secretaris. DIJKGRAAF en HEEMRADEN van den Haarlem- mermeer-Polder verwittigen de Belanghebbendendat het door Hoofd-Ingelanden, in hunne op heden ge houdene Yergadering vastgestelde KOHIER van OMSLAG, Dienst 1860, voor de Ingelanden ter visie zal liggen aan de Secretarie van den Polder, De Ondergeteekenden berigten bij deze aan alle Landbouwers en Belanghebbenden, dat zij gedurende de maanden April, Mei en Junijweder als gewoon- lijk op de BEESTENMARKT varen te Leiden, met Koeijen, Varkens, Sciiapen enz., te beginnen op Donderdag den 12 April, 's namiddags ten 2 /2 ure van den Bennebroekencegen Vrijdags ten 12 ure weder van Leiden. Wed. SPAARGAREN en ZONEN. Schippers te Aalsmeer. 24 BUNDERS LAND, voor een jaar. Ook bij Perceelen, in Haarlemmermeer. Te be vra gen bij den Heer C. STOLWIJK, Sectie I, N°. 21. Om te weiden in het jaar 1860, en, des verkie- zende, ook in 1861, wordt IN HUUR aangeboden VIJFTIEN BUNDERS reeds drie jaren GEWEID LAND, gelegen in Sectie LAfdeeling Beinsdorp van den Haarlemmermeer-Polder. Met franeo Brieven te bevragen bij den Heer D. W. P. WIS- BOOM Binnenkant te Amsterdam. 1. STUKKEN, betreffende het Regtsgeding omtrentr de Grondbelasting in den Haarlemmermeer-Polder Uitgegeven door C. M. Bronkhuyze, C. E. IIeyn- sids en J. A. Pol. 0.75 2. BESCHOUWINGEN omtrent het geschil aangaande de Grondbelasting in den Haarlemmermeer-Polder, naar aanleiding van de gedrukte stukkendoor C. E. IIeynsius0.60 3. BEDENKINGEN tegen het Rapport der Commissie tot onderzoek naar de middelen, welke zouden zijn aan te wendenom aan alle landen van den Haarlemmermeer-Polder bij voorduring eene behoor- lijke waterontlasting te verzekeren. Door een NIET-INGPLANDbij een openbaren brief den Heer Dijkgraaf opgedragen1.25

Krantenviewer Noord-Hollands Archief

Weekblad van Haarlemmermeer | 1860 | | pagina 3